Klement, Uitgeverij

  • >> Alles over de achtergronden van het nieuwe liedboek.Paul van Tongeren
    Leven is een kunst | 3e druk
    Over morele ervaring, deugdethiek en levenskunst
    254 pagina's | Paperback | ISBN: 9789086871025Een boeiend en toegankelijk geschreven boek, waarin prominent ethicus en Nietzsche-specialist Paul van Tongeren een moderne versie van de klassieke deugdethiek in stelling brengt in het huidige debat over de ethiek.

    Leven is geen kunst zolang het een kwestie van overleven is. Wie moet zorgen te overleven, stelt geen vragen: hij vecht, (vr)eet, verbergt zich.
    Een boeiend en toegankelijk geschreven boek, waarin prominent ethicus en Nietzsche-specialist Paul van Tongeren een moderne versie van de klassieke deugdethiek in stelling brengt in het huidige debat over de ethiek.

    Leven is geen kunst zolang het een kwestie van overleven is. Wie moet zorgen te overleven, stelt geen vragen: hij vecht, (vr)eet, verbergt zich. Pas als dat gelukt is, is het mogelijk om van overleven, leven te maken; van vreten: eten, van biologie: kunst. Daarvoor is meer nodig dan filosofie. Maar zonder de kritische blik die het eigen leven onderzoekt zal het waarschijnlijk niet lukken. Ethiek is zo'n zelfonderzoek.

    Van Tongerens pleidooi voor een ethiek die helpt bij de kunst van het leven en het leven als kunst, verhoudt zich kritisch tot het type levenskunstfilosofie dat vandaag de boventoon voert. Dat maakt zijn boek in zekere zin 'oneigentijds', maar niet minder inspirerend en uitdagend.

  • Paul van Tongeren snijdt een onderwerp aan waarmee de hedendaagse mens nogal verlegen is: ons onvermogen om, na het verdwijnen van de vanzelfsprekende religieuze context, in termen van dankbaarheid te spreken.

    Wat zeggen we, wat doen we, wat ervaren we als we dankbaar zijn? Het lijkt vanzelfsprekend: danken doe je als je iets gekregen hebt, iets wat je goed doet of wat je graag hebt. En je spreekt je dank uit tegenover degene van wie je het gekregen hebt. Maar kunnen we ook dankbaar zijn voor een gelukkig toeval, een geslaagde onderneming, het eigen leven, de gezondheid die we genieten, de vriend die we ontmoeten? En kunnen we dat ook zonder een God aan te nemen van wie we het zouden krijgen? Valt er nog iets te danken na 'de dood van God'? Wat is dat eigenlijk: 'dankbaarheid'?


    Paul van Tongeren is hoogleraar wijsgerige ethiek aan de Radboud Universiteit Nijmegen, buitengewoon hoogleraar ethiek aan het Hoger Instituut voor Wijsbegeerte van de KU Leuven (België) en geassocieerd onderzoeker van de Universiteit van Pretoria (Zuid-Afrika). Zijn boek 'Leven is een kunst' (Klement 2012) won in 2013 de Socratesprijs voor het meest urgente, oorspronkelijke en prikkelende Nederlandstalige filosofieboek. Verdere info op: www.paulvantongeren.nl

  • 'In het middelpunt van morele overwegingen staat het Zelf; in het middelpunt van politieke overwegingen staat de Wereld.'

    Deze controversiële uitspraak van Hannah Arendt maken Dirk De Schutter en Remi Peeters tot de centrale stelling van hun boek. Ze geven een uiteenzettting van Arendts politieke theorie en besteden ruime aandacht aan vele verhelderende onderscheidingen: nataliteit-mortaliteit, arbeiden-werken-handelen, macht-heerschappij-gezag, geweld-terreur, tirannie-totalitarisme, vrijheid-soevereiniteit, het politieke-het sociale, waarheid-opinie. Zo hopen ze de spraakverwarring tegen te gaan waaraan het (wereld)politiek lijdt en een klare kijk te verwerven op de problemen waarmee de hedendaagse samenleving geconfronteerd wordt.
    De auteurs lichten Arendts gedachten toe, verduidelijken de achtergronden van waaruit ze tot stand zijn gekomen en betrekken ze op de actualiteit. Ze onderzoeken aan welke filosofen Arendt schatplichtig is en gaan, waar nodig, de discussie met Arendt niet uit de weg.


