BBNC Geschiedenis

  • Het Ardennenoffensief in december 1944 was Hitlers laatste poging om de geallieerden in het westen in de verdediging te drukken. De bedoeling was om de belangrijke havens van Antwerpen te heroveren en zo de Amerikanen en Britten af te snijden die zich ten noorden daarvan bevonden. Het offensief kwam als een enorme verrassing en had een goede kans van slagen gehad als de Duitsers één stad en de heuvelrug daaromheen hadden veroverd: Elsenborn.
    'De Slag om de Elsenbornrug en de tweelingdorpen' vertelt het verhaal van de dappere mannen die door heldhaftige samenwerking en opofferingsgezindheid de belangrijkste poging van het Duitse Zesde Leger wisten te stoppen. Amerikaanse veteranen die hieraan deelnamen, herinneren zich de gebeurtenissen als de dag van gisteren, hoewel ze bijna zeventig jaar geleden gebeurd zijn. Ze herinneren zich ook hun kameraden die tijdens de slag stierven. William C.C. Cavanagh behandelt die kritische vijfdaagse strijd gedetailleerd in zijn werk. Het Ardennenoffensief werd op vele fronten uitgevochten, maar bij Elsenborn werden de Duitsers definitief gestopt door het Amerikaanse Eerste Leger.
    Auteur William C.C. Cavanagh heeft alle beschikbare bronnen geraadpleegd. Hij bestudeerde evalutatierapporten van eenheden en organisaties die bij de slag betrokken waren. Daarnaast bezat hij jarenlang een uitgebreid netwerk en beschikte hij over veel individuele contacten. Dat gold niet alleen de Amerikaanse deelnemers, burgers en verzetsmensen, maar ook voor Duitse commandanten op verschillende niveaus van de drie betrokken Duitse divisies. Een dergelijk omvangrijk onderzoek stelde de auteur in staat om de feiten van fictie te scheiden.

  • In 2014 is het precies 100 jaar geleden dat de Grote Oorlog uitbrak de term `Eerste Wereldoorlog ontstond natuurlijk pas nadat de Tweede was beëindigd.
    WOI was het resultaat van jarenlange diplomatieke onderhandelingen en (geheime) verdragen, waardoor in augustus 1914 ineens de centralen (Duitsland, Oostenrijk-Hongarije en het Ottomaanse Rijk) tegenover de geallieerden (Groot-Brittannië, Frankrijk en Rusland) stonden. In 1917 voegde de Verenigde Staten zich bij de geallieerden, waardoor de oorlog uiteindelijk werd gewonnen.
    De Eerste Wereldoorlog staat vooral bekend om de loopgravenoorlog, waarbij weinig tot geen terreinwinst werd geboekt. Maar het was tevens de oorlog met een aantal uiterst zinloze veldslagen (Verdun, Somme, Ieper, Marne, Tannenberg) met miljoenen slachtoffers. Een hele generatie jongemannen werd hierdoor weggevaagd; in Groot-Brittannië sprak men niet voor niets van de `lost generation. Terwijl België een van de belangrijkste slagvelden van de oorlog werd, bleef Nederland neutraal maar dat betekende niet dat de oorlog geen impact op ons land had.
    In "Een korte geschiedenis van de Eerste Wereldoorlog" zet Roel Tanja nog eens op een rij welke gebeurtenissen zich tussen 28 juli 1914 (de moord op Franz-Ferdinand) en 11 november 1919 (Wapenstilstandsdag) afspeelden. In ruim honderd korte hoofdstukken worden alle gebeurtenissen opgesomd, zodat de lezer eens te meer een overzicht krijgt van hoe deze oorlog verliep. Daarbij komen mensen langs als keizer Wilhelm II, Arthur Zimmermann, koningin Wilhelmina, Anthony Fokker, Philippe Pétain, Georges Clemenceau, David Lloyd George, Wilfred Owen, Woodrow Wilson en vele, vele anderen.
    "Een korte geschiedenis van de Eerste Wereldoorlog" is het verhaal van slimme en buitengewoon domme generaals en politici, van heldhaftige soldaten, onschuldige burgers en veel onnodig bloedvergieten. Wat ervan overbleef: `In Vlaanderens velden bloeien de klaprozen/ Tussen de kruisen, rij aan rij.

  • Oorlog is de moeder van uitvinding en geen oorlog genereerde meer ongelooflijke ideeën, meer technische vooruitgang en meer sprongen vooruit in de wetenschap dan de Tweede Wereldoorlog. Churchills oorlogsmachine kijkt naar die heksenketel van vindingen die uit de Tweede Wereldoorlog zijn voortgekomen; van straalmotor tot roll-on-roll-off-schip, van flying wing tot drijvende tank en van miniatuurradio tot geleide raket. Het boek beschrijft hoe Churchill zichzelf wierp op het werk van zijn ingenieurs en uitvinders, soldaten, matrozen en vliegeniers, en hoe hij zijn stempel drukte op de machines die in zijn naam werden gemaakt.
    Churchills oorlogsmachine geeft een onthullend beeld van Winston Churchill als een krijgsheer, als militair strateeg en als briljante, maar gekmakende leider om onder te werken. Het leven van een van de grootste mannen uit de wereldgeschiedenis wordt vanuit een nieuwe invalshoek beschreven. Churchills oorlogsmachine zal lezers van militaire geschiedenis, militaire technologie en leiderschap zeker aanspreken.

