Prometheus Bert Bakker

  • Oikofobie

    Thierry Baudet

    Oikofobie is het tegenovergestelde van xenofobie. Niet de angst voor het vreemde, maar voor het eigene. Een afkeer van geborgenheid; het willen stukmaken van het thuis. Oikofobie is wat de westerse elites drijft. Modernisme in de kunsten, multiculturalisme en het Europese project: ze komen er direct uit voort. Het zijn symptomen van een ziekelijke behoefte aan vervreemding en ontworteling. In Oikofobie identificeert Thierry Baudet deze ziekte van onze tijd. Het is het aangrijpende credo van de nieuwe avant-garde.

    Thierry Baudet (1983) is een van de meest markante stemmen in het hedendaagse publieke debat. Samen met Michiel Visser publiceerde hij de succesvolle essaybundels Conservatieve vooruitgang en Revolutionair verval. Hij was columnist voor nrc Handelsblad en is redactieadviseur van het tv-programma Buitenhof. In 2012 verscheen De aanval op de natiestaat, dat in binnen- en buitenland werd besproken en werd genomineerd voor de Socrates Wisselbeker voor beste filosofieboek van 2012.

    Over De aanval op de natiestaat:

    `Briljant.
    Pascal Bruckner

    `Reality check voor Europa.
    Frits Bolkestein

    `De Nederlandse bhl.
    Le Monde

    `Conservatief wonderkind.
    Vrij Nederland

    `Scherpzinnig en belangrijk boek.
    Theodor Dalrymple

  • In de jaren zeventig keerden Nederlanders hun familie de rug toe, omdat we bevrijd wilden worden van knellende banden en dwingende waarden. Tegenwoordig is er echter weer volop aandacht voor families. Families dragen immers wijsheid in zich die kan helpen op je levenspad, en bij je familie en haar geschiedenis kun je steun vinden in moeilijke omstandigheden en in tijden van kwetsbaarheid.

    Maar hoe mobiliseer je deze familiewijsheid? Cruciaal is dat je inzicht krijgt in de manier waarop je familie is georganiseerd en op welke pijlers zij is opgetrokken. Wat is de geschiedenis van je familie? Welke heilige huisjes en tegelwijsheden draagt ze met zich mee? Wie hebben het gezag, wie bieden er steun en wie ontregelen de boel? Zijn er geheimen en onvertelde verhalen? Wat zijn sterke punten in je familie? Kortom, wat bezielt je familie? De familieziel toont dit aan de hand van ontroerende en herkenbare verhalen, afgewisseld met theorie en praktische aanwijzingen.

    Familietherapeut Kitlyn Tjin A Djie (1953) was jarenlang werkzaam in de jeugdzorg. Als antwoord op het westerse witte individualistische denken in de hulpverlening ontwikkelde ze het model `beschermjassen, dat uitgaat van de kracht van families.
    Ontwikkelingssocioloog Irene Zwaan was werkzaam als ontwikkelingswerker in Afrika en als adviseur emancipatie in Nederland. Tegenwoordig publiceert ze over diversiteitsvraagstukken en maatschappelijke ontwikkeling. Recent verscheen van haar De afwezige vader bestaat niet (2013).
    Tjin A Djie en Zwaan werken samen in Bureau Beschermjassen en publiceerden eerder onder meer Beschermjassen, transculturele hulp aan families en Managen van diversiteit op de werkvloer.

  • Ons geluk hebben we voor een aanzienlijk deel in eigen hand. Voor 50 procent zelfs, zo vertelt de hedendaagse wetenschap ons. In de zoektocht naar het begrijpen van geluk verbindt Ap Dijksterhuis met veel vaart en humor de moderne psychologie en neurowetenschap met de klassieke westerse filosofie en oosterse filosofie. De lezer wordt meegenomen langs het boeddhistische ideaal van mindfulness en het heilzame effect van reizen, langs de vraag of we een vrije wil hebben, langs de overeenkomst tussen het geloof in een God en het bezoek aan een popfestival, langs de wijsheid van John Lennons moeder en de valkuilen van de consumptiemaatschappij, langs Socrates' ideeën over de zorg voor de ziel, langs de beste manier om de juiste doelen te stellen, en de typisch eenentwintigste-eeuwse vraag hoe vaak je, voor je eigen gemoedsrust, nu eigenlijk je e-mail moet lezen.
    In zijn bestseller Het slimme onbewuste schreef Dijksterhuis dat, hoewel ons gedrag vooral bestuurd wordt door het onbewuste, we ons bewustzijn nodig hebben om geluk te ervaren. In Op naar geluk legt hij uit hoe we dat moeten doen. En wie wil er nu níet gelukkig worden?