    Dirk De Schutter (1954) is als hoogleraar verbonden aan de KULeuven (Campus Brussel) en aan de Universiteit Antwerpen. Remi Peeters (1948) was tot 2008 docent filosofie en ethiek aan de Hogeschool-Universiteit Brussel. Samen vertaalden zij werk van Hannah Arendt: 'Totalitarisme', 'Denken' en 'Willen'.

  • Willen

    Hannah Arendt

    In Willen, het tweede deel van haar trilogie `Het leven van de geest, werpt Hannah Arendt een verrassend nieuw licht op de wil en de vrijheid. Bestaat er zoiets als een vrije wil? Zo ja, ben je dankzij deze bewegingsvrijheid in staat iets teweeg te brengen en zo het verloop van de geschiedenis te beïnvloeden? Wat je doet, zou je evengoed niet kunnen doen en wat er gebeurt, zou evengoed niet of op een andere manier kunnen gebeuren. Alleen is het volgens Arendt zeer de vraag of de wil voorafgaat aan het handelen.

    Deze aanname van vrijheid heeft tot gevolg dat de geschiedenis niet bepaald wordt door noodzaak, zoals de westerse filosofie altijd heeft gepretendeerd: wie iets wil verklaren of zoekt naar oorzaken en wetmatigheden, legt een noodzakelijke structuur bloot. In plaats van noodzaak, zo laat Arendt in navolging van bijvoorbeeld Nietzsche en Duns Scotus zien, is toeval het leidende principe.

    De contingentie is de prijs van vrijheid. Weinig filosofen hebben zich bereid getoond om deze prijs te betalen, vandaar dat Arendt haar licht opsteekt bij wat zij `mannen van de daad' noemt, zoals de Founding Fathers, de grondleggers van de moderne Amerikaanse republiek, maar ook zij deinzen terug voor de afgrond van de vrijheid, voor het radicaal nieuwe begin.

    Samen met denken en oordelen vormt willen de mentale activiteiten die Arendt centraal stelt in `Het leven van de geest', de trilogie waaraan zij tot op de laatste dag van haar leven werkte.

  • Denken

    Hannah Arendt

    Waarom laten we ons in met een activiteit die niet alleen geen enkele waarheid oplevert, maar die tegelijkertijd ook geen enkel praktisch nut dient? In Denken, het eerste deel van haar trilogie `Het leven van de geest', buigt Hannah Arendt zich over het denken. Levert denken iets op? Zet het aan tot handelen? Lost het de problemen van de wereld op? Heeft het nut?

    Doorgaans wordt het denken omschreven als passieve contemplatie. Arendt maakt een onderscheid tussen resultaatgericht denken, gericht op nut en kennisverwerving, en een bezinnend denken dat zijn betekenis en waarde niet laat afhangen van het resultaat. Denken is een actieve zoektocht naar zin en betekenis.

    Arendt legt in Denken, vertaald door Dirk de Schutter en Remi Peeters, de waarde aard van het denken bloot. Alleen moet zij daarvoor breken met dominante tradities in de filosofiegeschiedenis. Vele filosofen en schrijvers maken in dit boek echter opwachting: ze vormen de levende gesprekspartners in Arendts denkervaring. Dat is haar onderzoek, naar eigen zeggen `een ontmanteling van de traditionele filosofie, bovenal: de schriftelijke neergang van een lang uitgesponnen gedachtegang.

    Samen met willen en oordelen vormt denken de mentale activiteiten die Arendt centraal stelt in `Het leven van de geest', de trilogie waaraan zij tot op de laatste dag van haar leven werkte.

  • Oordelen

    Hannah Arendt

    In Oordelen, het derde deel van haar trilogie `Het leven van de geest', houdt Hannah Arendt een pleidooi voor het oordelen, het sluitstuk van haar jarenlange reflectie over zowel het actieve als het contemplatieve leven. Arendt beschouwt oordelen als een belangrijke activiteit waarin mensen met elkaar hun bekommernis om de gemeenschappelijke wereld delen. Geen oordeel vellen is volgens haar een schandaal, onverantwoordelijk en brengt de wereld in gevaar.

    In deze stukken engageert Arendt zich, net als in Denken en Willen, met figuren uit de hele filosofiegeschiedenis, op zoek naar een weg naar onszelf, de mogelijkheid onze plaats in de wereld te heroveren zonder te loochenen dat in die wereld onaanvaardbare gebeurtenissen hebben plaatsgevonden. Het oordeel biedt die kans, omdat die altijd een minimale intersubjectieve eensgezindheid stichten, zoals vertalers Dirk de Schutter en Remi Peeters schrijven in hun ineliding.

