Prometheus Bert Bakker

  • Steven Lee Myers volgde Vladimir Poetin van begin af aan op de voet als correspondent in Moskou voor The New York Times. In deze schitterende biografie (de eerste complete in de westerse wereld) ontrafelt Myers op heldere en evenwichtige wijze hoe Poetin het grootste land op aarde al vijftien jaar lang in zijn greep weet te houden, door zijn even meedogenloze als briljante manipulatie van de media, door het verdelen van macht, rijkdom en invloed over een kleine groep hondstrouwe jeugdvrienden uit St. Petersburg, door het genadeloos uitschakelen van elke vorm van oppositie, door terug te grijpen op de ideologie van het tsarenrijk en door de Russisch-orthodoxe kerk opnieuw tot steunpilaar van de staat te bombarderen.
    Poetin is in Rusland, ondanks alle massale protesten, mateloos populair, niet alleen onder bejaarden met nostalgie naar het communisme, maar juist ook onder jongeren. Na het bandeloze wildwestkapitalisme, de welig tierende misdaad en corruptie, de armoedeval en het internationale prestigeverlies die volgden op de ondergang van de Sovjet-Unie, wist Poetin in de ogen van veel Russen eindelijk orde op zaken te stellen.
    De nieuwe tsaar is een biografische tour de force. Myers ziet Poetin als een onberekenbare dictator met achtervolgingswaan die zich nauwelijks nog openstelt voor objectief advies en steeds meer in een isolement raakt. Dat hij onder andere in Zwitserland een privévermogen van naar schatting veertig miljard dollar heeft ondergebracht is in Rusland even geheim als de rest van zijn privéleven, waarover slechts bij toeval iets doordringt in de openbaarheid.
    De nieuwe tsaar leest als een spannende roman en is van groot belang voor iedereen die gefascineerd is door het verschijnsel Poetin en tevens voor iedereen die geïnteresseerd is in de toekomst van de wereld en de rol die het nieuwe brutale en agressieve Rusland daarin speelt.

    Steven Lee Myers schrijft al zesentwintig jaar voor The New York Times, waarvan zeven jaar als correspondent in Moskou. Hij woont in Washington.

    `De nieuwe tsaar is een adembenemende, rijk gedetailleerde biografie die op allesomvattende, bijna shakespeareaanse wijze verklaart waarom Poetin zich gedraagt zoals hij dat doet.'
    Robert D. Kaplan

    `[...] even eerlijk als confronterend: Myers laat blijken zijn onderwerp door en door te kennen. [...] Een bijzonder krachtig portret van een angstaanjagend machtige autocraat.'
    Kirkus Reviews

  • Maart 2014: gewapenderhand wordt de Krim gescheiden van Oekraïne en `herenigd' met Rusland. Die actie van Rusland is in strijd met het Helsinki-akkoord dat in 1975 de territoriale integriteit van alle staten in Europa heeft vastgelegd. Het blijft niet bij de Krim. Rusland wil zijn oude glorie als supermacht terug. Sindsdien woedt er oorlog in Europa.
    Hoe heeft het zover kunnen komen? Zonder oog voor personen als Gorbatsjov, Jeltsin en Poetin is de assertiviteit van dit nieuwe Rusland niet te begrijpen. Gorbatsjov opende met zijn glasnost een doos van Pandora. Jeltsin hervormde het land niet echt. Poetin profiteerde van hun falen en kon de staat weer in het centrum van de macht zetten. Maar er zijn ook structurele oorzaken voor het feit dat Rusland zich nu hard tegen Europa keert. Ondanks de privatiseringen en de opmars van een middenklasse in deze eeuw is Rusland een neofeodale maatschappij. De mens is er onderdaan gebleven en nooit staatsburger geworden. Vandaar dat de ontvoogding, waar Oekraine en andere voormalige satellieten nu naar streven, voor het Kremlin zo'n groot gevaar is dat het alles op alles zet om zijn invloedssfeer terug te winnen en zo Europa diep verdeelt.
    Hubert Smeets, die Rusland vanaf 1990 op de voet volgt, beschrijft de breuklijn in de Russische samenleving met een scherpe pen en een goed oog voor detail.

    Hubert Smeets (1956) is journalist bij nrc Handelsblad. Tijdens de ondergang van de Sovjet-Unie in 1991 was hij correspondent in Moskou. Van 2003 tot 2007 was hij hoofdredacteur van De Groene Amsterdammer. Hij won de Anne Vondelingprijs voor politieke journalistiek en schreef onder meer Gekrenkte zielen. Vrijheid in Rusland.