    Ap Dijksterhuis (1968) is een van de invloedrijkste psychologen van Nederland. Hij is hoogleraar psychologie van het onbewuste aan de Radboud Universiteit Nijmegen en een van de redacteuren van het gezaghebbende wetenschappelijke tijdschrift Science. Hij won vele prijzen, waaronder de Early Career Award van de American Psychological Association. Van zijn boek Het slimme onbewuste zijn inmiddels 100.000 exemplaren verkocht.

    Over Het slimme onbewuste:

    `Dijksterhuis heeft een prettige en soms ook humoristische schrijfstijl. (...) Het boek leest vlot weg als een spannende roman, maar is tegelijkertijd voldoende wetenschappelijk.'
    de psycholoog

  • Nienke Wijnants werd bekend met Het dertigersdilemma, haar veelgeprezen bestseller over de loopbaan- en levensvragen van jonge hogeropgeleiden. Wijnants kreeg talloze reacties van lezers die de beschreven keuzestress en de druk om het `perfecte leven te leiden herkenden. Maar het bleken uiteindelijk de hoofdstukken over authenticiteit en zingeving te zijn die de meeste indruk maakten en waar lezers meer over wilden weten.

    In haar nieuwe boek, Wie ben ik en wat wil ik?, stelt Wijnants vast dat zoekende dertigers en veertigers in feite last hebben van zingevingsvraagstukken. Ze stellen zich vragen als: Is dit nu alles? Waar doe ik het allemaal voor? Wat vind ik belangrijk in het leven? of Wie ben ik nu echt? en weten daar geen antwoord op te krijgen.

    Op haar vertrouwde scherpe, humoristische wijze vertelt Wijnants ons in dit nieuwe boek de waarheid over de veronderstelde maakbaarheid van het leven, verklaart zij de hedendaagse verslaving aan geluk en legt ze uit waarom filosofie volgens haar van levensbelang is. Wie ben ik en wat wil ik? verschaft geen irreële tips, maar daagt uit door kritische vragen te stellen en inspireert de lezer om zelf met antwoorden te komen.

    Over Het dertigersdilemma:

    `Wijnants schrijft zeer toegankelijk, beschrijft herkenbare dilemmas en geeft bruikbare tips en adviezen. Het boek is niet alleen geschikt voor de twijfelende dertiger, maar ook voor de werkgever of leidinggevende van deze generatie. Of eigenlijk voor iedereen die moeite heeft met keuzes maken.
    Het Financieele Dagblad

    `Het dertigersdilemma is een portret van een generatie en leest als een bijbel voor dubbende dertigers. Alle grote keuzevraagstukken komen er in aan bod, met daadwerkelijk praktische tips.
    Intermediair

  • Wat is de overeenkomst tussen een politicus en een acteur? Welke toneel- en acteerwetten zijn handig voor kiezers om de politiek beter te begrijpen of te ontmaskeren?
    Voormalig acteur en politicus Boris van der Ham toont in De koning kun je niet spelen een originele kijk op macht, politiek en democratie. Hij schetst het broeierige heden en verleden van het `theater van de politiek, put uit zijn eigen ervaringen en sprak met acteurs van het Nationale Toneel in Den Haag. Ook komen aan het woord journalisten Frits Wester en Ferry Mingelen, actrice Ellen Vogel (De tweeling) en regisseur Theu Boermans (Anne, Soldaat van Oranje).
    De koning kun je niet spelen is een rijk geïllustreerd pleidooi voor méér en vooral beter theater in de politiek.

    Boris van der Ham (1973, Amsterdam) was tien jaar Tweede Kamerlid en werd twee keer met voorkeurstemmen gekozen. Hij studeerde geschiedenis en voltooide de Toneelacademie Maastricht.