    Oordelen had het slotstuk moeten worden van haar onderzoek naar de mentale activiteiten van de mens, maar Arendt overleed enkele dagen na het voltooien van Willen. In Oordelen zijn de contouren van haar onderzoek verzameld en een aantal andere teksten uit haar oeuvre waarin zij het oordelen bespreekt, bijvoorbeeld in relatie tot het totalitarisme.

  • Winnaar Socratesbeker 2014! Steeds meer onderdelen van het gewone leven worden gedomineerd door een vocabulaire dat ontwikkeld, bewaakt en behartigd wordt door de wetenschap. Met als gevolg dat wij de begrippen die we nodig hebben om onszelf te begrijpen uiteindelijk zelf niet meer kunnen begrijpen.
    Dit boek gaat over de twijfelachtige rol die het voortdurende onderscheid tussen leek en deskundige speelt in verschillende domeinen van ons moderne bestaan. De auteur laat zien dat de vaardigheden waarover mensen in de onmiddellijkheid van het alledaagse leven beschikken een groter bereik en een grotere draagkracht hebben dan we onder invloed van de opmars van wetenschappelijk geschoolde experts zijn gaan denken. Hoger onderwijs voor allen heeft niet zozeer met de toegankelijkheid van de wetenschap te maken, maar met de bekrachtiging van ons gezonde verstand en onze onderzoekende houding.

    De Socratesbeker wordt ieder jaar uitgereikt aan de auteur van het meest urgente, oorspronkelijke en prikkelende Nederlandstalige filosofieboek dat in het voorgaande jaar verscheen. In 2013 won Paul van Tongeren de prijs met zijn boek Leven is een kunst, ook een uitgave van Uitgeverij Klement.

  • Een leven lang maakte de filosoof Samuel IJsseling de ontwikkelingen in de Europese filosofie van nabij mee. Hij las ieder boek van betekenis en kende bijna iedere denker die ertoe deed, van Heidegger tot Ricoeur en Derrida.
    In gesprek met Ger Groot blikt hij ter gelegenheid van zijn tachtigste verjaardag op zijn leven terug. Hij vertelt hoe zijn eigen denken veranderde: van existentialisme naar postmodernisme, van katholicisme naar het heidendom met zijn vele goden. Hoe wijsbegeerte en literatuur steeds dichter bij elkaar kwamen. En hoe onder al die verschillen dankbaarheid altijd de grondtoon van zijn filosofie gebleven is.
    Dankbaar en aandachtig vormt een persoonlijke getuigenis van meer dan zestig jaar wijsgerig leven. Het verleden wordt heden omdat het laat zien wat er in de filosofie eigenlijk op het spel staat. In het gesprek tussen twee denkers wordt ze een levendige ontmoeting van inzichten en ideeën.

  • Waar zijn we eigenlijk naar op zoek wanneer we, bewapend met onze camera en reisgids, de wereld intrekken? Wat zegt het moderne toerisme over de manier waarop we in de wereld zijn?
    De hedendaagse pelgrimage naar de laatste `authentieke plekjes, waarvan we met trots beweren dat `er geen toeristen komen, verraadt dat we iets zoeken wat we in ons eigen alledaagse leven zijn kwijtgeraakt. Maar levert het reizen ons werkelijk nieuwe ervaringen op en gaat er een vormende werking vanuit, zoals Goethe verlangde? Of kunnen we maar moeilijk toegeven dat het, zoals Seneca meende, een vlucht uit onszelf is? Ruud Welten vraagt zich in dit boek af wie hij is wanneer hij eropuit trekt. Een stoet aan filosofische reisgidsen, van Rousseau tot Stendhal, van Montaigne tot Sartre en van Goethe tot Zygmunt Bauman, vergezelt hem daarbij.

  • Thomas Macho bekijkt in Het leven is onrechtvaardig de onrechtvaardigheid die we in onze huidige maatschappij steeds meer ervaren. We stellen onszelf niet meer de vraag of wij het wellicht beter hebben dan onze grootouders; veeleer zien we iedere dag hoe vele mensen het op hetzelfde moment veel slechter vergaat dan onszelf. Iedere blik op een smartphone wijst ons op ongelijkheid; ieder bericht brengt ons de boodschap: het leven is onrechtvaardig. Macho onderzoekt de cultuurtechnieken en -systemen die de mens heeft uitgevonden om deze onrechtvaardigheid bij te stellen.

