• De Hollandse droom

    Martijn Simons

    Nederland, 2009. Rudolf Keller, rechter en sociaaldemocraat in hart en nieren, ziet een toekomstige functie als minister in gevaar komen. Zijn zoon maakt furore met een bestseller over het dubieuze oorlogsverleden van zijn grootvader en zijn dochter belandt in een psychiatrisch ziekenhuis. Dan duiken de twee kinderen van een Marokkaans-Nederlands gezin die hij ooit onder zijn hoede nam, na een stilte van ruim tien jaar zomaar op en komt zijn leven onder nog grotere druk te staan. Hoever zal Keller gaan om zijn idealen waar te maken? En kan hij de erfenis van zijn foute vader voorgoed uitwissen?

  • Ik heet Julius

    Martijn Simons

    Als zijn vader op de golfbaan in elkaar zakt, komt Skip halsoverkop terug van Curaçao naar Nederland om de zorg voor deze woordeloze, verlamde man op zich te nemen. Logerend in het ouderlijk huis is er voor Skip geen ontkomen aan vroeger, aan de tijd dat er een meisje in huis kwam dat alles op zijn kop zette, het meisje dat hem zijn bijnaam gaf. Waar is ze nu? En wat heeft zich vlak voor haar verdwijning precies afgespeeld op de Veronesestraat?

    Met zijn zelfverzekerde proza loodst Martijn Simons je zijn romanwereld binnen - een wereld waaruit het moeilijk ontsnappen is.

  • De hoofdpersoon van Zomerslaap brengt tijdens de zomervakantie uren door op een bankje in het park. Waarom belt hij Lisa niet, het meisje met wie hij mastermind speelde in de trein naar Parijs? Lisa, met wie hij altijd ging tennissen, samen met zijn grootmoeder. Waarom pakt hij niet de fiets naar het zwembad, waar iedereen zorgeloos de zomer doorbrengt en waar je verkoeling vindt? En wat hebben die gedachten over zijn moeder te betekenen, die steeds in de tuin ligt in haar bruine bikini, en vragen stelt waarop hij geen antwoord heeft?
    Zomerslaap is een prachtig geschreven, geestige roman over een kwetsbare puber, een snikhete zomer en een nieuwe stad die voorzichtig lonkt.

  • Elke woensdagmiddag voetballen de jongens uit de buurt op het veldje naast het afgebrande muziekgebouw. Sommigen staan weleens stiekem te roken achter het gebouw. Hij niet. Zijn broertje mag meedoen als keep, naast het doel staat een rieten mand waarin Billy, zijn cavia, zit. De jongens uit de buurt lachen zijn broertje uit. `Hij is de slechtste keeper die we ooit hebben gehad,' zeggen ze. Hij neemt het niet voor hem op. Maar zijn broertje blijft hem trouw.
    Martijn Simons (1985) beschrijft op ontroerende wijze de verstandhouding tussen twee broers, wat ontwapenend proza oplevert. In 2009 debuteerde hij met dit verhaal in De Gids. In 2010 verscheen zijn debuutroman Zomerslaap, die enthousiast werd ontvangen. Simons is columnist voor volkskrant.nl en werkt aan zijn tweede roman.

empty