  • Criminaliteit is een mannenzaak, toch? Niet als we naar het verleden kijken. Tegenwoordig zijn vrouwen verantwoordelijk voor 10 procent van de criminaliteit in Nederland, maar in de vroegmoderne tijd was soms meer dan de helft van de vervolgde misdadigers een vrouw. Misdadige vrouwen gaat over deze vergeten groep uit de geschiedenis: de duizenden vrouwen die voor de rechtbanken kwamen. Het laat zien tot welke misdrijven zij werden gedreven, wat voor excuses zij te berde brachten tijdens de verhoren, wie over hen klaagde en wie hen hielp, en hoe zij door rechters werden veroordeeld. De wereld van misdadige vrouwen is een verhaal van wanhoop, armoede en kwetsbaarheid, maar ook van vrijheid, zelfstandigheid en vechtlust.

    Manon van der Heijden (1966) is hoogleraar Comparative Urban History aan de Universiteit Leiden. In 2012 ontving zij een Vici-premie voor excellente onderzoekers voor haar onderzoek naar criminaliteit en vrouwen in het verleden.

  • `Als vandaag iets zeker is, dan is het een gevoel van onzekerheid, sprak Beatrix bij haar inhuldiging in 1980. Hier begint het verhaal van een tevreden natie die uit haar comfortzone werd getrokken door een hardhandige confrontatie met internationale ontwikkelingen. Twee economische crises, Srebrenica en de aanslagen van 11 september 2001 lieten diepe sporen na. Naarmate de kredietcrisis zich verdiepte tot een Europese landencrisis, nam de instabiliteit van het partijwezen verder toe. Populistische bewegingen kregen vaste grond onder de voeten door het articuleren van de onvrede over het politieke bedrijf in het algemeen en over de euro in het bijzonder.
    Een gedegen en toegankelijk boek over het jongste verleden, dat de lezer bijpraat over de gedaantewisseling van Nederland in de sferen van de economie, de arbeidsverhoudingen, de samenstelling van de bevolking, de politieke cultuur en het Europese krachtenveld _ dat was er nog niet. Journalist en historicus Hans Wansink voorziet in deze leemte met Het land van Beatrix.

    Hans Wansink (1954) is redacteur van de Volkskrant. Hij promoveerde in 2004 op De erfenis van Fortuyn. Hij publiceerde eerder over onderwijspolitiek, de stressmaatschappij, de conservatieve golf en de toekomst van de journalistiek.

    `Rond 3 uur zag de mobiele eenheid zich gedwongen het bruggenhoofd op de Blauwbrug over de Amstel prijs te geven waardoor duizenden demonstranten via het Rembrandtplein, de Munt en het Rokin konden oprukken naar eindbestemming de Dam. Op hetzelfde moment keerde een lijkbleke Beatrix vanuit het Paleis terug naar de Nieuwe Kerk om de Verenigde Vergadering der Staten-Generaal toe te spreken en de eed af te leggen. Dit ambt is niet verworven. Het is een functie waar geen mens om vragen zou. Waarvan zichtbaar is de uiterlijke glans, maar veelal niet de last en zelfbeperking zonder onderbreken. Geen lolletje dus, dat koningschap der Nederlanden, zeker niet in deze woelige tijden.

  • Memoires zijn het resultaat van drie lagen. Er is het eigen verleden dat nooit, ook niet door het meest abnormale olifantengeheugen, voor meer dan een fractie kan worden vastgehouden. Er is de herinnering, het drastisch tot een draaglijke en bruikbare omvang gekortwiekte aftreksel van dat verleden dat we meedragen en dat onze identiteit vormt als de onophoudelijk met ons meelopende assistent en reisgezel. En ten slotte is er het in taal omgezette schriftelijke of mondelinge verhaal dat altijd tot een ander is gericht, ook als we zelf die ander zijn. Die herinnering wordt dan een ragout van wat we willen onthouden, kunnen onthouden en moeten onthouden.

    Voordat de voegen kraakten is het vervolg op Von der Dunks jeugdherinneringen, Terugblik bij strijklicht. Het boek valt in wat achteraf het avonduur van het ancien régime van de professorenuniversiteit zou blijken te zijn. De oude voegen kraakten vervaarlijk onder het geweld van de nieuwe democratiseringseisen, en wat uit die tumultueuze periode tevoorschijn kwam werd ten slotte een marktgericht wetenschappelijk grootbedrijf midden in de maatschappij.