  • Vertrouwen

    Bart Nooteboom

    Met Vertrouwen verheldert en verdiept Bart Nooteboom het begrip 'vertrouwen' en laat hij zien hoe het kan functioneren als een mentale blikopener. Vertrouwen is als schone lucht: je praat er pas over als het er niet is. Iedereen maakt zich tegenwoordig druk over vertrouwen, of beter, over het gebrek daaraan. Maar het begrip 'vertrouwen' is complex en verwarrend. We kunnen het relateren aan objecten, mensen, organisaties of grotere systemen. Nooteboom laat zien hoe vertrouwen werkt in de politiek, in de maatschappij en in relaties.

  • In Oude en nieuwe ongelijkheid verhaalt Kees Vuyk over goede intenties en slechte uitkomsten. De belofte van gelijke kansen gaat steeds holler klinken. Wat heb je aan gelijke kansen als je weet dat je niet in staat bent en nooit in staat zult zijn om ze te benutten, en je kinderen evenmin? Vuyk laat zien dat er, ondanks alle goede bedoelingen, in onze egalitaire samenleving een nieuwe vorm van ongelijkheid is ontstaan. Hij toont wat deze nieuwe ongelijkheid behelst, hoe ze is ontstaan en exploreert mogelijke oplossingen. Hoe bestrijden we ongelijkheid wél?

  • In een tijd waarin velen zich beklagen over de toenemende individualisering en het dikke-ik pleit organisatieadviseur en filosoof Frank Verborg juist voor méér ik. Richt je op het individu en niet op het wij, adviseert hij, dan valt het wij vanzelf als een rijpe appel uit de boom. In zeven essays onderzoekt Verborg het geheim van ons moderne ik: die wonderbaarlijke subjectiviteit die we dagelijks ervaren. De moderne samenleving wordt echter geobsedeerd door objectiviteit, bureaucratie en controle, waardoor het individu gemakkelijk in de knel komt. Dat veroorzaakt groot onbehagen. Willen we in onze overgeorganiseerde samenleving de mens als persoon redden, dan zullen professionals, managers, bestuurders en politici persoonlijk leiderschap, ik-kracht en moraal zonder moralisme moeten tonen. Frank Verborg (1956) is directeur van NPI instituut voor organisatieontwikkeling en werkzaam als managementcoach.

  • Een kritische historicus van de wijsbegeerte kan twee wegen bewandelen. In het eerste geval rafelt hij weer uiteen wat anderen hebben gereconstrueerd en herleest hij de oorspronkelijke teksten met onbevangen blik. In het tweede geval tracht hij uit te maken wat de filosofie van blijvende waarde heeft opgeleverd. De auteur van dit werk doet beide. Hij besteedt daarbij aandacht aan onderwerpen die in bestaande overzichten dikwijls stiefmoederlijk worden behandeld. Zo vindt men in dit deel niet alleen Plato's bekende staatkunde maar ook de moeilijk toegankelijke metafysica van de 'ongeschreven leer', komt naast de levenswijsheid van Epicurus en Stoa uitvoerig de kentheoretische scepsis aan bod, en is plaats ingeruimd voor de vroegchristelijke filosofie en de antieke natuurbeschouwing.

    Het werk verschijnt in twee delen. Dit eerste deel bestrijkt de Oudheid, de patristiek en de vroege Middeleeuwen. Het tweede deel beslaat de laatste duizend jaar.


    Henri Oosthout is classicus, wiskundige en filosoof. Hij schreef onder andere 'Het schandaal van de filosofie' (2010), 'Van de afgrond en de troost' (2012), 'Over muziek' (2012), 'Klein filosofisch lexicon' (2014), en 'Mens in de kosmos'

  • Henri Oosthout laat zien hoe het wijsgerige denken zich langs wisselende wegen heeft voltrokken, op gelukkige momenten boven zijn tijd uitstijgend maar toch ook steeds aan de tijd, de taal en het karakter van zijn beoefenaars gebonden.

    Wijsbegeerte is wetenschap noch poëzie en wijsbegeerte is beide. Met de wetenschap deelt zij het streven naar waarheid: de waarheid van 'zo moet het zijn'. Met de dichtkunst deelt zij de macht van de verbeelding, die ook een vorm van waarheid is: niet de onomstotelijke waarheid van wetenschap en wiskunde maar de waarheid van 'zo kan het zijn'. In dit tweede deel van zijn 'Kritische geschiedenis van de westerse wijsbegeerte' voert Henri Oosthout vanzelfsprekend de vooraanstaande filosofen van het afgelopen millennium ten tonele, van Aquino tot Leibniz, van Kant tot Kolakowski. Een geschiedenis van de filosofie zou echter onvolledig zijn wanneer fysici en dichters daarin ontbraken.