    Over zijn vorige boek De vrije moraal (2012):

    `Een strak betoog. de Volkskrant
    `Uitstekend geschreven. Maarten
    `Van der Ham geeft Den Haag wat ethiek mee. Trouw
    `Rijk aan waardevolle ideeën. Liberales

  • Diederik Samsom heeft een obsessie: Nederland én de Nederlandse politiek moeten veranderen. En de PvdA-leider wil de man zijn die dat doet, met grootse gebaren en mooie verhalen. Als revanche voor de politieke instabiliteit van de afgelopen tien jaar. En omdat hij denkt dat hij er genoeg talent voor heeft.
    In de campagne van 2012 lukte dat, en maakten verkiezingsbeloften plaats voor `het eerlijke verhaal. Ook tijdens de formatie overheerste de nieuwe politiek, waardoor vvd en PvdA tegen ieders verwachting in heel snel een coalitie vormden met grote hervormingsplannen. Maar sinds `zijn kabinet van start ging overheerst de vraag of Samsoms methode wel werkt.
    Derk Stokmans volgde Samsom al voordat hij een bekende PvdAer werd. Hij sprak veelvuldig met hem en met zijn vertrouwelingen. Hij volgde Samsom bij officiële en minder officiële gebeurtenissen, hij zocht hem op tijdens momenten van glorie en in ogenblikken van wanhoop.
    Straatcoach en strateeg is het onthullende portret van een van Nederlands belangrijkste politici van deze tijd.

    Derk Stokmans studeerde natuurwetenschappen in Utrecht en journalistiek in Rotterdam. Sinds 2007 is hij politiek redacteur voor NRC Handelsblad. Al vanaf zijn eerste dagen op het Binnenhof volgt hij Diederik Samsom.

  • Politieke ambten zijn de enige functies waarvoor je in Nederland geen papieren nodig hebt. Lekenbestuur vormt immers de kern van de democratie. Elke burger heeft het recht om zich verkiesbaar te stellen, elke burger kan wethouder of minister worden, ongeacht zijn formele kwalificaties. Zo was het in Athene, de bakermat van de democratie, en zo staat het ook in onze Grondwet.
    De praktijk is inmiddels volstrekt anders. Nederland is een diplomademocratie, een land dat wordt bestuurd door de burgers met de hoogste diplomas. Alle formele en informele politieke instituties en arenas, variërend van Kamer en kabinet, belangenorganisaties en overlegorganen, tot inspraakavonden en internetacties, worden gedomineerd door hoger opgeleiden en professionals.
    Diplomademocratie beschrijft hoe de lager opgeleiden uit de politiek verdwenen, wat de oorzaken hiervan zijn, wat dit betekent voor het politieke landschap en voor de democratie in ons land, en wat je hieraan zou kunnen doen.

    Mark Bovens (1957) is politiek filosoof en bestuurskundige en hoogleraar bestuurskunde aan de Universiteit Utrecht. Hij heeft veel gepubliceerd over democratie, bestuur en politiek.
    Anchrit Wille (1960) is politicoloog en bestuurskundige en als senior docent/onderzoeker verbonden aan de Universiteit Leiden. Ze heeft veel gepubliceerd over burgerparticipatie, politiek-ambtelijke verhoudingen en vertrouwen in de overheid.

  • Paus Franciscus weet met zijn sobere stijl veel bewondering te oogsten, zowel bij gelovigen als niet-gelovigen. Bij zijn aantreden als paus noemde hij zichzelf naar Franciscus van Assisi, de apostel van de armen, die in een visioen de opdracht kreeg de kerk te herstellen.
    In De kerk van barmhartigheid zet de paus zijn eenvoudige visie voor de kerk uiteen: hulp en steun voor allen. Hij pleit voor een sobere kerk die niet langer gesloten en in zichzelf gekeerd is, maar die een barmhartige handreiking doet naar de armen en nooddruftigen aan de rand van de samenleving. Hij doet een gepassioneerde oproep aan kerkelijke leiders om nader tot het volk te komen, en aan zijn volgers om in voor- en tegenspoed te blijven vasthouden aan hun geloof.
    De kerk van barmhartigheid is het eerste boek waarin de uitspraken en geschriften van Franciscus in zijn eerste jaar als paus zijn verzameld, geautoriseerd door het Vaticaan. Het boek is essentieel voor iedereen die, of het nu uit geloofsovertuiging is of uit algemene interesse, meer wil weten over de visie van deze unieke geestelijk leider.