    Prof. dr. H.W. von der Dunk is emeritus hoogleraar contemporaine en cultuurgeschiedenis aan de Universiteit Utrecht en een van de belangrijkste historici van ons land. Eerder verschenen van zijn hand onder meer In het huis van de herinnering (2007), Terugblik bij strijklicht (2008) en De glimlachende sfinx (2011).

    Over In het huis van de herinnering:

    `Von der Dunk verkent op indrukwekkend erudiete wijze belangrijke aspecten van de manier waarop mensen zich sinds de Oudheid tot het verleden verhouden. De Volkskrant

    `De constante wisselwerking tussen heden en verleden is op bijna elke bladzijde voelbaar. NRC Handelsblad

    Over De glimlachende sfinx:

    `Niet alleen hanteert de auteur de pen met vaart en verve en kunnen uit zijn essays moeiteloos pregnante aforismen worden geplukt, ook schrikt Von der Dunk niet terug voor pittige uitspraken over het hier en nu () De glimlachende sfinx is een rijke bron van Aha-Erlebnisse. De Volkskrant

  • De vernieuwers

    Anton Blok

    Welke omstandigheden stelden mensen als Copernicus, Newton, Darwin, Mendel, Freud en Einstein in staat een nieuw gezichtspunt te ontwikkelen dat ons beeld van de wereld en onszelf blijvend heeft veranderd? Aan de hand van een collectieve biografie en inzichten uit de antropologie traceert De vernieuwers in de levens van enige tientallen geleerden en kunstenaars van de afgelopen vijf eeuwen een algemeen patroon van ontregelende tegenslag en buitensluiting. Geholpen door fortuinlijke ontmoetingen kwamen allen in een positie die ruimte en vrijheid schiep en het mogelijk maakte gevestigd gedachtegoed in twijfel te trekken. Tegenspoed werd omgezet in de strategische positie van de outsider.

    De vernieuwers zet zich af tegen wetenschapsgeschiedenis die als ideeëngeschiedenis meer over wetenschap dan over wetenschappers gaat. Het boek overstijgt ook het genre van de biografie dat overwegend beschrijvend is en zelden analytisch en vergelijkend.

    In de top van het bedrijfsleven en de universiteit treft men regelmatig de overtuiging aan dat `innovatie kan worden georganiseerd, gepland en uitgevoerd door onderzoeksteams. Dit boek laat zien dat `innovatie zich niet laat plannen, maar met vallen en opstaan niet zelden onbedoeld tot stand komt. Radicale vernieuwing is altijd het werk geweest van enkelingen bereid tegen de stroom in te gaan, te experimenteren, risicos te nemen, te falen en opnieuw te beginnen.

    Anton Blok studeerde culturele antropologie aan de Universiteit van Amsterdam, waar hij ook promoveerde. Hij was gasthoogleraar aan onder meer de University of California, Berkeley, en is als fellow verbonden geweest aan Yale University. Onder zijn vele publicaties bevinden zich De Bokkerijders. Roversbenden en geheime genootschappen in de Landen van Overmaas, 1730-1774 (1991), Honour and Violence (2001) en Niets is minder waar (2002). Hij is emeritus hoogleraar culturele antropologie aan de Universiteit van Amsterdam.

  • De Eerste Wereldoorlog is een eeuw oud. De belangstelling voor deze eerste `totale oorlog is nog altijd groot. Vijf weken nadat een jonge Servische nationalist de Oostenrijkse troonopvolger Franz Ferdinand had doodgeschoten, ontlaadden jarenlange spanningen zich in een orgie van oorlogsgeweld. Juichend trok een jonge generatie haar dood tegemoet. Manhaftige moed telde niet; tegen de dodelijke uitwerking van granaatinslagen, machinegeweervuur en gifgas bestond nauwelijks afweer.
    Ruim negen miljoen soldaten stierven en een veelvoud raakte gewond of getraumatiseerd. De kaart van Europa werd grondig gewijzigd. De oorlog vormde de kraamkamer van communisme, fascisme en nationaalsocialisme. De Tweede Wereldoorlog, de Koude Oorlog en de strijd op de Balkan en in het Midden-Oosten vonden hun wortels in deze wereldbrand.

    Een kleine geschiedenis van de Eerste Wereldoorlog zet de oorzaken, het verloop en de gevolgen overzichtelijk uiteen. Het boek vormt een handig naslagwerk voor inzicht in de `moedercatastrofe van de twintigste eeuw.

