Prometheus Bert Bakker

  • Wanneer je in het wielrennen over `een verborgen motor' spreekt, zal dat door recente schandalen al snel gedachten oproepen aan dopinggebruik. Martijn Veltkamp laat op een toegankelijke manier zien dat er een andere verborgen motor is, die nog veel meer invloed heeft op sportprestaties: de hersenen. Wanneer de benen eigenlijk niet meer willen, kan het hoofd van een wielrenner ervoor zorgen dat ze tóch doortrappen.
    Wat motiveert renners, en wat doet dat met hun prestaties? Waar komt de angst voor het afdalen vandaan, en hoe kom je ervanaf? Waarom bezwijken sommigen onder druk, maar anderen niet? Waarom is fietsen in je eentje mentaal zwaarder dan in een groep?
    Aan de hand van wetenschappelijk onderzoek en interviews met wielrenners als Gert Jakobs, Henk Lubberding en Tom Veelers worden dergelijke vragen beantwoord. Thema's als macht, motivatie, wilskracht en teamspirit komen aan bod. De onderwerpen en anekdotes in De verborgen motor zullen niet alleen voor fietsliefhebbers herkenbaar zijn, maar voor álle (actieve en passieve) sporters.

    Martijn Veltkamp (1980) is psycholoog. Hij promoveerde in 2009 aan de Universiteit Utrecht, en heeft zich gespecialiseerd op het gebied van motivatie en gedragsverandering. Daarnaast is hij een gepassioneerd fietser en volger van de wielersport.

  • Zijn wij alleen in het heelal? Die vraag houdt ons al duizenden jaren bezig. Het zoeken naar een antwoord werd lange tijd overgelaten aan de verbeeldingskracht van filosofen, dorpsgekken en sciencefictionauteurs. De afgelopen twintig jaar is daar verandering in gekomen met de ontdekking van planeten rond andere sterren dan de zon. De zoektocht naar buitenaards leven staat nu in het middelpunt van de belangstelling. Sterrenkundigen aan de beste universiteiten ter wereld beweren met droge ogen dat ze binnen een paar jaar een tweede Aarde zullen vinden.
    Eens werden de planetenjagers beschimpt als zoekers naar `kleine groene mannetjes. Nu leiden ze een van de meest bloeiende vakgebieden in de wetenschap. Allen komen aan het woord. Een sterrenkundige die een planeet ontdekte met een zelfgemaakte telescoop vanaf een parkeerplaats. Een koppige ingenieur die vijfentwintig jaar lang afgewezen werd. Een depressieve student die uitgroeide tot de meest succesvolle planetenjager ter wereld.
    Ze begonnen als obscure dromers. Nu staan ze in de schijnwerpers. Misschien zullen ze de kleine groene mannetjes nooit vinden, maar de jacht staat garant voor spectaculaire verhalen.

    Sterrenkundige Lucas Ellerbroek (1984) was als kind al gefascineerd door planeten. Tijdens zijn promotie volgde hij van dichtbij de jacht op aliens met stijgende verbazing. In Planetenjagers beschrijft hij de geboorte van een nieuw vakgebied en de menselijke worstelingen die daarmee gepaard gaan. Ellerbroek is reeds bekend van De Wereld Leert Door en TEDx. Hij schrijft voor de wetenschapspagina van nrc Handelsblad en was tevens organisator en presentator van Nerd Nite.

    `Duizenden planeten die op de Aarde lijken liggen, op honderden lichtjaren afstand, op ontdekking te wachten. Dit spannende avontuur is nu in een nieuwe en belangrijke fase terechtgekomen, kleurrijk in dit boek beschreven.
    Prof. dr. Gerard t Hooft, Nobelprijswinnaar Natuurkunde, hoogleraar theoretische natuurkunde (uu) en auteur van o.a. De bouwstenen van de schepping

    `Een meeslepend avontuur vol verrassende details dat laat zien waarom sterrenkundig onderzoek zo fascinerend is.
    Prof. dr. Robbert Dijkgraaf, hoogleraar mathematische fysica (UvA), directeur en Leon Levy Professor (ias, Princeton)

