Cossee, Uitgeverij

  • Meer dan een broer

    David Diop

    Op een mistige ochtend, op een van de slagvelden van de Eerste Wereldoorlog, blaast kapitein Armand op zijn fluit. Alfa Ndiaye en Mademba Diop, twee Senegalese soldaten die ver van huis vechten voor de Franse overwinning, springen samen met hun kameraden op uit de loopgraven om de Duitsers te lijf te gaan. Enkele seconden later ziet Alfa hoe Mademba, zijn jeugdvriend, zijn meer-dan-eenbroer, dodelijk gewond ter aarde stort. Alfa blijft achter in de waanzin van de oorlog en is vastbesloten om Mademba te wreken. Als hij daarmee zijn kameraden schrik aanjaagt wordt hij overgebracht naar het lazaret, achter de linies, weg van het slagveld. Ver van huis, op een vreemd continent en omgeven door mensen met een andere huidskleur, die een taal spreken die hij nauwelijks beheerst, vertelt Alfa zijn verhaal - dat van Afrikaanse soldaten die met een geweer in de ene en een kapmes in de andere hand werden gebruikt voor de oorlogsmachinerie. David Diop laat ons in een hypnotiserende stijl en in poëtische en precieze taal zien hoe ver de liefde voor een dierbare kan gaan. Meer dan een broer is nu al een moderne klassieker, een hernieuwde aanklacht tegen de verschrikkingen van de oorlog.

  • Er zijn meer dan drie miljoen jongeren in Japan die zich volledig hebben teruggetrokken.Ze hebben zich opgesloten in hun kamer en afgesloten van de wereld. Milena Michiko Flaar schreef een unieke, indrukwekkende roman over een fenomeen dat culturen verbindt en landsgrenzen overschrijdt.

    Een jongeman verlaat zijn kamer na een isolement van twee jaar. Hij verzamelt al zijn moed, verlaat op de tast het huis van zijn ouders en gaat de straat op. Voorzichtig betreedt hij de wereld opnieuw en vindt zijn weg naar een bankje in het park, zijn toevlucht en nieuwe schuilplaats. Daar opent hij zijn ogen.

    Tegenover hem zit een salaryman, een kantoormedewerker zoals er duizenden zijn; een lunchpakketje op schoot, keurig in het pak. Dagenlang kijken ze stiekem naar elkaar, voorzichtig groeten ze elkaar, en dan komt de dag waarop ze naast elkaar gaan zitten en beginnen te vertellen. Over wat er misgegaan is, over levens vol angst en falen, over teleurstellingen en schaamte. Ze worden bijna vrienden, de twee buren op hun parkbankje, tot op een dag de salaryman niet meer verschijnt met zijn liefdevol gevulde lunchtrommeltje.

    Het internationale succes van Haruki Murakami heeft de universele waarden van oost en west laten zien. Milena Michiko Flaar wordt beschouwd als de vrouwelijke, jongere Murakami. Haar ontroerende verhaal overbrugt elke denkbare culturele kloof. Met haar twee parkbankvrienden, die op alle gebieden buiten de geldende norm vallen, zit zij als derde in het park en betovert ons met hun verhaal.

  • Een vrouw op de vlucht voor een bericht is een groots verhaal over een vrouw, haar twee zoons en hun verschillende vaders. Een roman over vriendschap en ruimdenkendheid, over een grote liefde en een versmade liefde, over ouderschap en over je weg in het leven. Maar het is vooral een ongeëvenaarde roman over de bijna heldhaftige inspanning van een moeder om een gezin in stand te houden in een klein en verscheurd land.

    Israël verkeert in staat van alarm. Ofer heeft net zijn dienstplicht erop zitten, maar meldt zich vrijwillig voor een militaire actie op de Westelijke Jordaanoever. Ora, zijn moeder, vlucht zonder mobieltje en zonder radio het huis uit om zich niet te kwellen met het wachten op een slecht bericht. Ze twijfelt er niet aan dat dit bericht zal komen. Maar door te weigeren het in ontvangst te nemen, kan ze misschien de boodschap tegenhouden en haar zoon redden.

    Grossmans monumentale roman wordt nu al beschouwd als een mijlpaal van de hedendaagse literatuur.

  • Met In ongenade werd J.M. Coetzee wereldberoemd. Het geldt inmiddels als een moderne klassieker. In ongenade werd verfilmd als Disgrace.