    Dr. Jan van Oudheusden (1949) is historicus, docent en auteur. Hij schreef in deze reeks ook boeken over de wereldgeschiedenis en over de geschiedenis van China, de Verenigde Staten en het Midden-Oosten.

  • Angela Merkel is de machtigste politicus in de Europese Unie. Haar woorden wegen zwaar. Om wat voor crisis het ook gaat: de wereld kijkt naar de Duitse kanselier.
    Maar Merkel opereert voorzichtig. De gepromoveerde natuurkundige uit de voormalige ddr houdt niet van grootse gebaren. Zij wikt en weegt en stelt besluiten uit, tot het moment dat zij zeker is van haar zaak.
    De kiezers belonen Merkel voor die aanpak. Haar omzichtige optreden doet het land goed, vinden zij. Maar hoewel Angela Merkel dagelijks in het nieuws is en uitgebreid wordt geanalyseerd, blijft zij een raadsel. Niemand kent haar ware drijfveren.
    Volgens haar critici is Angela Merkel een politicus zonder diepe overtuigingen: een `Teflon-Kanzlerin met wie je alle kanten op kunt. Zij zien Merkel als een opportunist, die slechts uit is op machtsbehoud. Zij vragen zich bovendien af of Angela Merkel voldoende leiderschap toont nu het Westen er een groot probleem bij heeft: de opkomst van een assertief, antiwesters Rusland.
    In dit boek beschrijft Wierd Duk het geheim van Merkels succes. En hij onderzoekt de vraag: is Angela Merkel, de koningin van Europa, wel opgewassen tegen de machtshongerige Russische president Vladimir Poetin?

    Historicus en journalist Wierd Duk is correspondent in Berlijn voor Nederlandse media. Hij schreef eerder het boek Poetin. Straatvechter bedreigt wereldorde.

    De pers over Poetin:

    `Hoogst actueel en zeer verhelderend. Historisch Nieuwsblad
    `Helder historisch overzicht. nrc Handelsblad
    `Ideale leidraad voor lezers die nieuwsgierig zijn naar de baas in het Kremlin. De Standaard

  • Van toen en nu bevat een nieuwe selectie uit het omvangrijke essayistische werk van de bekende Leidse historicus H.L. Wesseling. De hier bijeengebrachte artikelen, voordrachten en beschouwingen beslaan een breed terrein. Naast politieke zaken als de bezwaren van paarse coalities, het verlies aan nationale soevereiniteit en de toekomst van de natiestaat komen ook andere actuele onderwerpen aan de orde. Zo besteedt Wesseling kritische aandacht aan de Franse wetgeving over slavernij en genocide, de Nederlandse dekolonisatiepolitiek, de relatie tussen geloof en moraal, wetenschapsfraude en de amerikanisering van de Nederlandse universiteiten.
    Een aparte selectie is gewijd aan de betrekkingen tussen Europa en Afrika, een van Wesselings specialismen, met bijdragen over Egypte, Congo en Zuid-Afrika. Daarnaast wordt ingegaan op algemene problemen van de hedendaagse geschiedschrijving: overeenkomsten en verschillen tussen geschiedschrijving en literatuur, de rol van leermeesters en de opkomst en ondergang van het Nationaal Historisch Museum. Met Van toen en nu laat Wesseling wederom zien dat hij behoort tot de top van de Nederlandse essayistiek.

    H.L. Wesseling is emeritus hoogleraar algemene geschiedenis in Leiden en oud-rector van het Netherlands Institute for Advanced Study (nias) te Wassenaar. Hij is de auteur van vele succesvolle boeken als Verdeel en heers en Frankrijk in oorlog en recentelijk De man die nee zei. Charles de Gaulle, 1890-1970. Zijn werk is vertaald in het Frans, Duits, Engels, Spaans, Portugees, Italiaans, Zweeds en Chinees.