  • Wie een hardloper spreekt, wordt deelgenoot van looptijden en afgelegde afstanden. Wie een hardloper laat schrijven, komt in een wereld van vriendschap, doorzettingsvermogen, de pijn van verliezen, de pijn van nét niet winnen, de euforie van net wél winnen, natuur, gezondheid, samenwerking, uitputting, quasiwetenschappelijke methodes, prachtige lijven, valse erfhonden, onverwachte aanmoedigingen, de koperen ploert, steentjes in de schoenen, lichamelijke ongemakken, overbodige rugzakjes, eerste stappen, laatste meters, opstaan en weer doorgaan. Wie een hardloper leest, begint spontaan zelf te joggen.
    Cabaretier Pieter Jouke, de enige die ooit een marathon in Carré rende, bundelde de beste hardloopverhalen van bekende en minder bekende renners. Verhalen uit bekende monden - waarmee beloftes werden gedaan, waaruit gehijg klonk en waarin bloed werd geproefd.

    Met bijdragen van o.a. Karin Amatmoekrim, Bram Bakker, Bert Brussen, Joep van Deudekom, Jochem van Gelder, Ronald Giphart, Dolf Jansen, Martine de Jong, Jan Lammers, Heleen Mees, Toine van Peperstraten, Art Rooijakkers, Ronald Snijders, Jack Spijkerman, Arthur Umbgrove, Dennis van de Ven en Leon Verdonschot.

    Pieter Jouke (1973) werkte voor multinationals totdat hij doorhad dat hij onverantwoordelijk veel tijd niet in humor stak. Hij schreef o.a. voor De Wereld Draait Door, Koppensnellers en Spijkers met Koppen en staat met een soloprogramma in de theaters. Hij liep vele marathons, waaronder één op een loopband in een uitverkocht Carré.

    `Jouke is een eigenzinnige cabaretier met een fijn gevoel voor literair absurdisme, waar er (naast Wim Helsen) maar heel weinig van rondlopen.
    de Volkskrant

    `Lastig na te vertellen maar des te bezienswaardiger.
    NRC Handelsblad

    `Geniaal taalgrappig.
    de Volkskrant

    `Alsof hij de grens tussen cabaret, toneel en literatuur opzoekt.
    Theaterkrant.nl

  • Als eerste de finish bereiken. Het is niet slechts een kwestie van natuurlijke aanleg, keihard trainen en een beetje geluk. Waarin onderscheidt de wielerkoning zich dan van het peloton der stervelingen?
    Pieter Winsemius analyseert in Erop en erover een aantal topwielrenners die in zijn ogen samen het antwoord geven op deze vraag. Het echte geheim schuilt niet in hun benen, maar tussen hun oren. De echte kampioen verwacht te winnen, en gaat daarom het diepst.
    Buiten de sport is dat niet anders. Als je tot de besten wilt behoren, erop en erover wilt gaan, moet je ook bereid zijn het beste uit jezelf te halen. Winsemius biedt hiervoor een handvat. Volgens hem zijn daarbij kwaliteiten cruciaal die belichaamd worden in topwielrenners, bijvoorbeeld de zelfkennis van Joop Zoetemelk, de concentratie van Lars Boom, het gezag van Jan Raas en de dromen van Marianne Vos.
    Want Gerrie Knetemann had het bij het juiste eind toen hij zei: `Het wielerpeloton is de maatschappij in de overtreffende trap, die onder een vergrootglas wordt bekeken.'

    Pieter Winsemius was werkzaam bij organisatieadviesbureau McKinsey & Company, tweemaal minister van vrom, en lid van de wrr. Daarnaast is hij een fanatiek hardloper. Hij schreef eerder onder meer Ik wou dat ik uw benen had (2001; levenslessen uit het hardlopen), Je gaat het pas zien als je het doorhebt (2004; leiderschap volgens Johan Cruijff) en Toeval is logisch (2012; beste citaten van Johan Cruijff).

empty