    Voor een man van zijn leeftijd, tweeënvijftig, gescheiden, heeft hij het probleem van de seks naar zijn idee heel aardig opgelost. Iedere donderdagmiddag rijdt hij naar Green Point. Stipt om twee uur drukt hij op de bel bij de ingang van Windsor Mansions, zegt zijn naam en gaat naar binnen. In de deur van nummer 113 staat Soraya op hem te wachten.

    Een wetenschapsman, werkzaam aan de universiteit maar in ongenade gevallen door een affaire met een studente, trekt zich terug op de afgelegen boerderij van zijn dochter, in de hoop enig evenwicht in zijn leven aan te brengen.

    Maar de harde werkelijkheid rukt meedogenloos op en verstoort alle broze relaties. Hij wordt samen met zijn dochter het slachtoffer van een gewelddadige actie.

  • Grossmans meesterwerk over een doortastend meisje en een verlegen jongeman met een hond die hem door Jeruzalem sleurt, heeft de lezers wereldwijd betoverd. Met interview met de auteur.

    Een hond - een hond sleurt een jongen mee door de drukke binnenstad van Jeruzalem. De jongen kent de hond niet, hij heeft alleen van hogerhand de opdracht gekregen hem bij de rechtmatige eigenaar terug te bezorgen, al heeft hij geen idee wie dat is. De hond neemt vanaf de kennel het initiatief en behoudt het tot het eind.

    Hij ontketent een serie avonturen die de lezer in een adembenemend tempo door dit boek voert, door alle jachtigheid, controverses en onverzoenlijkheden heen waarin we leven. Een excentrieke kluizenares, drugsverslaafden, straatmuzikanten, potenrammers, vuurvreters en criminelen, maar ook een verlegen jongeman, een doortastend meisje en een liefde die haar beslag krijgt ver buiten Jeruzalem.

    David Grossman is er in De stem van Tamar opnieuw in geslaagd een onvergetelijk vrouwenportret te schilderen.

  • 'Even indrukwekkend als In ongenade.' - NRC Handelsblad

    Tientallen jaren al bestuurt de oude, beschaafde magistraat naar ieders tevredenheid het dorpje aan de grens van het Rijk. Wanneer de regering het decreet uitvaardigt dat de barbaren in het grensgebied moeten worden vervolgd, kan de oude man daar niet veel begrip voor opbrengen. Hij voelt eerder sympathie voor die zogenaamde barbaren, een nomadenvolk dat niemand kwaad doet. Op subtiele wijze beschrijft Coetzee in Wachten op de barbaren niet simpelweg een bestuurder met een gewetensconflict, maar iemand die heen en weer geslingerd wordt tussen medeplichtigheid, onverschilligheid en verzet.

  • Moeder in de ontwenningskliniek, vader met 'assistente' op zakenreis: Maik Klingenberg zal de grote vakantie in zijn eentje doorbrengen bij het zwembad van de villa van zijn ouders. Maar dan duikt Tsjik op.

    Tsjik, die eigenlijk Andrej Tsjichatsjow heet, is niet bepaald een toonbeeld van integratie. Hij komt uit een van de aso-torenflats in Berlijn-Hellersdorf en heeft het op de een of andere manier tot het gymnasium weten te schoppen. Hij heeft een lichtblauwe Lada gescoord en daarmee begint een tocht zonder landkaart over het Duitse platteland in hartje zomer. Tsjik wil graag naar Walachije waar zijn opa woont,maar er is in de hele provincie Brandenburg geen enkele wegwijzer naar Walachije te vinden.

    Wat volgt, is een reis die zo grotesk, droevig, dramatisch en grappig is dat je geregeld niet meer verder kunt lezen van het lachen, maar evenmin kunt ophouden. In de lege wereld achter Berlijn is blijkbaar niemand echt in vakantiestemming. Niet de knappe Tatjana, op wier verjaardagsfeest zij niet uitgenodigd zijn, niet WO II veteraan Fricke die een uitstekende schutter is, niet de man aan de benzinepomp en helemaal niet het varken op de autosnelweg. Maik vertelt hun vakantieverhaal zonder opsmuk met het temperament van een veertienjarige, argeloos en wereldwijs.

    Tsjik is een hartverwarmende en hartverscheurende avonturenroman die maar één nadeel heeft: dat hij maar 256 bladzijden telt en dus veel te snel uit is. Maar zo gaat dat nu eenmaal met verboden tochtjes in een gejatte auto.