    Over De man die nee zei:
    `() zonder twijfel het sprankelendste geschiedenisboek dat het afgelopen jaar verscheen.
    NRC Handelsblad

    `Bijna overbodig om te zeggen dat H.L. Wesseling met zijn even bondige als meeslepende biografie van generaal De Gaulle zijn zoveelste meesterwerk afleverde.
    De Groene Amsterdammer

    `() fonkelende biografie.
    Elsevier

  • 1914

    Bert Bukman

    Het was het jaar van de grootste breuk uit de moderne historie. Het begon vredig als uitloper van de belle époque, maar het eindigde in de loopgraven en de modder van Vlaanderen en Frankrijk, zonder enig uitzicht op betere tijden. Integendeel _ de hel van Verdun, het gifgas en de tanks moesten nog komen.
    In 1914 geeft historicus Bert Bukman een kleurrijk beeld van het eerste oorlogsjaar aan de hand van de belevenissen van direct betrokkenen, zoals Winston Churchill, Adolf Hitler en suffragette Emmeline Pankhurst. Via hen maken we de grote en kleine historische gebeurtenissen mee van dit bijzondere jaar. De moord op de Oostenrijkse aartshertog Franz Ferdinand en zijn vrouw, de diplomatieke schermutselingen die leidden tot de frischer, fröhlicher Krieg, en de uitzichtloze gevechten aan het front. Maar ook een opzienbarend nieuw hoogterecord van een zeppelin en het eerste televisietoestel. Door deze benadering, dicht op de huid van de betrokkenen bezien en beschreven, ontstaat een verrassende en nieuwe blik op het jaar dat als startschot geldt van de nieuwe tijd.

    Bert Bukman (1960) studeerde geschiedenis in Leiden en was werkzaam in de reguliere en de corporate journalistiek. Hij publiceerde eerder Het slagveld, dat werd genomineerd voor de M.J. Brusseprijs 2012 voor het beste journalistieke boek, en Anton, het levensverhaal van nsb-leider Anton Mussert.

  • De historicus John Lukacs geeft in een bezield relaas een bondige geschiedenis van de twintigste eeuw: twee wereldoorlogen en een koude oorlog en hun naties en leiders.
    Vanaf de Eerste Wereldoorlog betekende de twintigste eeuw het einde van de Europese dominantie en de opkomst van de Amerikaanse macht en invloed in de wereld. Lukacs verkent tot in detail het fenomeen nationaalsocialisme, en de cruciale rol van individuen in de Tweede Wereldoorlog: Hitler, Churchill en Roosevelt. Tussen 1939 en 1942 kwam Duitsland dichter bij de overwinning dan veel mensen aannemen.
    Lukacs werpt in Een korte geschiedenis van de twintigste eeuw een vorsende blik op de consequenties van de Tweede Wereldoorlog _ de vaak verkeerd begrepen Koude Oorlog _ en op de verschuivende sociale en politieke verhoudingen in onder meer het Verre en Midden-Oosten. In een welluidende afsluitende overpeinzing over het einde van de twintigste eeuw, reflecteert hij op de expansie van de democratie over de hele wereld, en op de beperktheid van de menselijke kennis.
    Lukacs maakte een belangrijke pagina in de geschiedenis zelf mee, toen hij in de Tweede Wereldoorlog zijn geboorteland Hongarije moest ontvluchten wegens de Duitse bezetting. In de Verenigde Staten maakte hij vervolgens carrière als historicus. De boeken die zijn pen heeft voortgebracht worden niet alleen geroemd om hun wetenschappelijke waarde, maar bovendien om de schrijfstijl.

    John Lukacs is emeritus hoogleraar geschiedenis aan Chestnut Hill College in Philadelphia en de auteur van ruim twintig boeken, waaronder Vijf dagen in Londen, over de beslissing van het kabinet van Winston Churchill in 1940 om de strijd tegen Hitler voort te zetten.

  • Begin 1759 scheerde een komeet langs de aarde, precies zoals Robert Halley een halve eeuw eerder had berekend op basis van de theorie van Newton. De vurige streep aan de hemel liet iedereen zien dat alles wat gebeurde voorspeld kon worden. Dat luidde het einde in van het brede geloof in wonderen en magie.
    In datzelfde jaar werd Voltaire vijfenzestig. Als hij eerder was overleden, dan was hij slechts bekend gebleven als schrijver van toneelstukken die zelden meer worden opgevoerd. Voltaires genie kwam immers pas echt tot zijn recht vanaf 1759, toen zijn Candide verscheen. Vanaf dat moment trok hij ten strijde tegen kerk en bijgeloof.
    Adam Smith publiceerde in 1759 zijn Theory of Moral Sentiments, waarin hij emoties aanwees als verklaring voor menselijk gedrag, net zoals Newton de zwaartekracht had geïdentificeerd als oorzaak van alle beweging.
    Paul Frentrop laat in een machtig panorama zien wat de makers van de Verlichting bezighield en hoe het denken van de mens blijvend veranderde in dat ene jaar: 1759.