  • Na de geniepige aanval op Pearl Harbour wisten de Japanners dat zij zes maanden de tijd hadden om hun voordeel uit te buiten. Ze consolideerden hun veroveringen in Azië en bouwden in het geheim aan de grootste onderzeeër ter wereld: de Sen-toku. Deze boot was 120 meter lang en daarmee veel groter en vele malen geavanceerder dan de grootste Amerikaanse onderzeeboot. De Sen-toku kon per stuk drie bommenwerpers vervoeren en eindeloos onder water blijven. De Japanners wilden hiermee een aantal Amerikaanse steden en het Panamakanaal bombarderen, en hoopten zodoende de Verenigde Staten zodanig te demoraliseren dat zij zich uit de oorlog in het Oosten zouden terugtrekken.
    De Sen-toku was het geesteskind van admiraal Isoruku Yamamoto, de architect van de aanval op Pearl Harbour. De opvolger van de later gesneuvelde Yamamoto werd commandant Ariizumi die de bijnaam 'de Gangster' droeg, vanwege zijn moorddadige gedrag in de Indische Oceaan. Zo liet hij de overlevenden van het door hem getorpedeerde Nederlandse vrachtschip de Tjisalak meedogenloos vermoorden.
    In 'Operatie Storm' vertelt John Geoghegan de hele vrijwel onbekende geschiedenis van de Sen-toku. Daarnaast beschrijft Geoghegan ook de avonturen van de Amerikaanse onderzeeërs die gedurende de hele oorlog slag leverden met de Japanners. Want het was uiteindelijk de USS Segundo die de I-401 wist op te sporen. De patstelling die toen ontstond en de dramatische gebeurtenissen die daarop volgden, laten zich lezen als een roman, evenals de bizarre afloop waarbij de Amerikanen uiteindelijk de Sen-toku in handen kregen.
    'Operatie Storm' is niet alleen een geschiedenisboek met vele nieuwe en verrassende feiten, het beschrijft tevens de karakters van een aantal hoofdpersonen. Geoghegan ontvouwt en onthult zoveel verhaallijnen dat er over de rol van Japan in de Tweede Wereldoorlog hierdoor veel meer duidelijkheid bestaat dan voorheen.

  • Dokter in Arnhem

    Stuart Mawson

    Maandag 18 september 1944. Stuart Mawson wordt gedropt en komt in een Duitse pantserdivisie terecht. Een bittere strijd volgt, waarna hij van zijn bataljon wordt gescheiden.

    Nadat Mawson hulp heeft gekregen van een Nederlandse verpleegster, gaat hij naar Oosterbeek, waar Hotel Schoonoord door de eerste Engelse Airborne-divisie als noodhospitaal is ingericht. Meer dan vijfhonderd gewonden worden hier binnengebracht en zo goed mogelijk verzorgd. Op de kamers die eerder als gastvrij vakantieverblijf dienden,wordt nu gevochten voor mensenlevens. Omdat hij zo meer denkt te kunnen betekenen, blijft hij daar om de gewonden van de slag om Arnhem te verzorgen.

    Dokter in Arnhem is het meeslepende persoonlijke ooggetuigenverslag van de slag om Arnhem van de jonge en net gediplomeerde arts Stuart Mawson. Hij is medical officer in het Royal Army Medical Corps, verbonden aan het elfde parachutebataljon van de vierde brigade van de eerste Airborne-divisie. Hij beschrijft zijn ervaringen bij het verzorgen van de gewonden, ontmoetingen en emoties tijdens de zeven dagen van deze heldhaftige strijd.

    Vanuit het hart van de slag om Arnhem vertelt Mawson over de angst, de frustratie, de moed en het uithoudingsvermogen van de soldaten. Hij gaat in op de moeilijkheid van het niet actief kunnen deelnemen aan de strijd, waardoor hij niet in staat is de gebeurtenissen te beïnvloeden. Ook in zulke stressvolle omstandigheden blijken er echter verrassende relaties te kunnen opbloeien

  • 'We zagen de vlammenwerpers aan het werk... We waren stoofpot voor de vijand. Ik vond een brief van een pasgetrouwde paratroeper, die aan zijn vrouw schreef dat hij een kort verlof had geregeld, zodat hij haar kon helpen bij de komst van de baby. Hij was negentien, hij kwam uit Duisburg en hij was dood.'

    Op zeventienjarige leeftijd verliet Kenneth McAlpine zijn school om zich aan te sluiten bij Churchills nieuwe elitetroepen, de commando's van de Koninklijke Marine. Als jongste lid van dit korps streed hij drie maanden later al op de stranden van Normandië. In Schone laarzen, vuile handen vertelt McAlpine zijn unieke verhaal over de Tweede Wereldoorlog en zijn zeer avontuurlijke militaire loopbaan.

    McAlpine schetst een fascinerend beeld van het commandoleven, vanaf een ongewone ontmoeting met Montgomery en Patton, een gezamenlijke poging om een sergeant-majoor te vermoorden, tot aan de arrestatie van zijn beste vriend omdat die vloekte tegen de Nederlandse koningin Wilhelmina. McAlpines verhaal gaat over de rauwe werkelijkheid, vanaf de zware training die de soldaten voorbereidde voor het vechten aan het front, tot aan de bevrijding van Nederland. Het verhaal van McAlpine is doorspekt met anekdoten, zoals zijn tijd in een militaire gevangenis en een reddingsoperatie in een concentratiekamp.

    Schone laarzen, vuile handen is onontbeerlijk voor iedereen die meer wil weten over de Tweede Wereldoorlog, D-Day en de harder gevechten in Frankrijk en Nederland.