  • Zie: liefde wordt beschouwd als één van de grote boeken van de twintigste eeuw. Het wordt op scholen gelezen en op universiteiten bestudeerd, en in Jeruzalem is er voor de vrienden van Momik, de bedachtzame jongen, werkelijk een `Momik-wandelroute'. Reden genoeg om de ontroerende en toch uiterst komische roman in een zorgvuldig herziene en mooie uitgave opnieuw toegankelijk te maken.

    Jonge én oude lezers over de hele wereld zijn nog steeds geïmponeerd en betoverd door de negenjarige Momik met zijn tomeloze nieuwsgierigheid en eigenzinnige fantasie. Als zijn grootvader Ansjel, van wie iedereen gelooft dat hij door het `nazibeest' om het leven is gebracht, veertien jaar na de oorlog uit het gekkenhuis in Jeruzalem wordt ontslagen en kleumend en brabbelend voor de deur staat, wil - nee, móet Momik weten hoe dat nazibeest eruitziet, en wat het zoal vreet. Dan kan hij het in de kelder voederen en temmen. Dan laat het zijn grootvader eindelijk met rust.

    Maar die vindt geen rust. Alsof hij dwangmatig telkens weer zijn verhalen moet vertellen over de `kinderen van het hart' die hem als schrijver van kinderboeken beroemd hebben gemaakt en die Obersturmbannführer Neigel steeds weer wilde horen.

    En in een poging nader uit te leggen waartoe de mensen goedschiks of kwaadschiks in staat zijn, heeft Grossman een encyclopedie van `noodzakelijke grote woorden' toegevoegd, die Ansjels levensverhaal onder lemma's van `Liefde' tot `Untermensch' en van `Seks' tot `Wonder' verder vertellen.

  • Halverwege De haas met de amberkleurige ogen - de internationale bestseller waarin Edmund de Waal over zijn Joodse bankiersfamilie, de Ephrussi's, en hun kunstcollectie vertelt - verrast hij ons met een portret van een intrigerende, moedige vrouw, zijn Weense grootmoeder Elisabeth. De passages die hij uit haar romans citeerde zijn onvergetelijk; net als haar eigen roman Het verborgen stadspaleis.

    Elisabeth de Waal schetst de levens van de teruggekeerde ballingen die, net als zijzelf als jong meisje, opnieuw hun weg proberen te vinden in een veranderende stad. Elke donderdag komen ze op uitnodiging van de zakenman Theophil Kanakis naar zijn riante paleisje: journalisten, acteurs, schrijvers en geleerden. Men wil, na al die hongerjaren, genieten, drinken, praten, verliefd raken en vergeten. Eindelijk kunnen ze weer vooruitkijken. Er is een toekomst!

    Opnieuw beginnen wil ook professor Adler, teruggekomen uit New York. Hij wil niets liever dan zijn werk voortzetten aan `zijn' instituut. De Oostenrijkse regering heeft gegarandeerd dat alle verdreven wetenschappers en kunstenaars mogen terugkeren in hun oude positie, maar Adler stuit vooral op verzet, smoesjes en onverhulde vijandigheid. Hij ziet ook iemand anders struikelen: de beeldschone Marie-Theres. Zij komt bij Kanakis voor het eerst in aanraking met een milieu van decadentie, levenshonger en morele onzekerheid, en gaat aan haar eigen naïviteit ten onder.

    Het verborgen stadspaleis is in veel opzichten het vervolg op de internationale bestseller van haar kleinzoon, en biedt de lezer een `ooggetuigenverslag' van de wereld van de Ephrussi's. Het evocatieve proza van Elisabeth de Waal schetst niet alleen de hoop en dromen van de teruggekeerde ballingen, maar toont ook wat het betekent ergens thuis te zijn. Een juweel van een literaire herontdekking, dat niet zou misstaan tussen de fonkelende sieraden van de exuberant uitgedoste prinsessen van weleer, de Sachertorte en de walsen van Johann Strauss.

  • Een donkere nacht in 1942. Een man staat in Lissabon in de haven op de kade en staart naar een Amerikaans schip. De man is Hitler-Duitsland ontvlucht en heeft geen visum en geen geld. Plots biedt een onbekende hem twee tickets aan voor de boot naar Amerika. Onder slechts één voorwaarde: dat hij deze nacht naar zijn verhaal zal luisteren.De emigrant aarzelt, maar stemt toch in, hij heeft in zijn hopeloze situatie tenslotte niets te verliezen. Het wordt een lange nacht, in bars, in nachtcafés en in de vroege ochtenduren zelfs in een bordeel. Maar waarom móét Joseph Schwarz dit verhaal vertellen, en waarom aan hem?

