• Van maatje tot meester

    J.Th. Reulen

    • Lanasta
    • 19 Februari 2021

    Op de terugweg in de trein naar Utrecht raakte ik in gesprek met een medepassagier die gekleed was in uniform. Hij vertelde een opleiding te volgen aan de machinistenschool in Utrecht. Ik nam het ter kennisgeving aan en dacht er niet meer aan.
    Toch zou dit het begin worden van een loopbaan op zee.

    Na z'n technische opleiding begon de auteur in 1955 op de scheepswerf als 'maatje' van een pijpfitter, pas na enige tijd kwam hij aan boord van zijn eerste schip, de ms Indrapoera. Aanvankelijk korte reizen, maar na verloop van tijd ook naar verre oorden. Vaak was men dan maanden van huis, met nauwelijks contact met het thuisfront. Doordat de schepen vaak enige tijd in havens verbleven, was het mogelijk om te gaan passagieren. Maar wilde men hogerop, dan moest men, naast de dagelijkse werkzaamheden, wel tijd inruimen voor studie. Uiteindelijk zou ook de auteur zich bekwamen tot machinist. (Door de bemanning aangesproken als 'meester'.)
    De scheepswerktuigkundige (wtk) beschrijft het leven aan boord op diverse schepen van de voormalige Koninklijke Rotterdamsche Lloyd.

empty