  • Het verschil tussen een overwinning en een nederlaag kan erg klein zijn; er wordt wel gezegd dat het vaak een kwestie is van de juiste mensen op de juiste plaats. Tijdens de Tweede Wereldoorlog in Europa gold dit zeker voor de Dog Company, de soldaten van het 2nd Ranger Bataillon van het Amerikaanse leger. Op 6 juni 1944, D-day, beklommen 225 mannen van de Dog Company de ruim 250 meter hoge, steile rotsen bij Pointe du Hoc. Na twee dagen vechten wisten zij de Duitsers op Omaha Beach te verdrijven en daarmee D-day tot een succes te maken; slechts negentig Duitsers waren nog in staat om hun wapens te dragen.
    Maar D-day was niet de enige keer dat de mannen van de Dog Company de beslissende overwinning behaalden. In het angstaanjagende Hürtgenwald veroverden zij de Burgberg (Hill 400), na een bajonetaanval waarbij ze een open veld moesten oversteken. Tegen alle verwachtingen in wisten zij de heuvel in handen te houden; eens te meer hadden de mannen van de Dog Company het verschil gemaakt. Ook bij andere cruciale veldslagen waren het vaak de mannen van de Dog Company die voorop liepen.
    "De mannen van Pointe du Hoc" is het onvergetelijke verhaal van de Dog Company. De gelauwerde krijgshistoricus Patrick ODonnell heeft uitvoerig onderzoek verricht en beschrijft in levendig proza hoe deze gewone mannen die buitengewone daden uitvoerden en een ongewone dapperheid, moed en doorzettingsvermogen aan de dag legden. De Tweede Wereldoorlog kent veel Amerikaanse helden, maar weinigen kunnen zeggen dat zij beslissend zijn geweest in de uitkomst van de oorlog. De mannen van de Dog Company kunnen dat wel.

  • Eind februari 1942 verliep de oorlog slecht voor de geallieerden. De Japanners maakten dramatische vooruitgang in het Oosten en veroverden Singapore. Rommel won slag na slag in Noord-Afrika. Zelfs verschenen er bij daglicht twee Duitse oorlogsschepen in het Kanaal en kwamen ermee weg. Het Britse moreel naderde het dieptepunt.
    Britse wetenschappers dachten aan het begin van de oorlog dat de Duitsers niet over radarapparatuur beschikten. Maar toen de RAF meer en meer bommenwerpers verloor in 1941, werd het duidelijk dat zij het mis hadden. Sterker nog: de Duitse radartechnologie bleek geavanceerder en functioneerde beter dan de Britse. Tijdens een zeer gedurfde aanval nabij Bruneval aan de Franse kust, wisten de Engelse paratroepers een Duitse radarinstallatie volledig intact naar Groot-Brittannië te vervoeren. Britse wetenschappers konden nu proberen een middel te vinden om de Duitse radars te ontregelen.
    De aanval op Bruneval was op wetenschappelijk gebied meer dan een keerpunt in de oorlog. In "Raid op Bruneval" wordt de hele affaire gereconstrueerd, met name het feit dat een verslag over de aanval al op de radio te horen was voordat de paras waren teruggekeerd een briljant staaltje propaganda. In "Raid op Bruneval" wordt tevens onthuld dat Lord Louis Mountbatten, het hoofd van de Combined Operations, het brein achter deze mediacampagne was.
    De aanval op Bruneval was natuurlijk tevens het werk van buitengewone individuen dappere parachutisten die achter de linies landden, Franse verzetsmensen die hun leven waagden en briljante wetenschappers die achter de schermen de oorlogsinspanningen transformeerden. "Raid op Bruneval" vertelt al hun emotionele en dramatische verhalen.

  • Spionnen in de lucht is het spannende, maar nog vrij onbekende verhaal van de partnerorganisatie van het beroemde codebrekerscentrum in Bletchy Park in Zuid-Engeland, het geallieerde Centrale Interpretatiepunt RAF Medmenham. Het boek vertelt het verhaal van de moedige verkenners die luchtfotos van bezet Europa namen tijdens de gevaarlijkste dagen van de Tweede Wereldoorlog en van de analisten die de fotos interpreteerden. Ze waren inventief en ingenieus, pioniers op het gebied van 3D-fotografie en hun werk bracht vitale inlichtingen tijdens de Tweede Wereldoorlog.
    Spionnen in de lucht vertelt het persoonlijke verhaal van de dappere piloten en analisten, van de legendarisch piloot Adrian Warbuton, die vermist raakte tijdens een missie, tot Sarah Churchill, de dochter van premier Winston Churchill. Daarnaast beschrijft het boek de informatie die met de luchtfotografie werd vergaard voor het vinden van de Bismarcks tot het traceren van Hitlers V1- en V2-wapens in 1944.

  • De Slag om Arnhem van september 1944 is beroemd en berucht, door de uitzonderlijke parachutedroppings en de heldhaftige verdediging van de brug. Doordat de campagne mislukte, kwamen de geallieerden geïsoleerd te zitten op een stuk weg van dertig kilometer. Links en rechts ervan was Nederland nog bezet door de Duitsers. Hoewel de Duitse troepen veel beter waren bewapend, moesten deze dichtbevolkte en door rivieren gedomineerde gebieden door de geallieerden worden bevrijd.

    In de schaduw van Arnhem vertelt het boeiende verhaal van de Slag om Arnhem, gelardeerd met ooggetuigenverslagen en persoonlijke herinneringen van Britse, Canadese en Poolse soldaten. Auteur Ken Tout laat zien onder welke omstandigheden deze mannen hun heldendaden verrichtten. Velen leden en stierven in grotendeels vergeten maar o zo belangrijke kleine gevechten. Ze verdienen het om te worden herinnerd.

  • Ontsnapt uit Arnhem is het opmerkelijke waargebeurde verhaal van een jonge piloot van het Army Air Corps (AAC) die meevocht in de Slag om Arnhem.