    Erich Maria Remarque (pseudoniem van Erich Paul Remark; Osnabrück, 1898 - Locarno, 1970) werd in 1929 wereldberoemd met Van het westelijk front geen nieuws en geldt als een van de bekendste en meest gelezen auteurs van de Duitse literatuur in de twintigste eeuw. Na de Eerste Wereldoorlog volgde hij een lerarenopleiding, daarnaast was hij actief als steenhouwer en als
    testrijder voor een bandenbedrijf. Zijn schrijverscarrière startte hij als toneelcriticus en als sportjournalist. In 1933 werden Remarques boeken in het openbaar verbrand en in Duitsland verboden. In 1938 werd hem zijn Duitse staatsburgerschap ontnomen, in 1939 emigreerde hij naar de Verenigde Staten en in 1947 verkreeg hij de Amerikaanse nationaliteit. Na de oorlog publiceerde hij zeven romans, waaronder de meesterwerken De nacht in Lissabon en Arc
    de Triomphe, die op uiterst boeiende manier vertellen over wat nationalistische grootheidswaan, oorlogen en autoritaire ideologieën met de gewone burger doen. Remarque is, net als Thomas Mann, nooit meer naar Duistland teruggekeerd.

  • Laatste vrienden

    Jane Gardam

    Het zou een leven lang duren totdat Edward Feathers en Terry Veneering, als advocaten felle tegenstanders in talloze processen, zich realiseren dat zij net zo goed vrienden hadden kunnen zijn. En toch: het blijft voor Edward een raadsel wat Betty zo aantrekkelijk vond aan Veneering. Hij is dan wel een imposante verschijning en getrouwd met de mooiste vrouw uit een van de rijkste families van Hongkong, maar desalniettemin iemand die in de betere kringen van Hongkong (en in Engeland helemaal!) als een parvenu wordt beschouwd.

    Over Veneerings afkomst waren er altijd al geruchten. Was zijn vader een circusartiest - of wellicht een Russische spion against the British Empire? Voor Feathers is dat gossip, hij wil alleen weten waarom Betty nooit een kwaad woord over hem wilde horen. Maar zo'n vraag is voor Feathers not done, net als voor Veneering, die er uiteindelijk nooit achter komt waarom Betty onomstotelijk trouw bleef aan haar onberispelijke man.

    In het slotstuk van haar Old Filth-drieluik vertelt Jane Gardam met serene ironie over ouderdom en fatsoen. 'Laatste vrienden' is een betoverende roman over een onverwachte vriendschap, de kunst van het vergeven en het vermogen om lief te hebben.

  • Een trouwe vrouw

    Jane Gardam

    Is liefde een kwestie van principes? Na 'Een onberispelijke man' (DWDD Boek van de Maand) het - ook zelfstandig te lezen - vervolg: Betty's verhaal van haar huwelijk met Edward Feathers.

    Begin jaren zestig, het zijn de laatste dagen van het British Empire, keert Betty terug naar haar geliefde Hongkong, waar zij is opgegroeid. Daar krijgt de jonge vrouw met de rode krullen, onmiskenbaar een kind van Old England, een onberispelijk huwelijksaanzoek: handgeschreven op briefpapier van een vooraanstaand advocatenkantoor.

    Als Betty zich verlooft met Edward Feathers, een advocaat met de rare bijnaam 'Old Filth' (Failed in London Try Hong Kong), weet zij intuïtief dat hun huwelijk nauwelijks op passie gegrond zal zijn. En zij weet evenmin dat zij kort daarna Terry Veneering zal ontmoeten, Edward Feathers' aartsrivaal. Toch zal ze later bij hoog en bij laag beweren dat zij altijd hartstochtelijk van Edward heeft gehouden.

    Is liefde (ook) een kwestie van fatsoen of van integriteit? De manier waarop Jane Gardam het huwelijk van het echtpaar Feathers vanuit Betty's perspectief in een heel ander licht laat zien, noemt The Guardian meesterlijk.