    Jorge Mario Bergoglio werd op 17 december 1936 in Buenos Aires geboren als zoon van Italiaanse immigranten. Na te zijn afgestudeerd als scheikundige, trad hij op 21-jarige leeftijd toe tot de orde der jezuïeten. Vanaf 1998 was hij aartsbisschop van Buenos Aires, en in 2001 werd hij door Johannes Paulus ii kardinaal gecreëerd. Op 13 maart 2013 volgde hij Benedictus xvi op als paus van de rooms-katholieke kerk.

  • Verbeter jezelf

    Rob Wiche

    Wat tegenwoordig levenskunst heet, hoorde ten tijde van Plato tot de ethiek. Zo hoort het ook, want beide richten zich op het leiden van een goed leven. Maar er is één verschil: bij levenskunst staat ons eigen leven centraal, bij ethiek dat van anderen. Uitgangspunt van dit boek is de eigen verantwoordelijkheid van mensen, eerst voor hun eigen leven en van daaruit voor de samenleving. De titel van dit boek - Verbeter jezelf - is daarmee in overeenstemming. Die verwijst naar de slogan: `Verbeter de wereld, begin bij jezelf.

    Velen denken ten onrechte dat de klassieke levenskunst en ethiek hun tijd hebben gehad. Rob Wiche keert zich tegen deze trend en stelt juist Platos kardinale deugden centraal: verstandigheid, moed, gematigdheid en rechtvaardigheid. Die deugden concretiseert en actualiseert hij door bouwstenen voor levenskunst en ethiek toe te voegen, ontleend aan vijftien andere filosofen uit de afgelopen 24 eeuwen: Aristoteles, Thomas van Aquino, Machiavelli, Hobbes, Gracián, Spinoza, Leibniz, Hume, Kant, Schopenhauer, Mill, Sartre, Arendt, Rawls en Sloterdijk. Ook schetst hij de contouren van de door hem voorgestane neoklassieke levenskunst en ethiek. Die komen grosso modo neer op het nastreven van deugden (verstandigheid, moed, gematigdheid, rechtvaardigheid), het vermijden van ondeugden (hoogmoed, hebzucht, afgunst, gulzigheid, woede, luiheid) en het ontplooien van onze talenten.

    Rob Wiche is gepromoveerd filosoof en scheikundig ingenieur. Met Andreas Kinneging stelde hij de bundels Van kwaad tot erger. Het kwaad in de filosofie (2007) en Waar of niet? Over de vraag wat waarheid is (2013) samen.

  • De miljoenenroof is het onwaarschijnlijk spannende verhaal over de grootste roof van subsidiegeld ooit in Nederland. Hoofdrolspeler is het rekenwonder Clemens K., die in de kunstensector werd geprezen om zijn betrouwbaarheid en precisie. Hij sluisde in 2009 16 miljoen euro weg van het Amsterdamse cultuurfonds BKVB, waar hij als hoofd financiën op de loonlijst stond. Toen de megafraude aan het licht kwam, bleken de creatieve boekhouder en zijn twee tienerzonen spoorloos verdwenen. K. werd bij verstek veroordeeld tot vijf jaar cel. Aan het nieuwe leven van het eenoudergezinnetje in het verre Thailand kwam een einde toen de marechaussee K. in 2013 op Schiphol aanhield.
    K. claimt dat hij verstrikt was geraakt in een crimineel netwerk van dreigende kickboksers, foute Russen en Hollandse penoze: zij hadden de miljoenenbuit ingepikt. Bij het bizarre scenario waren kidnapping en moord inbegrepen. De reconstructie van dit drama laat zich lezen als het verslag van een nachtmerrie, maar dit is true crime, gepleegd vanuit een statig grachtenpand, onder het oog van de culturele elite.

    Rudie Kagie en Marian Husken verdienden hun sporen als redacteur van het weekblad Vrij Nederland. Dit is hun eerste coproductie in boekvorm. Van Kagie verscheen onder meer Bikkel. Het verhaal van de eerste politieke moord van het Bouterse-regime (2012). Marian Husken schreef, veelal samen met Harry Lensink, een reeks spraakmakende boeken over criminaliteit, waaronder De jacht op crimineel geld (2013).