    Tijdens de laatste dagen van de verdediging van de Arnhemse brug wordt Godfrey Freeman door de Duitsers gevangen genomen. Na verschillende mislukte ontsnappingspogingen weet hij uiteindelijk tijdens zijn transport naar Duitsland uit de trein te ontsnappen. Maar dan begint zijn avontuur pas echt. Na vele omzwervingen komt hij in contact met het Nederlandse verzet, dat hem helpt om op de fiets door de Duitse linies heen te komen en naar Engeland te vluchten. Na zijn thuiskomst meldt hij zich opnieuw bij het AAC, om zijn rol in de oorlog te hervatten.

    Dit adembenemende ontsnappingsverhaal wordt afgewisseld met herinneringen van Freeman aan zijn jeugd en aan zijn training bij het AAC en schetst zo een pakkend beeld van een bescheiden maar ongelooflijk dappere jonge soldaat.

    Godfrey Freeman werd geboren in 1924 in Hook Norton, Oxfordshire en overleed in Oxford in 1999. Hij diende tijdens de Tweede Wereldoorlog als piloot bij de Army Air Corps. Zijn meeslepende verhaal heeft hij opgeschreven in Ontsnapt uit Arnhem.

  • Op 17 december 1944 werden op een kruising bij het dorpje Baugnez, vlakbij Malmedy in België, meer dan tachtig Amerikaanse soldaten neergeschoten, nadat zij zich hadden overgegeven aan een Duitse SS-tankeenheid. Ondanks dat meer dan dertig soldaten de executie overleefden, bleef wat zich precies op de decemberdag heeft afgespeeld lang onduidelijk. Het Amerikaanse leger rommelde met de bewijzen tijdens het onderzoek en de rechtszaak in 1946. Was het een incident op het slagveld of was het een bewuste massamoord? Wie gaf de orders, de beruchte SS-troepencommandant Jochen Peiper of iemand anders uit zijn eenheid?

    Het bloedbad van Malmedy reconstrueert de fatale gebeurtenissen die uitmondden in deze misdaad voor het eerst tot in het pijnlijkste detail en ook de nasleep ervan. Danny S. Parker heeft vijftien jaar onderzoek gedaan en interviewde meer dan honderd overlevenden en getuigen om de waarheid achter het bloedbad van Malmedy te onthullen.

  • Deserteurs

    Charles Glass

    In de Tweede Wereldoorlog deserteerden alleen al in Europa 150.000 militairen uit de geallieerde legers van Groot-Brittannië en de Verenigde Staten. Voor dit boek deed Charles Glass een uitgebreide studie naar fenomeen 'deserteur' en dit boek laat de hele oorlog vanuit een geheel nieuw perspectief zien. Glass dook in legerarchieven, persoonlijke dagboeken, krijgsraadverslagen en zelfgepubliceerde memoires van soldaten om een dramatisch en hartverscheurend portret te schetsen van mannen op wie neergekeken werd door hun commandanten en die genegeerd werden door de geschiedschrijvers.
    Deserteurs in de Tweede Wereldoorlog verhaalt over de zware omstandigheden van de doodgewone soldaten en van diegenen op een breekpunt kwamen te staan en er vandoor gingen. Het boek toont aan dat er een heel grijs gebied ligt tussen de valse uitersten van dapperheid en lafheid. Het kernverhaal in het boek is de geschiedenis van soldaat Steve Weiss, een idealistische tiener uit Brooklyn, die door zijn vader - een gedesillusioneerde veteraan uit de Eerste Wereldoorlog - gedwongen werd om zijn dienstpapieren te tekenen, hoewel Weiss toen nog geen achttien was. Hij vocht bij het bruggenhoofd bij Anzio en in de wouden in de Ardennen, was een infanterist bij de 36ste Divisie en werd per ongeluk partizaan bij het Franse verzet. Weiss verloor alle illusies over de nobelheid van de oorlog en de onfeilbaarheid van de Amerikaanse commandanten - hij deserteerde.
    Heel anders dan in de propaganda en in nostalgische boeken wordt vermeld, was de Tweede Wereldoorlog voor de meeste soldaten een grimmige en gewelddadige gebeurtenis, een lange en eenzame strijd. Hierover werd zelden gepubliceerd, tot verdriet en woede van diegenen die dienden. Door de ware opofferingen te tonen biedt 'Deserteurs' in de Tweede Wereldoorlog een onvergetelijk verhaal over doodgewone mannen die wanhopig vochten in buitengewone tijden.

    -- RECENSIE --

    Over de Tweede Wereldoorlog zijn inmiddels hele bibliotheken vol geschreven. Een aspect dat bij de geschiedschrijving echter veelal onderbelicht blijft, is het fenomeen deserteurs bij de strijdkrachten. Een groep van soldaten die per definitie binnen de krijgsmacht niet in hoog aanzien staat en vaak wordt verzwegen. Alleen al in Europa deserteerden bijna 50.000 Amerikanen en 100.000 Engelsen uit het leger gedurende de loop van dit gewapende conflict. Auteur Charles Glass, oud-correpondent voor het Midden-Oosten voor ABC News en schrijver van talloze boeken en artikelen, verhaalt in dit boek over de achtergronden van gewone soldaten, die niet meer tegen de spanning konden van de strijd, de vaak zinloze dood van vrienden, het gebrekkige systeem dat de geallieerden hanteerden om troepen aan het front te vervangen of de te zware belastingen bij de operationele inzet, de ontberingen en het gebrek aan slaap en hygiëne. Zoveel deserteurs, zoveel redenen om te deserteren. Uit deze vlot leesbare studie van Charles Glass blijkt dat er een groot grijs gebied ligt tussen dapperheid en lafheid. Zijn vaak aangrijpende verslag is niet alleen gebaseerd op legerarchieven en krijgsraadverslagen, maar vooral op de persoonlijke dagboeken en brieven van de soldaten zelf. Een eyeopener.