  • Aan het begin van de vorige eeuw wordt de zesjarige Polly Flint achtergelaten
    bij haar twee vrome tantes, een norse weduwe en een onberekenbare
    dienstmeid. In hun gele huis aan de Engelse kust, met niets anders
    dan duinen en een uitgestrekt landschap om zich heen, zit er voor de
    eenzame wees niet veel anders op dan te lezen. Vooral Robinson Crusoe
    sluit ze in haar hart. Ze delen immers hetzelfde lot: beiden achtergelaten
    op een verlaten stukje land en beiden de held van hun eigen verhaal.
    Polly neemt het boek met zich mee wanneer de aristocratische Mr
    Thwaite, een mysterieuze kennis van de familie, haar uitnodigt voor een
    bezoek aan zijn landgoed op de vlaktes van York. Samen met zijn zus
    ontvangt hij verarmde schrijvers en artiesten. Daar wordt ze verliefd,
    eerst op een jonge dichter, later op een geheimzinnige Duitse jongen uit
    een gegoede Joodse familie.
    Deels gebaseerd op haar eigen jeugd en die van haar moeder in het
    eenzame Yorkshire, schetst Jane Gardam met het stilistisch vernuft dat
    haar beroemd en geliefd heeft gemaakt, het portret van een jonge, eigenzinnige
    vrouw. Meesterlijk schetst zij een afgelegen deel van Engeland,
    waarin het gele huis aan de kust langzaam wordt omsloten door de moderne
    wereld, door woonwijken en autowegen. Te midden van die veranderingen
    is Polly, eenzaam, gevoelig en ambitieus, een onvergetelijke
    vrouw en romanpersonage. Net als Edward Feathers, de onberispelijke
    man, en zijn ondoorgrondelijke Betty.

  • De dood van Jezus

    J.M. Coetzee

    David is tien jaar geworden en voetbalt elke week met zijn vrienden. Ze hebben geen teams of regels: soms staan er dertig in het veld en soms slechts vijf. Op een dag nodigt de directeur van een naburig weeshuis hen uit een wedstrijd tegen de wezen te spelen. Misschien vinden ze het leuk om zichzelf eens te meten met een echt team, om hun best te doen en alles te geven om te winnen. Maar David gaat veel verder dan dat. Hij besluit zijn thuis te verlaten en intrek te nemen in het weeshuis. Zijn ouders, Inés en Simón, kunnen niets doen om hem daarvan te weerhouden. Kort na zijn vertrek wordt hij opgenomen in het ziekenhuis vanwege een mysterieuze aandoening. Hij lijkt niet meer te redden. Steeds meer verliezen de ouders hun grip op de zoon die in alles hun tegenovergestelde lijkt. Wie is deze jongen eigenlijk, die het leven probeert te begrijpen door middel van nummers, sterren, dans en voetbal? En wie zijn zijn ouders zonder hem?


    De dood van Jezus is het laatste deel van Coetzees poëtische en filosofische saga over het leven van David. Een stralend en vluchtig leven, als een komeet die de lucht doorkruist. Met deze roman die naar de oorsprong van alles zoekt, biedt de Nobel-laureaat eens te meer het meest prachtige werk.

  • In de kou en omgeven door alle verschrikkingen van het oostfront verheugt Ernst Graeber zich op niets meer dan zijn verlof. Thuis, in Duitsland, zal het leven wel weer goed zijn.
    Maar als de jonge soldaat terugkomt is zijn ouderlijk huis gebombardeerd en blijken zijn ouders vermist. Graeber gaat naar hen op zoek, terwijl op hetzelfde moment de Endsieg verkondigd wordt door de nazi's - en vooral door zijn schoolvriend Binding, inmiddels een belangrijk man bij de Gestapo en verantwoordelijk voor talloze arrestaties van "joodse verraders'. Verbijsterd ziet hij dat ook aan het "thuisfront' wanhoop, overlevingsdrift en geweld het laatste restje medemenselijkheid aan het opvreten zijn. Op een avond komt hij tussen de puinhopen van de verwoeste en ontredderde stad Elisabeth tegen, de dochter van de huisarts. Samen beleven de soldaat en de jonge vrouw midden in de chaos een paar dagen geluk, en voor enkele momenten lukt het Graeber om de gedachte dat hij weer terug moet naar het front opzij te duwen.
    Terug aan het front verzet hij zich voor het eerst en op zijn manier tegen het nazi-credo van de Untermenschen en laat enkele Russische gevangenen ontsnappen. Maar zij reageren daarop heel anders dan hij verwacht en gehoorzamen aan de logica van deze en iedere oorlog: oog om oog, tand om tand.