  • Wie denkt dat er in Nederland consensus bestaat over hoe we uit de crisis moeten komen heeft het mis. Tegenover de calvinistische bezuinigers staan verwoede keynesianen. En tegenover strenge toezichthouders staan klassiek liberale vrijemarktgelovers.
    Sinds begin oktober 2008, vlak na de val van Lehman Brothers, schuiven economen, bankiers, toezichthouders, politici en journalisten enkele malen per jaar met elkaar om de tafel om eens vrijuit van gedachten te wisselen over de crisis. Ze spreken over de rol van banken, de schulden, de weeffouten in het eurosysteem, de voortslepende recessie. Het crisisdiner is een weerslag van de openhartige discussies met het mes op tafel, en daarmee een uniek inkijkje in de diversiteit aan de top van financieel-economisch Nederland.

    Met bijdragen van Wouter Bos (ex-minister van Financiën), Bernard ter Haar (voormalig topambtenaar op Financiën), Ewald Engelen (hoogleraar financiële geografie), Matt Steinglass (correspondent voor Financial Times), Marco Groot (ex-Rabobank), Bas Jacobs (hoogleraar economie), Marc Langeveld (eigenaar van hedgefonds Antaurus), Maarten Schinkel (commentator bij nrc Handelsblad) en vele anderen.

    Egbert Kalse (1973) is adjunct-hoofdredacteur van nrc Handelsblad. Hij werkt sinds 1997 bij die krant, eerst als politiek redacteur, later als financieel-economisch verslaggever. Eerder schreef Kalse samen met nrc-collega Daan van Lent Bankroet (2008) en Het rampscenario (2010) over de financiële crisis.
    Kees Vendrik (1963) is lid van het college van de Algemene Rekenkamer. Hij zat tussen 1998 en 2010 in de Tweede Kamer voor GroenLinks, daarvoor werkte hij bij debatcentrum De Balie. Vendrik publiceerde met anderen de bundel De prijs van de euro, over de financiële gevolgen van de invoering van een Europese eenheidsmunt.

  • Economie raakt iedereen. Van hoog tot laag, van links tot rechts.
    Voor het oplossen van hedendaagse en toekomstige vraagstukken die de mensheid beroeren, zijn de bescheiden bijdragen van de economische wetenschap belangrijker dan ooit. Daarom wordt in dit nieuwe boek van de onbetwiste nestor van de beoefening van de economie in Nederland een inzicht gegeven in de actuele stand van de economische theorie alsmede aandacht gevraagd voor het oplossend vermogen van de economische wetenschap.
    Deze ambitie reikt verder dan het beperkte voorspellende karakter van het vakgebied. Arnold Heertje behandelt ook terreinen die in Nederland door de eenzijdige oriëntatie op financiële transacties worden verwaarloosd en daardoor de economische politiek minder trefzeker maken.
    De toegankelijke uiteenzettingen in Economie openen perspectief op een samenleving waarin doorgeschoten bureaucratisering, ongecoördineerde individualisering en inhumanisering wijken voor maatschappelijke architectuur. Deze wortelt in behoeften van mensen van nu, straks en elders, moedigt inspiratie, innovatie en initiatief van de mensen op de werkvloer aan en bovenal de nakende humanisering van het economisch leven. Bovenal is Economie een positieve kijk op de economie, gezien door de ogen van een van s lands bekendste economen.

    Arnold Heertje (Breda, 1934) was meer dan veertig jaar als hoogleraar verbonden aan de Universiteit van Amsterdam. Tot zijn bekendste boeken behoren De kern van de economie en het internationaal veelgeprezen Economics and Technical Change.