    E. Westerhuis

  • Stille strijders

    Taylor Downing

    'Stille strijders' biedt een frisse, nieuwe kijk op de Eerste Wereldoorlog, waarbij onthuld wordt hoe oorlogsonderzoek de fundamenten heeft gelegd voor veel van de wetenschappelijke vooruitgang in de twintigste eeuw.
    De Eerste Wereldoorlog wordt vaak beschouwd als een strijd die uitgevochten werd tussen lompe legers die bestonden uit miljoenen mannen die elkaar vanuit de loopgraven bestreden. Daarbij werd gebruikgemaakt van wreedaardige machines - mitrailleurs, kanonnen, granaten, gas, tanks - die vele soldaten het leven kostten. Maar achter de schermen werd ook een wetenschappelijke oorlog uitgevochten tussen ingenieurs, scheikundigen, natuurkundigen, doctoren, wiskundigen en verzamelaars van inlichtingen. Deze verborgen oorlog leverde een positieve en blijvende bijdrage aan de manier waarop de oorlog gevoerd werd op het land, op zee en in de lucht. En, het allerbelangrijkste, hoe daarna het leven thuis verbeterde.
    'Stille strijders' benadert de strijd vanuit een fris perspectief; het bevat profielen van de sleutelfiguren die in wetenschappelijke zin grote sprongen voorwaarts maakten ten behoeve van de mensheid in de twintigste eeuw. Het is geschreven in een levendige, verhalende stijl en daarmee voegt 'Stille strijders' onbekende en vernieuwende aspecten toe aan de geschiedschrijving van de Eerste Wereldoorlog.

  • Op 27 februari 1933 kort na negen uur s avonds stond de Rijksdag in brand. Om half tien was de vergaderzaal in het hart van het gebouw verwoest. De politie arresteerde één verdachte, Marinus van der Lubbe, een excentrieke jonge communist uit Nederland, voor driekwart blind, die schreeuwend werd gevonden tussen de ruïnes van de Rijksdag.

    Boven de hoofdingang de Rijksdag stond `Dem Deutschen Volke (Voor het Duitse volk), het was het hart van de Duitse democratie. Maar er was niets democratisch aan de nasleep van de brand. Voor Adolf Hitler en de nazis, pas vier weken aan de macht en vier dagen verwijderd van een belangrijke verkiezing, kwam de brand als een geschenk uit de hemel. Zij beweerden dat de aanval op de Rijksdag het begin van een communistische opstand was. De nazis riepen de noodtoestand uit door de grondwet op te schorten en duizenden tegenstanders van het regime in de nieuw ontworpen `concentratiekampen te zetten. Een dag na de brand werd de `Verordening van de Rijkspresident voor de bescherming van Volk en Staat van kracht. Dit werd de belangrijkste wet in de twaalfjarige geschiedenis van Hitlers Rijk. De wet werd de vrijbrief voor en het fundament van alle terreur, onderdrukking, vervolging en massamoord die volgden.

    Zoals iedereen op dat moment wist, was de Rijksdagbrandbrand gewoon een incident in een reeks theatrale, politieke incidenten, waar iedereen het zijn eigen draai aan gaf. De nazis gaven de schuld aan de Communistische Partij en er werden een aantal communisten berecht. Iedereen werd door het Duitse Hooggerechtshof vrijgesproken, behalve Marinus van der Lubbe, die ter dood werd veroordeeld. Nazi-tegenstanders hebben sindsdien altijd verkondigd dat Hitler en consorten het meeste baat bij de brand hadden dus moet de brand een ingenieus nazicomplot zijn geweest om het laatste restje democratie van de Weimar Republiek omver te werpen.

    Onder invloed van de Koude Oorlog veranderde het debat. Sommige West-Duitsers stonden erop dat Van der Lubbe alleen had gehandeld en dat het vuur voor Hitler en de nazis als een verrassing kwam hoewel de nazis briljant improviseerden tijdens de nasleep van de brand. De belangrijkste getuigen voor de stelling dat Van der Lubbe alleen handelde, waren voormalige Gestapo-officieren, zoals de briljante en sinistere Rudolf Diels en zijn vriend Heinrich Schnitzler, die begon dit begon te verdedigen tijdens het oorlogstribunaal in Neurenberg. Diels en Schnitzler kregen bijval van een aantal prominente nationalistische uitgevers, onder wie Rudolf Augstein, oprichter van het zeer invloedrijke Duitse tijdschrift Der Spiegel. Anderen, voornamelijk aan de linkerkant van het politieke spectrum, bleven volhouden dat de nazis de brand hadden gesticht.

    De Rijksdag brandt lost dit mysterie definitief en overtuigend op.


    RECENSIE(S)

    De Rijksdagbrand (27 februari 1933) verschafte de regering-Hitler een excuus om de Duitse communisten aan te pakken, het begin van de nazidictatuur. De brandstichter, de Nederlander Van der Lubbe, was een zelfverklaarde communist. Net als bij de moord op Kennedy is altijd discussie geweest over de vraag: handelde de dader alleen? Of werd hij onbewust 'geholpen' door SA-kerels die op instigatie van minister Göring zo de linkse beweging wilden discrediteren en de coalitiepartner van de nazi's wilden uitschakelen? Op basis van gedegen bronnenonderzoek bestrijdt de Canadese historicus de geijkte 'eendadertheorie', de versie die in 1962 werd gemunt door de onderzoeker F. Tobias. Hett geeft uitvoerige beschrijvingen van gebeurtenissen, incidenten en personen uit de naziperiode die verband hielden met de Rijksdagbrand, bijvoorbeeld Gestapo-chef Rudolf Diels. De auteur laat experts spreken en volgt het spoor van de historiografie. Hij concludeert dat Van der Lubbe onmogelijk alleen kan hebben geopereerd. Een wijdlopig, maar allengs dwingend onderzoeksverslag: voer voor gevorderde lezers. Met een katern zwart-witfoto's en een uitvoerig notenapparaat; een literatuurlijst en register ontbreken.