  • Op de klippen

    Jane Gardam

    Eén lange zomer in de jaren dertig. Het leven van de jonge Margaret Marsh verandert plotsklaps wanneer Lydia, een wereldwijs en stoer dienstmeisje, bij Margarets religieuze familie intrekt. Na de geboorte van Margarets broertje worden ze elke woensdag het huis uitgestuurd om samen van de idyllische Engelse kust te genieten. Langzaam komt Margaret erachter dat de wereld lang niet zo keurig en vroom is als ze altijd had gedacht.

    Ook het huwelijk van haar ouders blijft niet onberoerd door de komst van het dienstmeisje. Ondanks zijn krampachtige obsessie met zonde en deugdzaamheid is haar vader niet tegen Lydia's charmes bestand. Alle keurslijven gaan af en het leven van de stijve Engelsen trilt op zijn grondvesten. Op de klippen vertelt over volwassen worden, religie en onderhuidse verlangens. Het is Jane Gardam in volle glorie, compleet met tragikomische scènes, warmte, wijsheid en intrigerende perspectieven.

  • Er zijn mensen die met de vuist op de toonbank slaan en er zijn mensen die erachter staan en vriendelijk vragen: "Waarmee kan ik u van dienst zijn?' De zeventienjarige
    ijsverkoopster Noefar Sjalev behoort zonder twijfel tot de tweede categorie, onopvallend en dienstbaar. Als op een dag een beroemde zanger het winkeltje binnenkomt en beledigende opmerkingen maakt over haar uiterlijk omdat hij vindt dat ze hem te traag bedient, loopt zij de zaak uit. Hij gaat haar achterna in de veronderstelling dat ze er met zijn biljet van tweehonderd sjekel vandoor is gegaan. Noefars gil alarmeert de buurtbewoners en tot haar verbazing is iedereen ervan overtuigd dat de man haar
    seksueel probeerde lastig te vallen. En zij besluit hen dat te laten geloven. Voor het eerst in haar leven staat Noefar in het middelpunt van de belangstelling. Haar leugen maakt van de onopvallende, onhandige ijsverkoopster een heuse mediaprinses. Ondertussen eist een van de weinige mensen die weet wat er echt is gebeurd een prijs voor zijn zwijgen. Met zwarte humor en diep inzicht in de menselijke aard beschrijft Leugenaar hoe een klein leugentje een groot verschil kan maken. In een wereld van mediahypes en alternatieve feiten laat de schreeuw van een meisje een hele stad twitteren.

  • aar is ze weer, Elizabeth Costello, het intrigerende alter ego van John Coetzee. Ze is schrijfster, bij het grote publiek vooral bekend door een van haar vele romans. Ze is geboren in Australië, woont in Spanje en is een militante vegetariër met een scherpe pen: 'Dieren: zo'n woord dat alles op één hoop gooit! Wat hebben de sprinkhaan en de wolf gemeen behalve dat ze geen mensen zijn? Wie lijken meer op elkaar: de wolf en de sprinkhaan, of de wolf en ik?' Haar zoon John maakt zich zorgen nu ze ouder wordt. Kan ze niet beter bij hem in Baltimore intrekken of in de buurt van haar dochter aan de Côte d'Azur komen wonen? Ze hebben het allemaal voor haar uitgedacht en bespreken het met haar als ze elkaar treffen. John windt zich op over het schamele stulpje op het Spaanse platteland waar zijn moeder woont met een leger verwilderde katten en de dorpsgek Pablo. Waarom voelt ze zich voor hen verantwoordelijk en wil ze niet verhuizen naar een comfortabele plek?
    Willen de kinderen werkelijk hun moeder zo dicht bij hen hebben? Of voelen ze zich verplicht hun genereuze voorstellen te doen en komen ze niet uit hun hart. Het zal de lezer niet verbazen dat Elizabeth Costello hun aanbod afwijst. Op uiterst eloquente en innemende wijze stelt ze een aantal interessante vragen aan de orde in deze verhalen met een ontroerend slotakkoord.

  • Alles aan Edward Feathers is vlekkeloos - zijn garderobe, zijn manieren, zijn naam en faam als topadvocaat met een glansrijke carrière in Hongkong. Door en door een gentleman, die zijn bijnaam Old Filth - Failed In London, Try Hong Kong - geen eer aandoet. Maar zijn onberispelijkheid is bedrieglijk en misleidt vaak ook hemzelf. Na de dood van Betty, zijn geliefde echtgenote, komen met de herinneringen ook de twijfels. Wat in hun huwelijk was genegenheid, wat respect en wat onvoorwaardelijke liefde? Wat hebben zij voor elkaar verborgen willen houden? Waarom heeft zij zijn collega en tegenpool Terence Veneering altijd verdedigd, of tenminste nooit een kwaad woord over hem gesproken? Edward heeft moeite het beeld van Betty helder te krijgen.
    /> Met Een onberispelijke man valt een grote auteur te ontdekken, een meester van de lichte toon en de zinderende sfeer. Niet voor niets noemt de Engelse pers haar in één adem met Katherine Mansfield en Jane Austen.

