AUP Wetenschappelijk

  • More Machiavelli in Brussels is een uniek boek over belangengroepen en de invloed die zij uitoefenen op de overheid, met name de Europese Unie (EU). Door bevindingen samen te voegen van zowel academici als EU-medewerkers heeft Rinus van Schendelen een praktische handleiding samengesteld, van onschatbare waarde voor een succesvollere lobby binnen de EU. Van Schendelen verbindt in zijn boek twee thema's. Het eerste is Public Affairs Management (PA): de expertise die nodig is om autoriteiten en belanghebbenden effectief en efficiënt te beïnvloeden. Lobbyen speelt hierbij slechts een kleine rol. Traditionele beïnvloedingsmanieren zijn steeds meer achterhaald en worden vervangen door PA. Het tweede thema is de Europese Unie als politiek systeem. Dit systeem is zeer belangrijk door haar wetten en besluiten en door de geldstromen van en naar de EU. Dit trekt ontelbaar veel belangengroepen die opereren voor overheden en maatschappelijke organisaties. Hoe wordt invloed binnen de EU gewonnen of in ieder geval niet verloren? Aan de hand van Machiavelli's uitspraken benadrukt Van Schendelen zijn drie steekwoorden tot succes: ambitie, studie en voorzichtigheid. In deze vierde herziene editie presenteert de auteur nieuwe feiten en voorbeelden uit de praktijk, beperkingen en problemen van PA binnen de EU en de belangrijkste wijzigingen van PA binnen de EU. Rinus van Schendelen is hoogleraar Politicologie aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam.

  • Oratie Architectuurgeschiedenis van 9 oktober 2008
    De (re-)constructies van het verleden in historische disciplines zoals de kunst- en architectuurgeschiedenis veranderen regelmatig. Dit gebeurt onder invloed van uiteenlopende factoren binnen en buiten de eigen discipline. In het verleden werden echter ook constructies van een verder weg gelegen geschiedenis gemaakt om de positie van een opdrachtgever (bijvoorbeeld vorsten) of een opdrachtgevende instelling (bijvoorbeeld stedelijke overheden of kloosters) een plaats te geven. Het construeren van een specifiek verleden speelde in de architectuurgeschiedenis een belangrijke rol, omdat gebouwen uitstekende zichtbare tekens waren van macht en gepretendeerde posities. In zijn oratie bespreekt Lex Bosman aan de hand van de omgang (ambulatorium) de problematiek van de constructies van een architectonische geschiedenis in de architectuurgeschiedenis van zowel toen als nu. De belangrijkste gebouwen die hierbij ter sprake komen zijn de bisschopskerk van Rome, de St. Jan van Lateranen (vierde en vijfde eeuw), de vroegere bisschopskerk van Keulen (begin negende eeuw) en het beroemde kloosterplan van St. Gallen van rond 830.

  • De nalatenschap van de liefhebber-verzamelaar Lambert ten Kate Hermansz. (1674-1731) werd op 16 juni 1723 te Amsterdam geveild. Ze bestond uit zon 550 tekeningen, waaronder schetsen van Rembrandt en Rafaël. In de bijbehorende veilingcatalogus waren alle tekeningen uit zijn verzameling beschreven volgens een door hemzelf gemaakt manuscript. De verkoopcatalogus van Ten Kate is daarmee de vroegst bekende van dien aard. Maar niet alleen dat maakt deze catalogus tot een interessant onderzoeksobject: Ten Kate had aan een groot aantal van zijn tekeningen een aantekening toegevoegd waarin hij zijn persoonlijke waardering en kritiek vastlegde. Bovendien staan bij elke tekening de koper en de prijs vermeld zoals die voorkomen in het exemplaar van de catalogus in de Fondation Custodia te Parijs. Daardoor ontstaat een interessant beeld van het verzamelwezen en de kunstprijzen in de zeventiende en vroege achttiende eeuw.

    In Kennerschap & de ideale schoonheid. Lambert ten Kate over de tekeningen in zijn verzameling worden de teksten bij Ten Kates tekeningen gepubliceerd met een inleiding en een uitvoerige analyse van Hessel Miedema. De tekst is rijk geïllustreerd met afbeeldingen van de beschreven tekeningen.

  • This richly illustrated study is the first consider the manifold functions and meanings of Halss distinctive handling of paint. Atkins explores the uniqueness of Halss approach to painting and the relationship of his manner to seventeenth-century aesthetics. He also investigates the economic motivations and advantages of his methods, the operation of the style as a personal and workshop brand, and the apparent modernity of the artists style. The book seeks to understand the multiple levels on which Halss consciously cultivated manner of painting operated for himself, his pupils and assistants, his clients, and succeeding generations of viewers. As a result, the book offers a wholly new understanding of one of the leading artists of the Dutch Golden Age, and one of the most formative painters in the history of art in the Western tradition. It also provides a much needed interrogation of the interrelationships of subjectivity, style, authorship, methods of artistic and commercial production, economic consumption, and art theory in early modernity.