    Paul Frentrop is hoogleraar corporate governance & capital markets aan Nyenrode Business Universiteit. Hij publiceerde onder meer De geschiedenis van Corporate Governance, de veelgeprezen biografie van Pierre Vinken Tegen het idealisme en de bundels Vrouwenlogica en Mannenlogica.

  • Ruim zestig jaar maakte Duitsland zich kleiner dan het was: economisch weliswaar een reus, maar politiek toch een dwerg. Schuld aan een barbaarse oorlog en de deling van het land in Oost en West waren hieraan debet. De val van de Muur bracht Duitsland wat tot zijn `normalere proportie terug. Maar pas de eurocrisis katapulteerde Duitsland in een nieuwe, leidende rol. Sindsdien kijkt heel Europa naar Berlijn. Onder Duitse druk zijn de teugels aangehaald. Hulp aan de probleemlanden wordt nu gekoppeld aan een verplicht herstel van solide openbare financiën en van een concurrerende economie.
    Zal dit beleid Europa duurzaam uit de crisis halen en hoe gaat dit `Duitse Europa eruitzien? Blijft Duitsland zelf eigenlijk wel Europees? Kan en wil Duitsland Europa wel leiden? Heeft het daarvoor niet anderen nodig, Frankrijk en Polen voorop? Houdt Duitslands nieuwe macht ook een nieuwe internationale opdracht in? En wat is de rol van Brussel en van Nederland in dit verhaal?
    Duitsland als probleem en als oplossing voor Europa _ Marnix Krop schetst een cruciaal spel dat zich afspeelt in het hart van ons continent.

    Marnix Krop heeft veel van het beschrevene en de hoofdrolspelers van dichtbij meegemaakt. Hij was directeur-generaal Europa op het ministerie van Buitenlandse Zaken. Hij werkte op onze ambassades in Parijs en Warschau. Van 2009 tot 2013 diende hij als Nederlands ambassadeur in Berlijn. Zijn analyse van dit grote politieke en economische verhaal is verweven met persoonlijke belevenissen.

  • Poetin

    Wierd Duk

    Wie is Vladimir Poetin? Het Westen weet zich geen raad met de Russische president. Met de annexatie van de Krim schendt Poetin de internationale rechtsorde. `Hij is het contact met de werkelijkheid verloren, oordeelde de Duitse bondskanselier Angela Merkel.
    Maar Vladimir Poetin, die in zijn jeugd in Leningrad bekendstond als een heetgebakerde straatvechter, hanteert een andere logica. De voormalige kgb-agent beschouwt de ineenstorting van de Sovjet-Unie als `de grootste catastrofe van de twintigste eeuw. Hij wil Moskous invloed binnen de grenzen van het voormalige Sovjetrijk herstellen. Niet alleen de Krim, de hele Oekraïne speelt in die plannen een vitale rol.
    Hoe ver zal Poetin gaan? Komen ook de Baltische navo-lidstaten Estland, Letland en Litouwen in zijn plannen voor? In die landen leven honderdduizenden etnische Russen.
    Heeft het Westen de ontwikkelingen in Rusland verkeerd ingeschat? In de jaren negentig, na de ondergang van het communisme, leek Rusland zich te ontwikkelen tot een liberale democratie. Maar miljoenen Russen vervielen tot armoede. Zij koesteren een grote afkeer van het Westen, dat Rusland in hun ogen op de knieën heeft gedwongen.
    Met de oprichting van een Euraziatische Unie zint Poetin op wraak voor het verlies van de Sovjet-Unie. Hij werkt bovendien aan een conservatief beschavingsoffensief. Het orthodox-christelijke, autocratische Rusland moet een alternatief vormen voor het liberale Westen, dat in Poetins ogen ten onder gaat aan decadentie en materialisme.

    Historicus en journalist Wierd Duk, die lang als correspondent in Rusland werkte, beschrijft hoe de straatvechter uit Leningrad zich ontwikkelde tot de geslepen strateeg in het Kremlin: de Russische leider die de wereldorde bedreigt.

  • 2014 is een sleuteljaar voor Europa. Er moet vooruitgekeken worden. Er zijn Europese parlementsverkiezingen en bij alle problemen rond de euro kunnen we ons niet langer beperken tot hectisch crisismanagement alleen. Tegelijkertijd staat de houdbaarheid van het integratieproces ter discussie. Munt, markt, uitbreiding, identiteit en democratie, kan dat wel samen? Meer dan ooit gaat het om de grote vragen. Hoe zijn we hier verzeild geraakt? Wat is Europese integratie en wat zou het moeten zijn? Wat heeft het ons gebracht en wat is het ons nog waard? Dit is hét moment om te zoeken naar antwoorden op die vragen. Dat is spannend en urgent, net als het integratieproces zelf. In Waagstuk Europa onderneemt Mathieu Segers die zoektocht naar het heden, het verleden en de toekomst van Europa.