  • In een zaaltje op een industrieterrein ten noorden van Tel Aviv staat de kleine, bebrilde stand-upcomedian Dov Grinstein op het toneel. Elke keer dat het hem niet lukt het publiek aan het lachen te krijgen, slaat hij zichzelf schrikbarend hard in het gezicht.

    Als het publiek begint te morren, spreekt een kleine vrouw de zaal toe vanaf de eerste rij. Zij leerde Dov kennen als kind: toen was hij een beetje vreemd, maar hij was de enige die haar niet pestte.

    Door haar verhaal neemt Dovs optreden een persoonlijke wending. Hij vertelt over zijn vader Chezkel (kapper en handelaar in namaak-Levis) en moeder Sara (kampoverlevende), en zegt dat hij vroeger op zijn handen liep om zijn droevige moeder aan het lachen te krijgen. Het publiek wil moppen, maar Dov gaat verder met zijn eigen levensverhaal. Als tiener werd hij op een dag weggeroepen uit het premilitaire trainingskamp, omdat een van zijn ouders was overleden. Niemand vertelde hem wie er dood was, en tijdens de rit naar Jeruzalem bedenkt hij van wie hij het erger zou vinden. Hij zet plusjes en minnetjes achter zijn vader en zijn moeder en vindt zichzelf daarom een klootzak. Daar krijgt hij wel applaus voor, van de laatste drie mensen in de zaal.

    Komt een paard de kroeg binnen gaat over de levensreddende kracht van grappen, over medelijden en vriendschap. Grossmans meesterlijke roman laat ons lachen en huilen tegelijk.

  • Hans Falladas openhartige herinneringen aan een turbulent leven en de terreur van de nazis stiekem en in minuscuul schrift opgetekend in de gevangenis in 1944 zijn kortgeleden ontcijferd en worden nu voor het eerst in Nederland gepubliceerd.

    In 1944 belandt Hans Fallada, nadat hij zijn echtgenote met een pistool heeft bedreigd, in de gevangenis. Het lijkt met hem gedaan: een alcoholist, een geestelijk en lichamelijk wrak, een auteur die niet meer tot schrijven in staat is. Maar juist hier, in dit `dodenhuis, omgeven door moordenaars en zedendelinquenten en onder voortdurend toezicht van zijn bewakers, is schrijven zijn redding. Regel na regel schrijft hij zijn haat tegen de nazis en de vernederingen van de afgelopen jaren van zich af. En zet daarmee zijn leven op het spel.

    Terwijl het in Berlijn bommen regent en huizen in vlammen opgaan, schrijft Hans Fallada in een gevangeniscel in Strelitz een relaas dat hem het leven kan kosten. Openhartig en verstrikt in zijn eigen tegenspraken legt hij getuigenis af van zijn ervaringen in het Derde Rijk, maar ook van de opkomst en neergang van een schrijver.

    In mijn vreemde land is een unieke combinatie van autobiografie, een sprekend tijdsbeeld en het verslag van iemand die moet schrijven om te overleven.
    Onder de ogen van zijn bewakers beschrijft Fallada pakkend en aangrijpend zijn meest turbulente jaren, vanaf zijn wereldsucces Wat nu, kleine man? in 1932 tot zijn verblijf in de gevangenis in 1944.

    En wat heeft die man veel te vertellen over de roaring twenties and brown thirties! Over zijn plotselinge schrijversroem, een leven zonder materiële zorgen, drankorgieën met Hemingway waarbij zelfs de sektglazen werden opgegeten. Over goede en foute vrienden, intriganten en informanten, nazibewonde raars van zijn boeken, over Goebbels pogingen hem om te kopen met privileges, en altijd weer over de hunkeringen naar een gewoon leven, naar rust en het overwinnen van zijn verslavingen en angsten.

    Als schrijver kon Fallada zich niet voorstellen ergens anders te leven dan in Duitsland. Maar voor het feit dat hij blijft, betaalt hij een hoge prijs. Hij beschrijft meedogenloos het falen en de groeiende wanhoop van een apolitiek man. Juist dit maakt In mijn vreemde land tot Falladas meest persoonlijke boek.