    Dr. J.L.G. v. Oudheusden

  • In de voor de Engelsen somberste jaren van de Tweede Wereldoorlog leek niets Hitlers opmars in Europa te kunnen stuiten. Zijn zuidelijkste verovering was het eiland Kreta, waardoor de Duitsers (te) dicht bij Egypte kwamen en ze tevens een Britse suprematie op de Middellandse Zee bedreigden. Maar waar de nazi's geen rekening hadden gehouden, was dat de SOE, de Britse inlichtingendienst, een bende excentrieke officieren op hen af stuurde, die het verzet op Kreta zouden organiseren en sabotagedaden zouden plegen.

    "Oorlog op Kreta" is het ongelooflijke, maar ware verhaal van de geheime oorlog op Kreta vanuit het perspectief van deze amateur-soldaten - geleerden, archeologen, schrijvers - die min of meer per ongeluk dienden als spionnen. Hun enige 'stommiteit' was dat zij vroeger op school Grieks hadden geleerd. Zo iemand was Patrick 'Paddy' Leigh Fermor, die in 1933 aan een voetreis naar Constantinopel begon, maar toen de oorlog uitbrak, ging hij terug naar Engeland om dienst te nemen. Dat beviel hem helemaal niet en vervolgens werd hij op Kreta gedropt en zette daar het verzet op poten. Na afgelost te zijn, kwam Paddy in Caïro terecht, waar hij samen ging wonen in huize Tara met Billy Moss en Sophie Tarnowska (een Poolse aristocrate). De dame en (vele) heren en hun rare huisdieren hielden de wildste feesten, totdat Paddy en Billy terug moesten. Weer op Kreta wist Paddy de Duitse bevelhebber, generaal Kreipe, te ontvoeren en hem naar Caïro te brengen.

    "Oorlog op Kreta" vertelt talloze verhalen over deze gentlemen/spionnen en de Kretenzer partizanen, en hoe zij gezamenlijk de Duitsers tot wanhoop dreven. In deze opmerkelijke, nooit eerder vertelde geschiedenis schetst auteur Wes Davis een groep legendarische strijders tegen een van de meest exotische achtergronden van de oorlog.

    RECENSIE

    Nog steeds zijn er boeiende, nieuwe verhalen te vertellen over de Tweede Wereldoorlog. Dat blijkt uit het nieuwe boek van Wes Davis, "Oorlog Op Kreta 41-44." In Amerika werd het met succes uitgegeven onder de titel The Ariadne Objective.

    Het gaat over de Britse Special Operations Executive, die met allerlei plannen tracht de Duitse bezetting op Kreta te ondermijnen. Maar meer nog gaat het over enkele kleurrijke figuren, wiens gangen tijdens de Tweede Wereldoorlog op Kreta tot in detail worden gevolgd.

    Centraal staat Patrick Leigh Fermor, een Britse jongeman die in zijn tienerjaren een voetreis door Europa maakt, en bij de start van de oorlog een bijdrage wil leveren. Deze volop feestende en wodka drinkende avonturier bedenkt het plan om de Duitse generaal op Kreta te ontvoeren, wat ook lukt. Deze riskante sabotageactie komt aan het einde van het boek aan de orde, maar ook daarvoor is er genoeg leesplezier te beleven.

    "Oorlog Op Kreta 41-44" is een bijzonder interessant en lezenswaardig boek, waarbij de figuur van Patrick Leigh Fermor tot de verbeelding spreekt.
    DeRecensieNL

  • Een ontroerend waargebeurd Utrechts onderduikverhaal

    In het hol van de leeuw vertelt het fascinerende verhaal van de familie Huygens, die met gevaar voor eigen leven en dat van hun dochtertje Joodse onderduikers herbergde in hun huis in het centrum van Utrecht.

    Juli 1942. De Duitse bezetter begint met de grootschalige deportaties van Joden. De familie Huygens hoort dat hun Joodse buren, Hijman en Miep Degen, op de lijst voor deportatie staan. Zonder aarzelen nemen ze het gezin als onderduikers in huis. Niet lang daarna duiken ook Mieps zus en haar man bij hen onder.

  • In 2014 is het precies 75 jaar geleden dat de Tweede Wereldoorlog uitbrak. Deze oorlog is ongetwijfeld de best gedocumenteerde uit de hele geschiedenis. Hele bibliotheken zijn er volgeschreven over de heldendaden van bevrijders, de misdaden van de nazis en de inertie van veel gewone mensen in deze periode. Er staan boekenkasten vol met deelonderwerpen: krijgsgeschiedenis, concentratiekampen, Jodenvervolging, oorzaak en gevolg van WO II, bezetting, biografieën van hoofdrolspelers, en ga zo maar door.
    In "Een korte geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog" zet Roel Tanja nog eens op een rijtje welke feiten er tussen 1 september 1939 (Molotov-Ribbentrop Pact) en 2 september 1945 (Japanse capitulatie op de SS Missouri) plaatsvonden. In ruim honderd korte hoofdstukken worden alle gebeurtenissen opgesomd, zodat de lezer eens te meer een overzicht krijgt van hoe de oorlog verliep. Te vaak raken mensen immers de weg kwijt in het woud van boeken, documentaires en films over de oorlog. Nog steeds heeft de Tweede Wereldoorlog grote invloed op het doen en denken in Nederland. De generatie die de oorlog bewust heeft meegemaakt, slinkt snel; de kennis van het verloop van de Tweede Wereldoorlog daarmee eveneens.
    Leo Vroman dichtte: `Kom vanavond met verhalen / hoe de oorlog is verdwenen () en hieraan wil "Een korte geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog" proberen te voldoen.