    Het eerste deel van de 'Kritische wijsbegeerte van de westerse geschiedenis' verscheen in 2015 en bestrijkt de Oudheid, de patristiek en de vroege Middeleeuwen.

    Henri Oosthout is classicus, wiskundige en filosoof. Hij schreef onder andere 'Het schandaal van de filosofie' (2010), 'Van de afgrond en de troost' (2012), 'Over muziek' (2012), 'Klein filosofisch lexicon' (2014), en 'Mens in de kosmos' (2015).

  • Hoop wordt vaak verbonden met ons vermogen om controle over de dingen en onszelf uit te oefenen. Maar er schemert een zekere wanhoop door heel onze westerse oriëntatie op machtsontplooiing, die niet zozeer te maken heeft met een gebrek aan macht, als wel met het veronachtzamen van bepaalde menselijke gevoeligheden en ervaringen: medelijden, esthetische roes, inspiratie, rust, verwondering en religiositeit. De auteur laat overtuigend zien dat een ander, meerduidig perspectief op macht en hoop een eerste aanzet kan zijn tot een nieuwe omgang met een nog altijd voortwoekerende malaise.

    DENNIS VANDEN AUWEELE (1986) is verbonden aan het Hoger Instituut voor Wijsbegeerte van de Katholieke Universiteit Leuven. In 2014 promoveerde hij op het proefschrift 'Pessimism in Kant and Schopenhauer. On the Horror of Existence'.

  • Zelfdoding is een tijdloos en alomtegenwoordig fenomeen. Maar het thema is taboe. Elke zinvolle discussie erover moet namelijk op zijn minst de onaangename gedachte toelaten dat het leven het mogelijk níét waard is geleefd te worden. Critchley geeft een treffende historische schets van het fenomeen en een aangrijpend overzicht van beroemde zelfmoordbrieven. Zijn psychologische zelfanalyse laat ons zien wat het betekent om begiftigd te zijn met die al te menselijke gave en vloek om tussen leven en dood te kunnen kiezen.

    Simon Critchley (1960) is hoogleraar filosofie aan de New School for Social Research in New York. In het Nederlands verscheen van hem onder meer 'Over mijn lijk. Wat filosofen en hun dood ons leren' (2011).


    'Een elegant, erudiet en uitdagend boek dat ertoe aanzet om onbevooroordeeld en zonder overspannenheid over zelfmoord na te denken.' - Judith Butler, prominent Amerikaans filosofe, hoogleraar aan de Universiteit van Californië

  • De fundamentele wijsgerige vraag naar de betekenis van geluk is door de consumptiedwang en de maatschappelijke realiteit die daaraan beantwoordt - die van de zelfgenoegzaamheid - naar de achtergrond gedrongen. Badiou onderzoekt hoe we deze ontwikkeling kunnen tegengaan. Het 'ware geluk' ontwaart hij in de subjectivering van het individu, een proces dat in vier etappes verloopt: van de politiek, via de poëzie en de filosofie, naar de liefde. Het gaat hem om een deelhebben van het individu aan het absolute (aan de waarheden), en daarmee om het geluk van ieder afzonderlijk. ALAIN BADIOU (1937), wellicht de belangrijkste Franse filosoof van deze tijd, is emeritus-hoogleraar aan de École normale supérieure in Parijs.

  • Emmanuel Levinas is wellicht de diepzinnigste en gevoeligste filosoof uit de twintigste eeuw. Hij is de denker die het concrete, alledaagse menselijke bestaan heeft beschreven met een voor filosofen ongekende systematiek. In dit boek laat Jan Keij zien wat de 'kaswaarde' van Levinas' filosofie is, vanuit de vraag wat dit denken in de praktijk inhoudt. Die praktische toepasbaarheid van Levinas' denken heeft zich al bewezen in vele cursussen voor onder anderen leken, artsen, maatschappelijk werkers en verpleegkundigen, die allemaal de weg naar het best mogelijke helpen geschetst kregen. Waar het hier om gaat is een filosofie die niet alleen de wereld en de mens interpreteert, maar die ook verandert. Kortom, een inleiding op en praktische uitwerking van de filosofie van Levinas waar geen woord Frans bij is. Jan Keij (1948) is zelfstandig gevestigd filosoof en vooraanstaand Levinas-kenner. Eerder verscheen van hem o.m. 'De filosofie van Emmanuel Levinas' (4e druk 2009) en 'Nietzsche als opvoeder' (2e druk 2012).