  • Heineken

    Barbara Smit

    Meer dan tien jaar na zijn overlijden geldt Freddy Heineken als een iconische zakenman en heeft zijn familie nog altijd de touwtjes in handen. De brouwerij is een van de grootste ter wereld en nog altijd onafhankelijk. Al blijft het afwachten hoe lang Heineken weerstand zal bieden aan toenaderingen van grote rivalen op het hoogtepunt van de wereldwijde Bieroorlogen.
    Barbara Smit deed al eerder stof opwaaien met haar onthullende werk over de bijzondere brouwerij en haar even spraakmakende vroegere eigenaar. Smits vele gesprekspartners stonden haar voor deze complete biografie openhartig te woord, zodat het resultaat een diepgaand en vermakelijk verslag is van het verhaal achter Heineken, het bier en de familie. Uiteraard besteedt zij ook aandacht aan de recente gebeurtenissen in en rondom de brouwerij.

    Behalve Heineken schreef Barbara Smit nog een ander spraakmakend boek: Kwaad bloed. Over de rivaliteit tussen twee broers en hun multinationals Adidas en Puma, dat tevens in het Engels verscheen. Ook Heineken verschijnt in het Engels.

    `Een complete, goed geschreven studie over de fascinerende opkomst van Heineken als mondiaal biermerk. Smits speurwerk heeft bovendien veel smakelijke details opgeleverd over de manier waarop Freddy Heineken het bedrijf na de Tweede Wereldoorlog omhoogstootte tot een ontzagwekkende multinational met een ijzersterk merk.
    NRC Handelsblad

    `Het boek beschrijft niet alleen de persoon van Heineken, maar ook de consequente en succesvolle strategie van het concern.
    het financieele dagblad

    Over eerder werk van Barbara Smit:

    `Smit concentreert zich volledig op het schrijven van een boek waarin je wilt blijven lezen - en daarin slaagt zij met aplomb.
    The Financial Times

    `Een boek dat je in één ruk uitleest. Een verhaal vol anekdotes over concurrentie, commercie en corruptie.
    The Wall Street Journal

    `Alsof John le Carré Dynasty heeft herschreven.
    Metro

  • Zo min mogelijk eten en je afzonderen van de mensen, of juist dronken en naakt over straat lopen - wat heeft dat te maken met liefde voor God? Waarom getuigt het van liefde als je vrome burgers belachelijk maakt, als je je afkeert van de maatschappij, niet werkt en gaat bedelen?

    In Soefisme. Een levende traditie laat Asghar Seyed-Gohrab zien hoe islamitische mystici vanaf de achtste eeuw op zoek gingen naar de essentie van het goddelijke door alles wat tussen de mens en God staat uit te schakelen. Het blijkt een zoektocht naar de essentie van wat ons mens maakt.

    De religieuze filosofie van de islam, het soefisme, is een verinnerlijking van het geloof. Soefi's hebben door de eeuwen heen willen aantonen hoe het mogelijk is om tot een persoonlijke verhouding met God te komen. De debatten hierover geven inzicht in de manier waarop van oudsher, en ook in deze tijd, zelfs de heiligste wetten en overtuigingen binnen de islam ontleed worden en onderworpen aan kritische analyse. Het soefisme staat hiermee lijnrecht tegenover de conservatieve orthodoxie die zich uitsluitend op de letter van het geloof verlaat.

    Asghar Seyed-Gohrab (1968) is universitair hoofddocent bij de opleiding Midden-Oostenstudies aan de Universiteit Leiden. Hij heeft tal van artikelen, boeken en vertalingen op zijn naam staan. Hij is een van de editors van de achttiendelige A History of Persian Literature. Seyed-Gohrab schrijft regelmatig artikelen voor de Encyclopaedia Iranica en de Encyclopaedia of Islam. Zijn onderzoek is beloond met verschillende nwo-subsidies, waaronder een Vidi.