  • Toen de Amerikanen na Pearl Harbor betrokken werden bij de Tweede Wereldoorlog realiseerde de militaire top zich dat er een elite-eenheid gevormd diende te worden die op een onconventionele manier oorlog zou kunnen voeren. Begin 1942 werd een groep buitengewone mannen - onder wie een tandarts, een Hollywood-ster, een archeoloog, Californische surfers en zelfs voormalige vijanden van de VS - klaargestoomd voor deze speciale opdracht: de SEALs. Deze soldaten moesten zowel ter zee (Sea), in de lucht (Air) als op het land (Land) kunnen vechten. De SEALs stonden destijds bekend als de Maritieme Eenheid, een hooggekwalificeerd zwemcommando dat hun tijd tientallen jaren vooruit was wat betreft tactieken, technologieën en oorlogsfilosofie. Deze pioniers van de Maritieme Eenheid voerden sommige van de gewaagdste operaties uit die in de oorlog plaatsvonden. Een aantal van hen overleefde zelfs de beruchte concentratiekampen in het Derde Rijk. Maar hun daden en successen werden na de oorlog als 'top secret' gekwalificeerd en werden grotendeels vergeten, totdat de historicus Patrick K. O'Donnell ze weer boven water wist te krijgen en ze publiceerde in zijn De eerste SEALs. Hierin wordt een van de belangrijkste en spannendste nooit vertelde verhalen uit de Tweede Wereldoorlog verteld.

    'Het fantastische verhaal van de eerste SEALs - briljant verteld! Een must read!'
    - Alex Kershaw, bestsellerauteur van onder meer De bevrijder

    'Fantastisch speurwerk en zeer goed verteld. De eerste SEALs is een opwindend
    verhaal over vermetele mariniers die een speciale oorlogseenheid vormden en die door O'Donnell in het juiste historische perspectief worden
    geplaatst...'
    - Stephen Harding, bestsellerauteur van De laatste slag

  • In Arnhem: negen dagen strijd wordt verslag gedaan van de grootste luchtlandingsoperatie uit de geschiedenis. Op 17 september 1944 landden Britse en Poolse parachutisten van de 1st Airborne Division bij Oosterbeek, Arnhem, Wolfheze en Ede. Negen dagen later was tachtig procent van deze mannen gedood, gewond geraakt of gevangengenomen door de Duitsers. Het betekende de laatste grote Duitse overwinning in de Tweede Wereldoorlog. De woeste gevechten en galante heldendaden in deze negen dagen hebben historici en studenten sindsdien gefascineerd.

    Chris Brown beschikte over talloze ooggetuigenverslagen en dagboeken van eenheden, en schreef een adembenemend en gedetailleerd verslag van deze negendaagse veldslag. In dit boek staan tevens technische omschrijvingen van het gebruikte wapentuig en de uitrustingen, en hoe deze wapens in de praktijk uitpakten. In Arnhem: negen dagen strijd beschrijft Brown het fascinerende verloop van de strijd van dag tot dag, zich daarbij uitgebreid bedienend van kaarten van de veldslagen, tijdlijnen, troependiagrammen en foto's. Arnhem: negen dagen strijd biedt een geweldige beschrijving van deze iconische strijd. Het is een boek dat zowel de geïnteresseerde leek als de door de wol geverfde slagveldbezoeker zal aanspreken.

  • Frankrijk was op het wereldtoneel gedurende anderhalve eeuw gezichtsbepalend geweest. Het begon rond 1650 met koning Lodewijk XIV, de 'Zonnekoning', en eindigde met de nederlaag van keizer Napoléon I tijdens de Slag bij Waterloo, op 18 juni 1815. Hierna volgde de eeuw van Groot-Brittannië en werden de Engelsen de grote overheersers op de wereld.
    In 'Een kleine geschiedenis van de Slag bij Waterloo' zet Roel Tanja alle gebeurtenissen rond de slag nog eens op een rij. Hij begint met de Franse Revolutie van 14 juni 1789, verhaalt over de opkomst van de jonge legerofficier Napoléon Bonaparte, geeft een uitgebreid overzicht over de napoleontische oorlogen, de ondergang van Napoléon in Rusland, diens ballingschap op Elba, zijn terugkeer en Napoléons 'Honderd dagen', een verhaal dat tenslotte culmineert in de slagen bij Ligny, Quatre-Bras en uiteindelijk Waterloo. De Slag bij Waterloo zelf wordt uitgebreid beschreven, inclusief alle hoofdrolspelers: Napoléon, Wellington, Ney, Cambronne, Blücher, prins Willem van Oranje en vele anderen.

  • De Tachtigjarige Oorlog (officieel 1568-1648) wordt in de Engelstalige wereld "The Dutch Revolt" (de Nederlandse Opstand) genoemd. Waarschijnlijk is dit een betere benaming, want wat begon als een opstandige oprisping in een uithoek van het Spaanse rijk, liep uit op een ware revolutie, waarbij alles op z'n kop werd gezet. Na ruim tachtig jaar was men in de Nederlanden veranderd van eigenaar, staatsvorm, religie en politiek, cultureel en economisch systeem. Bovendien bevond de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden zich aan het eind van de oorlog in een ongekende bloeiperiode: de Gouden Eeuw. In "Een korte geschiedenis van de Tachtigjarige Oorlog" zet Roel Tanja nog eens op een rij welke gebeurtenissen zich tussen 1568 (Slag bij Heiligerlee) en 1648 (Vrede van Münster) afspeelden.