  • Spinoza wordt doorgaans beschouwd als een moeilijk te lezen en te begrijpen filosoof, maar hij heeft een bij uitstek praktische filosofie waarmee iedereen zijn voordeel kan doen. Aan de hand van een groot aantal fragmenten uit zijn werk laat Miriam van Reijen zien welke betekenis zijn ideeën voor ons kunnen hebben in zowel ons dagelijks leven, als in organisaties en de politiek. Spinoza beschikte over een heuse motivatietheorie, waarin hij het voornamelijk door emotie gestuurde 'passieve' handelen onderscheidde van het door rede en inzicht ingegeven 'actieve' handelen. Spinoza toont ons de weg van onmacht naar macht, van trieste passies naar vreugde en geluk, van lijden naar leiden.


    Miriam van Reijen is hoofddocent Filosofie & Praktijk aan de Internationale School voor Wijsbegeerte en nam in 2011 als docent deel aan de collegereeks 'Filosofie voor managers' aan Nyenrode Business Universiteit. Ze is bestuurslid van de Vereniging Het Spinozahuis en de Vereniging voor Filosofische Praktijk. Eerder schreef ze onder meer 'Spinoza. De geest is gewillig, maar het vlees is sterk' (5e druk).

  • Jan Keij biedt op geheel eigen wijze een nieuwe kijk op Kierkegaard door hem te typeren als verschilsdenker. Deze inleiding biedt daarmee een hoogst originele, uitdagende en provocerende visie op de Deense filosoof.

    Jan Keij legt Kierkegaard uit zoals de Deen dat zelf zou willen: op een vrije wijze, waarbij in getrouwheid aan zijn teksten gezocht wordt naar het nut van zijn filosofie voor het persoonlijke leven. Want het was Kierkegaard te doen om het individu. De toepasbaarheid van zijn gedachtegoed wordt versterkt door hem te interpreteren vanuit Levinas en Derrida. Via deze hedendaagse denkers wordt het christelijke van Kierkegaards wijsbegeerte getransformeerd in een seculiere religiositeit, en wel zo dat ook agnosten zich daar in kunnen vinden.

    Een prima leidraad voor de vaak moeilijke exercitie die het leven kan zijn.

  • Op het continent van Europa staan we er zo beroerd nog niet voor als in Engeland en de Verenigde Staten, al lijken we wel hard op weg naar `Amerikaanse toestanden'. Daarom roept Joost van der Net de leden van onze nog jonge Europese natie op om, nu het nog kan, een ander pad dan het Amerikaanse te kiezen. De lokroep van het Engels-Amerikaanse kapitalisme moet worden weerstaan. Een weg terug kan en moet worden gebaand naar de idealen van de jaren zestig en zeventig. Waarom leden van de Europese natie een dergelijke weg zouden willen zoeken; waarom ze van der Nets oproep zouden willen volgen? Omdat zij, zo verwacht hij, zich aangesproken zullen voelen door de in dit boek voorgestelde Europese Droom.

  • In Het begin van de melancholie betoogt Ben Schomakers dat we ons hoofd niet moeten afwenden van ons verdriet. Immers, verdriet kan ons inzicht geven in wie wij zijn, maar ook in wat een mens is. In dit prachtige essay komen verschillende, zeer herkenbare facetten van onze omgang met verdriet en melancholie aan bod: de moeizaamheid van de troost, het geheugen van het verlangen, het dwepen met het tragische en het vrije-onvrije verder leven na het verdriet. Een originele kijk op melancholie als hoopgevende bron van inzicht in de structuur van de ziel en het bestaan.

  • In Filosofisch veldwerk onderzoekt Florentijn van Rootselaar onze verhouding tot de wereld. Door ontwikkelingen zoals klimaatcrisis, fake news en de versnelling van ons leven zijn er nieuwe vormen van vervreemding ontstaan. Hierdoor zijn we het contact met de wereld verloren. Hoe moeten we met deze existentiële crisis omgaan? Grote hedendaagse filosofen als Peter Sloterdijk, Martha Nussbaum, Tu Weiming, Michael Puett en Roger Scruton gaan met Van Rootselaar in gesprek en bieden nieuwe manieren van luisteren naar de wereld en onszelf. Filosofisch veldwerk is levenskunst voor iedereen die zich druk maakt over onze toekomst.

empty