    Mathieu Segers is verbonden aan het departement geschiedenis en kunstgeschiedenis van de Universiteit Utrecht. In 2013 verscheen zijn Reis naar het continent. Nederland en de Europese integratie, 1950 tot heden, dat bekroond werd met de Prinsjesboekenprijs voor het beste politieke boek van 2013.

    Over Reis naar het continent:

    `Breed opgezette, erudiete studie. () Heel leerzaam. de Volkskrant ****

    `Zeer trefzeker beschrijft historicus Segers het debat dat hier al een halve eeuw wordt gevoerd. Hij heeft met zijn mooie schrijfstijl een schatkamer geopend. NRC Handelsblad ****

    `Segers beheerst het materiaal en gebruikt het meesterlijk om zijn lezer mee op reis te nemen. Als gids wijst hij op bijzondere details en onderbelichte samenhangen. () In een beeldende stijl en soms lichtelijk ironisch schrijft Segers een spannend verhaal dat velen niet kennen en dat ook de ingewijden verrast. uit het juryrapport van de Prinsjesboekenprijs 2013

  • Tijdens zijn werk aan de biografie van de beroemdste arts van de achttiende eeuw, Herman Boerhaave, raakte Luuc Kooijmans verzeild in de bizarre geschiedenis van diens manuscripten. Die worden al meer dan 250 jaar als een waardevolle schat in Sint-Petersburg bewaard. Maar niemand heeft ze ooit serieus kunnen bekijken, want ze worden afgeschermd als militair geheim.
    Waarom is het archief van een befaamde geleerde niet gewoon toegankelijk voor onderzoek? Wat doen de manuscripten in Rusland? Waarom zijn ze in militair bezit? Kooijmans volgde het spoor van Boerhaaves erfgenamen en leerlingen van Leiden via Duitse snijzalen en Parijse cafés naar de vorstelijke hoven in Wenen en Sint-Petersburg. Hij beschrijft hun pogingen om te profiteren van Boerhaaves reputatie en laat zien hoe hun onderlinge rivaliteit de ontwikkeling van hun vak stimuleerde. De geest van Boerhaave gaat over de drijfveren achter wetenschappelijke vooruitgang, en over Rusland. Het archief van Boerhaave vormt de aanleiding voor een verhaal vol ambitie en misleiding, en ten slotte voor groteske onderhandelingen tussen de auteur en het Russische ministerie van Defensie.

    Luuc Kooijmans is historicus en schreef eerder Vriendschap en de kunst van het overleven in de zeventiende en achttiende eeuw (1997), Liefde in opdracht (2000), De doodskunstenaar (2004), Gevaarlijke kennis (2007) en Het orakel (2011), over Boerhaave. Hij kreeg onder meer de prijs voor de geesteswetenschappen van het Prins Bernhard Cultuurfonds en de Grote Geschiedenis Prijs.

    Over Het orakel:

    `Kooijmans toont zich een rasverteller. Hij schreef een spannende biografie, vol vaart en met veel sappige details.
    Medisch Contact

    `Een goed gedocumenteerd, zeer leesbaar verhaal, dat ook voor niet-medici de moeite waard is.
    de Volkskrant

    Over De doodskunstenaar:

    `De doodskunstenaar is een boek waardoor je de adem wordt benomen, al was het maar door de doordringende geur van de dood die eruit opstijgt. In één woord: meesterlijk.
    Het Parool