  • Ze zijn over de zee gekomen, de man en de jongen, en hebben in het opvangcentrum een nieuwe naam en persoonsgegevens gekregen. Simon vindt zwaar en uitputtend werk in de haven bij de graanopslag. Door de geanimeerde gesprekken met zijn maten, meestal over de waarde en waardigheid van hun werk, maakt hij snel vrienden.
    Maar hij kan niet altijd de vader van de jongen spelen, hij moet een moeder voor hem zoeken. Hoewel iedere immigrant in dit land elk spoor van herinnering is kwijtgeraakt, is Simon er heilig van overtuigd dat hij Davids moeder zal herkennen als hij haar tegenkomt. En inderdaad: tijdens een wandeling ziet hij die vrouw en weet haar te overtuigen dat zij de moederrol voor David op zich moet nemen.
    Ze heeft het al snel door: dit is een slimme, wat dromerige jongen met soms rare ideeën en gedachten over deze wereld, dit is een heel bijzonder kind. Haar kind, nu. Maar op school wantrouwen de autoriteiten de eigenzinnige jongen en willen ze hem naar een strenge kostschool sturen, om te leren en nog eens leren: tellen, schrijven en vooral geen verzonnen onzin vertellen.
    Een botsing met de moeder is onvermijdelijk. Zij vraagt Simon hen naar de bergen in het noorden te brengen, de grens over. Een nieuwe vlucht begint.

  • Praag 1941. Julius Schlesinger heeft van de woedende Reichsprotektor Heydrich persoonlijk het bevel gekregen om het standbeeld van Mendelssohn uit de galerij van componisten op het dak van het concertgebouw te verwijderen. Maar de SS-officier heeft hoogtevrees en geen idee welk standbeeld dat van Mendelssohn is. Dus geeft hij twee Tsjechische werklieden opdracht om het beeld met de grootste neus omver te trekken.

    Maar de mannen leggen het touw om de nek van Richard Wagner, de favoriete componist van Hitler! Schlesinger probeert zijn fout goed te maken met de hulp van een geleerde Jood. Maar eenmaal op het dak meldt Dr. Rabinovich dat hij geen verstand heeft van standbeelden, die volgens de Joodse traditie niet mogen worden gemaakt. En dat Felix Mendelssohn bij zijn geboorte gedoopt is en door hem dus niet als Jood wordt beschouwd. Maar Heydrich wil onmiddellijk resultaat zien

    Jirí Weil toont in zijn komische en droevige meesterwerk terloops de levenswandel van een aantal inwoners van de stad aan de Moldau. Het zijn indrukwekkende portretten van mensen die door onbegrijpelijk bestuur en extreem geweld uit hun dagelijkse routines worden opgeschrikt.

    Mendelssohn op het dak, schreef de New York Times onlangs, `behoort tot het beste wat over deze periode ooit is geschreven. Vijftig jaar voor HhhH van Laurent Binet beschrijft Mendelssohn op het dak op een volstrekt originele en indrukwekkende wijze de Duitse bezetting van Praag waarvan Jirí Weil persoonlijk getuige was.

  • Van Hans Falladas meesterwerk Alleen in Berlijn is in de kelder van de oorspronkelijke uitgever een versie gevonden die op het gebied van vloeken en seks minder kuis is. Bovendien bleken in hoofdstuk zeventien enkele pagina's over Anna Quangels nazi-verleden te zijn gesneuveld in de editie die inmiddels wereldwijd is vertaald.

    De toenmalige uitgeverij Aufbau had in 1947 ten doel de democratische opvoeding van het Duitse volk onder Russisch toezicht te ondersteunen. Blijkbaar moest de roman destijds meer humanistisch opbouwend zijn. Een overtuigd nazi als hoofdpersoon, dat was te veel van het goede.

    Wij weten niet of Hans Fallada deze redactie van zijn roman zou hebben goedgekeurd. Hij overleed kort na de inlevering van het manuscript. Het is wel voorstelbaar dat hij met de gepubliceerde versie ingestemd zou hebben, omdat hij de cultuurpolitieke doelstelling van Aufbau onderschreef.

    Deze digitale editie heeft dus een dubbel voordeel voor de lezers: een goedkope editie en, voor het eerst, de onbewerkte originele versie, zoals Fallada zijn manuscript inleverde.

empty