  • Flexible Polyurethane (PUR) foams, in use since the 1950s and familiar from furniture upholstery and other domestic textiles, can be found in museum collections in numerous art and design objects. However, these exhibits pose severe conservation problems due to the ageing of the foam caused by photo-oxidation, leading to discoloration, loss of strength and fl exibility, and fi nally the crumbling of the object. This defi nitive work outlines the most up-to-date methods of restoring fl exibility of older foams and protecting new foams from degradation by coating them with stabilising systems acting effectively as a `sunblock. The author, an experienced conservator, describes the research involved in developing the new methods and their impact on the visual, textural and chemical properties of treated PUR foams. One of the chapters details the preparation and application of the light stabilizing system to PUR foams.

  • De schilderijen van de Nederlandse kunstenaar Albert Eckhout zijn onlangs getoond op diverse internationale tentoonstellingen in Denemarken, Brazilië en Nederland. Echter, de meest recente monografie van deze kunstenaar, die tijdens de periode dat Brazilië gekoloniseerd was door Nederland en bestuurd werd door de West Indie Compagnie, komt uit 1938

  • Een reconstructie van Rembrandts bibliotheek en de invloed van zijn leesgedrag op zijn creatieve werk
    Hoewel Rembrandts interesse in de bijbel al lang als zeer groot erkend wordt, is zijn belangstelling voor seculiere literatuur relatief onderbelicht. Al in 1641 werd Rembrandt door Philips Angel geprezen om 'de ijver waarmee hij de kennis over historische verhalen uitzocht in oude, muffige boeken'. Amy Golahny borduurt voort op deze observatie door Rembrandts bibliotheek te reconstrueren op basis van de boedelbeschrijving naar aanleiding van Rembrandts faillissement in 1656 en door opnieuw waar te nemen hoe het lezen van historische verhalen bijdroeg aan Rembrandts creatieve proces.
    Golahny plaatst Rembrandt in de in streektaal onderlegde cultuur van het zeventiende-eeuwse Holland en laat zien dat de schilder een pragmatische lezer was wiens aandacht voor historische teksten hem sterkte in de rivaliteit met Rubens voor visueel drama en eruditie.

  • UvA/ Oratie illustratie, van vrijdag 13 november 2009, 14:30 uur

    Tijdens haar oratie gaat Saskia de Bodt na hoe het vak van illustrator zich heeft ontwikkeld op het snijvlak van de kunst enerzijds en de literatuur anderzijds. Ze constateert hoe illustratie, vanwege het narratieve aspect, het in de kunstgeschiedenis altijd heeft moeten afleggen tegen de autonome kunst. En hoe literatuurhistorici en filologen het woord altijd boven het beeld hebben gesteld. De Bodt geeft invalshoeken en aanknopingspunten voor onderzoek in dit nieuwe vakgebied. Aan de hand van onder meer de illustraties bij de sprookjes van Andersen en de fantastische verhalen en gedichten van Edgar Allan Poe toont ze aan dat juist het beeld bij teksten onverwachte informatie kan opleveren, bijvoorbeeld over beeldvorming in een bepaalde tijd. Omdat illustraties doorgaans een groter publiek bereiken dan autonome kunst, is hun invloed groter, al is die niet altijd even gemakkelijk meetbaar. De Bodt stelt de vraag of het niet vooral de plaatjes zijn die klassieke verhalen als Alice in Wonderland, de Grote Vriendelijke Reus en Jip en Janneke zo lang actueel houden. Beeld is universeler, veroudert minder snel dan tekst. Bijna niemand leest nu nog Vondel in de oorspronkelijke taal, maar we staan wel collectief voor het werk van Rembrandt en tijdgenoten. Wordt het niet eens tijd dat we op school behalve tekst verklaren' ook beeld lezen' krijgen? Met haar studenten hoopt De Bodt de komende jaren aan een serieuze geschiedenis van de illustratie in Nederland en Vlaanderen te werken.

  • The question whether or not seventeenthcentury painters such as Rembrandt and Rubens created the paintings which were later sold under their names, has caused many a heated debate. Much is still unknown about the ways in which paintings were produced, assessed, priced, and marketed. For example, did contemporary connoisseurs expect masters such as Rembrandt to paint their works entirely by their own hand? Who was credited with the ability to assess paintings? How did a paintings price relate to its quality? And how did connoisseurship change as the art market became increasingly complex? The contributors to this essential volume trace the evolution of connoisseurship in the booming art market of the seventeenth- and eighteenth centuries. Among them are the renowned Golden Age scholars Eric Jan Sluijter, Hans Van Miegroet and Neil De Marchi. It is not to be missed by anyone with an interest in the Old Masters and the early modern art market.