  • Bijna alle uitgaven over het verzet tegen Hitler in Duitsland eindigen op 20 juli 1944; de dag waarop Claus von Stauffenberg een aanslag op Hitlers leven pleegde in het goed beveiligde hoofdkwartier de Wolfsschanze bij Rastenburg in Oost-Pruisen. De aanslag mislukte en gaf aanleiding tot meer verzetsacties. 'Duits verzet tegen Hitler' begint juist daar. In de vroege uren van 21 juli 1944 staat kolonel Claus von Stauffenberg voor een vuurpeloton op de binnenplaats van het Bendlerblock, het militaire hoofdkwartier van het Derde Rijk. De dag ervoor had Stauffenberg in de vergaderzaal van Hitlers oostelijk hoofdkwartier, een bom achtergelaten en daarmee het startsein gegeven voor de Operatie Walküre - een uitgewerkt plan om het naziregime omver te werpen en een burgerregering te installeren die moest onderhandelen met de geallieerden. De bom ontplofte volgens plan, maar Hitler werd beschermd door de poot van een vergadertafel en raakte slechts licht gewond. Doordat al snel op de radio te horen was dat Hitler de aanslag had overleefd, liep de coup op niets uit. Stauffenberg en drie van zijn medesamenzweerders werden binnen enkele uren opgespoord en geëxecuteerd. Randall Hansen onthult in zijn boek 'Duits verzet tegen Hitler', dat dit zeker niet de laatste verzetsdaad was waarmee het naziregime te maken kreeg. Puttend uit recent geopende archieven toont Hansen aan dat veel hooggeplaatste nazi's en gewone Duitse burgers - in veel grotere aantallen dan aanvankelijk werd aangenomen - afwijzend reageerden op de bevelen van de Führer. Weliswaar was er na Von Stauffenberg vrijwel geen sprake meer van 'verzet' in de vorm van pogingen tot de omverwerping van het regime, maar Hansen voert aan dat als we onder verzet ook ongehoorzaamheid rekenen - zoals het bevel negeren om een brug op te blazen, een fabriek te saboteren, een haven te verwoesten of een stad tot de laatste man te verdedigen - dan ontstaat een heel ander plaatje. Verzet in de vorm van ongehoorzaamheid bleef bestaan en nam eind 1944 en begin 1945 zelfs toe. Ook had het een ingrijpender en duurzamer effect op de oorlog en de nasleep ervan dan de aanslag van 20 juli 1944. Van de weigering om Parijs en belangrijke plaatsen in Zuid-Frankrijk te verwoesten tot de onwil om een politiek van verschroeide aarde toe te passen op Duitse bodem, manifesteerde ongehoorzaamheid zich na 1944 in het Derde Rijk op tal van manieren. Uiteindelijk heeft het de loop van de oorlog bepaald, omdat duizenden geallieerde en Duitse levens gespaard werden, bevoorradingslijnen open bleven en steden en infrastructuur behouden werden. In een periode van fanatieke en soms wanhopige gehoorzaamheid lijken de gevallen van ongehoorzaamheid aan het naziregime in dit boek des te opmerkelijker. Hansen laat zien dat het verzet tegen Hitler vele gezichten had en belicht op die manier de dapperheid en overtuiging van soldaten en burgers langs het hele westelijke front in de laatste maanden van de oorlog. Ongehoorzaamheid kon het verschil uitmaken tussen leven en dood.

  • Knap, intelligent, moedig - en met hart en ziel toegewijd aan de nazi's. Dat was SS-kolonel Jochen (Joachim) Peiper (1915-1976), een van de meest controversiële figuren uit de gehele Tweede Wereldoorlog. Op jonge leeftijd ging hij vrijwillig bij de Waffen SS, om al snel op te klimmen tot eerste adjudant van Heinrich Himmler aan het begin van de oorlog. Hij vocht aan het front met de beruchte 1. SS Panzer-Division, en werd algauw een levende legende vanwege zijn vurige, brutale oorlogsstrategieën. Niemand minder dan Adolf Hitler stelde hem aan in de voorhoede ten tijde van het Ardennenoffensief.

    Na de oorlog werd Peiper gevangengenomen en aangeklaagd voor oorlogsmisdaden. Hij werd schuldig bevonden aan het Bloedbad van Malmédy, maar al in 1956 weer vrijgelaten. Een paar jaar later verhuisde hij naar Traves in Frankrijk, waar hij in relatieve anonimiteit werkte als vertaler. Op 14 juli 1976 werd zijn huis echter platgebrand door een gewapende bende die zich 'de Avengers' noemde. Wie dat precies waren, is tot op de dag van vandaag niet duidelijk geworden.

    'Hitlers strijder' is een uitgebreide biografie van een van de meest markante nazi's ooit. Zijn oorlogsdaden, leven naast het slagveld en zijn complexe persoonlijkheid worden excellent in beeld gebracht door historicus Danny S. Parker. Aan dit rijke boek liggen jaren van diepgravend onderzoek ten grondslag, waarin Parker nooit eerder gepubliceerd materiaal boven water wist te krijgen. Bovendien nam hij talloze interviews af met Peipers naasten, waaronder vele Duitse WOII-veteranen. Dit uitgebreide standaardwerk over Jochen Peiper is de definitieve biografie van Hitlers favoriete krijgsman, maar tevens een unieke inkijk in de omgekeerde moraal van het Derde Rijk.

empty