  • De religieuze, wetenschappelijke en industriële samenleving waarin wij in het Westen tegenwoordig verblijven, hebben we met een stevige schutting omgeven. We hebben een systeem van redelijke normen en waarden ontwikkeld waarmee alles wat binnen dat keurige tuinhek gebeurt als normaal wordt gezien en alles wat daarbuiten in het oerwoud plaatsvindt als bedreigend, abnormaal, gevaarlijk en waanzinnig. Zo hebben wij besloten het hele gezelschap van heksen, tovenaars, hysterici en psychoten, kortom iedereen met een afwijkende geestelijke constitutie, het oerwoud in te jagen, dan wel binnen de schutting op te sluiten of te drogeren.
    Het hoeft geen betoog dat de waanzin problemen met zich meebrengt, vooral voor de waanzinnigen zelf die we daarom met de nodige zorg moeten omgeven. Maar de waanzin heeft ook positieve kanten, en het staat buiten kijf dat vele filosofen (Nietzsche, Wittgenstein), wetenschappers (Archimedes, Einstein), kunstenaars (William Blake, Vincent van Gogh) en mystici (Hadewijch, Hildegard von Bingen), die naar alle waarschijnlijkheid met enige vorm van waanzin waren behept, de mensheid door de geschiedenis heen van vele buitengewone bijdragen hebben voorzien.
    In andere culturen heeft men het idee dat wij hier in het Westen veel materiële zaken en veel kennis bezitten, maar dat we ook iets missen: de ervaring dat wij pas echt kunnen weten wie we zijn als we buiten de schutting van onze eigen georganiseerde samenleving zijn geweest en het oerwoud erbuiten betreden. En dat is nou precies wat Klukhuhn in Over de grenzen van de rede beoogt.

    André Klukhuhn is scheikundige en filosoof. In 2003 verscheen zijn grote boek De geschiedenis van het denken, waarvan in 2013 een volledig herziene editie verscheen. In 2008 publiceerde hij Alle mensen heten Janus. Beide werden filosofische bestsellers. In 2014 verscheen zijn eerste roman, De trip naar het morgenland.

    Over De algehele geschiedenis van het denken:

    `Klukhuhn weet waar hij over praat.'
    Trouw

    `De kwantumtheorie, de bio-industrie, het existentialisme, het verband tussen muziek en wiskunde, de relatie tussen bewustzijn en taal, zwarte gaten, wormgaten en de oerknal: you name it en het staat erin _ en helder uitgelegd ook nog.'
    de Volkskrant

  • Bijzonder levensverhaal van een Iraanse vluchteling met een Nederlandse naam

    Het levensverhaal van de Iraanse Ahmad Qeleich Khany is even imponerend als nederig makend: na een lastige jeugd als zeer slechtziende en bang voor het immer strenger wordende regime van ayatollah Khomeini, besluit hij op achttienjarige leeftijd zijn vaderland te ontvluchten. Zijn plan is even gevaarlijk als briljant: zó goed worden in worstelen dat hij wordt uitgezonden naar de Wereldspelen voor gehandicapten in Nederland. Na een gevaarlijke vlucht uit het Olympisch dorp vraagt hij politiek asiel aan. De Perzische vluchteling wordt binnen een mum van tijd oer-Hollands: hij trouwt een Friezin, werkt bij de overheid, wordt politiek actief en verandert zijn naam in Sander Terphuis. De worstelaar is een verhaal van gedrevenheid, optimisme en veerkracht, van het wennen aan het Hollandse weer, de taal, de gordijnen openlaten, van je thuis voelen en bovenal van het leven in vrijheid.

    Sander Terphuis werd in 1972 als Ahmad Qeleich Khany geboren in Teheran en vluchtte op zijn achttiende naar Nederland, waar hij landelijke bekendheid kreeg door zijn succesvolle actie tegen de strafbaarstelling van illegalen, die het kabinet-Rutte ii wilde invoeren.

    `In 1990 worstelt de jonge, zeer slechtziende Iraniër Ahmad Qeleich Khany zich letterlijk naar de vrijheid. In 1995 verandert hij in immigrant Sander Terphuis. Hij is een overlever, een knokker.'
    de Volkskrant

    `Sander Terphuis is het bewijs dat liefde alles overbrugt. Een Iraanse, bijna blinde worstelaar die Nederlander wordt - het zou een prachtig sprookje zijn, maar is dus echt gebeurd.'
    Toine Heijmans, de Volkskrant

    `Weinig vluchtelingen zijn in Nederland zo geestdriftig geïntegreerd als Sander Terphuis. Een bijzonder levensverhaal van een Iraanse vluchteling met een Nederlandse naam.'
    Thijs Broer, NRC Handelsblad

    `Het levensverhaal van de bijna blinde Perzische worstelaar die hier politicus werd, is even wonderlijk als hoopgevend.'
    Mischa Cohen, Vrij Nederland