  • Een introductie op de Oudnederlandse schilderkunst

    In de negentiende eeuw vond de herontdekking plaats van vijftiende-eeuwse paneelschilders uit de Nederlanden, zoals de Meester van Flémalle alias Robert Campin, Rogier van der Weyden, de gebroeders van Eyck, Hugo van der Goes, Hans Memling, Geertgen tot Sint Jans en Gerard David. Sindsdien heeft de belangstelling voor hun werken zoals die tot uitdrukking komt in collectionering en onderzoek een geweldige vlucht genomen. De bestudering van deze schilderijen omvat allerlei aspecten, zoals toeschrijving en datering, bronnen-onderzoek, inhoudelijke interpretaties, en onderzoek naar werkplaatspraktijken en de sociale en cultuur-historische context.

    Deze publikatie biedt een introductie op de Oudnederlandse schilderkunst door te laten zien op welke verschillende manieren deze kunst sedert haar herontdekking verzameld, onderzocht en geïnterpreteerd is. Allereerst wordt dit gedemonstreerd aan de hand van de bespreking van een aantal afzonderlijke werken. Dan wordt de geschiedenis van de herontdekking, van het ontstaan van collecties, en van de ontwikkeling van allerlei kunst- en cultuurhistorische visies en benaderingswijzen behandeld. Tot slot komen moderne invalshoeken aan de orde: materieel-technisch onderzoek, opdrachtgeversonderzoek en onderzoek naar symbolische betekenissen.

    - Het boek bevat bijdragen van experts uit binnen- en buitenland en is samengesteld door Bernhard Ridderbos (Rijksuniversiteit Groningen), Anne van Buren (emeritus-hoogleraar Tufts University, USA) en Henk van Veen (Rijksuniversiteit Groningen).

  • Anglais Fellini

    Sam Stourdzé

    40 jaar beslaat de carrière van Federico Fellini, een van de gezichtsbepalende meesters van de naoorlogse Italiaanse cinema. Die 40 jaar hebben titels gebaard die zich voorgoed in het geheugen van de filmliefhebber hebben genesteld. Fellini ontrafelt het universum van de filmmaker en boort de bronnen van zijn rijke verbeelding aan. Foto's, archiefstukken, brieven en affiches geven 20 jaar na zijn overlijden inzicht in de obsessies en drijfveren van de man achter La strada, La dolce vita en 8. Fellini verkent het leven en werk van legendarisch filmmaker aan de hand van vier thema's: Popular Culture, Fellini at Work, The City of Women en Biographical Imagination. Een diepgravende analyse nuanceert en verrijkt het beeld van het Fellini-universum als een wereld van overdadige vertellingen over extravagante personages. Een universum waarin Fellini's alter ego ­ meerdere keren gespeeld door Marcello Mastroianni ­ in steeds wisselende gedaantes opduikt en waarin een parade van groteske menselijke zwakheden de revue passeert. Deze analyse wordt verder aangevuld met korte teksten die dieper ingaan op de specifieke kenmerken van zijn oeuvre, zoals Fellini's werkwijze, obsessies en samenwerkingen. Zo krijgt de lezer een uniek inzicht in de inspiratiebronnen van Fellini: van het ruwe materiaal tot aan zijn creatieve proces en verder. Hiermee laat het boek zien hoe de filmmaker onlosmakelijk verbonden is met de eeuw van de cinema en de eeuw van het beeld in het algemeen. Het boek bevat verder een weelde aan visueel materiaal, van filmstills tot fotosets, tekeningen, beelden uit home movies, stills uit Fellini's reclamefilms, strips, ongebruikte scènes, tijdschriften en affiches. Daarnaast zijn nooit eerder vertoonde foto's van fotografen als Gideon Bachmann, Deborah Beer en Paul Ronald in het boek opgenomen. Dit rijk geïllustreerde boek begeleidt de grote tentoonstelling Fellini ­ The Exhibition in filminstituut EYE in Amsterdam (30 juni t/m 29 september 2013). Sam Soutrdzé is de directeur van het Musée de l'Élysée in Lausanne, Switzerland.|Marente Bloemheuvel is associate curator van EYE Film Instituut Nederland, Amsterdam en freelance curator.|Jaap Guldemond is Hoofd Tentoonstellingen van EYE Film Instituut Nederland, Amsterdam.

  • In Reading Rembrandt: Beyond the Word-Image Opposition onderzoekt Mieke Bal de toepasbaarheid van een interdisciplinaire methodiek voor beeldende kunst en literatuur. Door de bestudering van een reeks van kunstanalyses van de werken van "Rembrandt" - van hedendaagse kunstkritieken tot de verschillende wijzen waarop men vroeger de werken van Rembran

  • Tijdens de talloze veilingen die de Amsterdamse Weeskamer in de eerste helft van de Gouden zeventiende eeuw organiseerde, blijken het vooral koopmannen te zijn geweest, en dan met name uit de Zuidelijke Nederlanden en Holland, die hun goede geld investeerden in de aankoop van een Dürer of een Gerard Dou. Op basis van vele originele documenten die d

empty