    `Een moderne versie van de Nederlandse lijfspreuk "Je Maintiendrai". Deze gedreven dromer houdt zich stand in een nieuw land, in een nieuwe cultuur en in de Nederlandse politiek.'
    Thomas Erdbrink, The New York Times

    `Hoe Nederlands kan een mens zijn? Sander Terphuis, het nieuwe geweten van de PvdA, een vluchteling die knokt voor mensenrechten.'
    Algemeen Dagblad

  • Mondriaan filosoof

    Jan Bor

    Mondriaan filosoof? Hij was toch een schilder, zelfs een van de belangrijkste van de twintigste eeuw? Maar Mondriaan heeft ook tot het einde van zijn leven teksten geschreven. Daarin zet hij in filosofische taal uiteen dat zijn beeldende werk een uitdrukking is van zijn visie op de werkelijkheid. In die zin is hij, zowel beeldend als schrijvend, filosoof. Zijn teksten, die net zo goed als zijn beeldend werk deel uitmaken van zijn oeuvre, vragen om een filosofische verheldering. Jan Bor laat in Mondriaan filosoof zien dat Mondriaans werk oosterse invloeden heeft ondergaan. Daarin heeft de theosofie een rol gespeeld. Maar Mondriaan was te oorspronkelijk om zich door welke leer dan ook te laten beknotten. Hij was een onafhankelijk schilder en een onafhankelijk denker. Zijn werk toont een dimensie die geen leer of theorie kan omvatten.

    Jan Bor (1946) is filosoof. Hij was medeauteur van De verbeelding van het denken, waarvan meer dan 100.000 exemplaren zijn verkocht. Daarnaast schreef hij Filosofie in een notendop en Een (nieuwe) geschiedenis van de filosofie. In 2012 verscheen van zijn hand het succesvolle Wat is wijsheid?

    `Jan Bor is iemand die een kast vol filosofieboeken aan het praten krijgt.'
    Wim Brands, VPRO boeken

    `Jan Bor is een begeesterd spreker. Hij is beweeglijk _ ook in zijn denken.'
    Filosofie Magazine

    `Achter de bedrieglijk eenvoudige zinnen gaat niet alleen een hoop kennis en ervaring schuil, maar misschien vooral _ het hoge woord moet er maar uit _ wijsheid.'
    Trouw

    `Bor weet bij de lezer een authentieke filosofische ervaring op te roepen.'
    NRC Handelsblad

  • `Excellentie' is een toverwoord. Het opent deuren naar selectieve bachelors en masters, tot beurzen voor PhD-plaatsen of internationale uitwisselingen - zelfs in het basisonderwijs kunnen excellente leerlingen al in een zogenoemde plusklas terechtkomen. Maar bestaat het eigenlijk wel? Is het objectief te meten? Kunnen en moeten we ernaar streven?
    Jeroen Geurts, wetenschapper in hart en nieren, en Harm van der Gaag, rechtgeaard filosoof, pakken dit probleem in een socratische dialoog aan. In eerste instantie staan ze niet hetzelfde in deze kwestie. De wetenschapper wil criteria benoemen voor excellentie, om het vervolgens zinvol te kunnen toepassen in de academische praktijk. De filosoof twijfelt aan de betekenis en de waarde van het begrip. Moeten we wel van een paard verwachten dat het, naast het trekken van de kar, ook kan zingen? Zorgt onze focus op excellentie er niet voor dat men gemiddeld minder goed wordt, omdat we goed niet goed genoeg vinden?
    Aan het eind van het vriendschappelijk dispuut wordt gemeenschappelijke grond gevonden in de herontdekking van het ouderwetse begrip `voortreffelijkheid'.

    Jeroen Geurts (1978) is hoogleraar translationele neurowetenschappen en hoofd van de afdeling Anatomie & Neurowetenschappen aan VU medisch centrum te Amsterdam. Hij is lid van De Jonge Akademie van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen en was de afgelopen twee jaar voorzitter van dit platform voor `excellente' wetenschappers.
    Harm van der Gaag (1967) studeerde wijsbegeerte in Utrecht. Naast zijn werk in een filosofische praktijk onderwijst hij zijn methode van socratische een-op-een-counseling aan de Internationale School voor Wijsbegeerte in Leusden.

empty