  • Han van der Horsts grootvader ervoer twee wereldoorlogen aan den lijve en overleed op zijn zevenenzestigste aan een hartkwaal waar destijds geen kruid tegen gewassen was. Nu hij zelf een man op leeftijd is geworden, beseft Van der Horst hoe onwaarschijnlijk veel geluk hij had om te mogen opgroeien in de tweede helft van de twintigste eeuw, een tijd van ongekende voorspoed.
    Meeslepend als altijd schetst Van der Horst de onvoorstelbare opkomst van Nederland in deze jaren. De welvaart groeide razendsnel, velen kregen een eigen auto, het massatoerisme ontstond en de levensverwachting en het opleidingsniveau namen spectaculair toe. Het was ook een halve eeuw van bevrijding. Afhankelijkheid van familie, kerk en buurt maakte plaats voor individuele vrijheid. Knellende normen weken voor tolerantie, bijvoorbeeld voor andere samenlevingsvormen en homoseksuele relaties.
    Van der Horst neemt ons mee naar de benauwde zoldertjes waarop vele jonge gezinnen tijdens de woningnood van na de oorlog moesten wonen. Hij toont het prille geluk van de eerste welvaart, van de eerste flatjes met een geiser en een douche, tot en met de zelfvoldane natie die online ging en een hoge economische vlucht nam in de jaren negentig. Het waren decennia die voor velen getekend zullen zijn door de spreiding van televisies, autos, huizen, kennis en macht: een halve gouden eeuw van hoop, vooruitgang en optimisme. Misschien wel de mooiste jaren van Nederland.

    Han van der Horst (1949) is historicus. Hij schreef de afgelopen twintig jaar tal van boeken waaronder Nederland. De vaderlandse geschiedenis van de prehistorie tot nu en Een bijzonder land. Het grote verhaal van de vaderlandse geschiedenis.

    `Tegen de muur van de eetkamer stond een meubelstuk waartoe vrijwel alle kleinbehuisde jonggehuwden van Nederland veroordeeld waren: het opklapbed. Het frame met de matras erin werd vaak verborgen achter een gordijntje. Elke avond schoven overal in Nederland de echtelieden stoelen en tafel opzij, zodat zij het tweepersoonsbed naar beneden konden klappen.
    Ik durf er een eed op te zweren dat ik in zon opklapbed ben verwekt, net als de meeste Nederlanders die zich tot de naoorlogse geboortegolf mogen rekenen.

  • Moet kunnen

    Herman Pleij

    Jarenlang waren vier Amsterdamse wereldmusea wegens verbouwing gesloten. Dat vond iedereen stom. Maar niemand kon er iets aan doen - `daar ga ik niet over is al eeuwenlang het motto van de bv Nederland. En ze zijn toch weer open? Nou dan. Toch is Nederland juist door gebrek aan leiderschap en zwak centraal bestuur al meer dan vijf eeuwen ongekend welvarend. De horizontale samenleving nodigt ieder uit het zijne van alles te zeggen, wat resulteert in een enorme ideeënrijkdom. We zijn ook uitermate bedreven geraakt in het bereiken van compromissen en draagvlakken. Maar spruiten zulke gedragsvormen vanzelf voort uit de nederzettingsgeschiedenis of zijn ze door ons gecreëerd? Het poldermodel komt toch niet uit de lucht vallen? En gaat het eigenlijk nog wel goed? Traag bestuur, veel regels, ontduiken van verantwoordelijkheid, managementcultuur, gebrek aan coördinatie en controle op de uitvoering van beleid dreigen ons welvaartmodel te smoren. Een verkenning van de cultuurhistorische achtergronden kan meer inzicht geven. Of maakt iedereen dat zelf wel uit?

    Herman Pleij is hoogleraar middeleeuwse letterkunde aan de Universiteit van Amsterdam. Hij publiceerde in 2013 Meer zuurs dan zoets. Refreinen en rondelen van Anna Bijns, en in 2011 Anna Bijns, van Antwerpen. Pleij heeft een bijzondere belangstelling voor de cultuurhistorische achtergronden van de nationale identiteitsvorming.

  • Wanneer is iets kunst? Over dit fundamentele en complexe vraagstuk buigt de befaamde auteur en criticus Arthur C. Danto zich in Wat kunst is. Door aan te tonen dat er wel degelijk universele kenmerken bestaan, betwist hij de populaire aanname dat kunst een ondefinieerbaar concept is. Danto stelt dat, hoewel de benaderingen uiteenlopen, een kunstwerk altijd gedefinieerd wordt door twee noodzakelijke voorwaarden: betekenis en belichaming, en hij noemt ook een nieuwe voorwaarde, namelijk het droomachtige karakter van kunst.
    In zijn vakkundig gevoerde beredenering betrekt Danto op een toegankelijke manier zowel filosofie als kunst van alle genres en tijden, beginnend bij Platos definitie van kunst in De ideale staat, gevolgd door de ontwikkeling van kunst als een aaneenschakeling van ontdekkingen, zoals perspectief, clair-obscur en fysionomie. Danto bespreekt op fascinerende wijze Andy Warhols beroemde verpakkingsdozen, die zichtbaar niet lijken te verschillen van de alledaagse voorwerpen die ze voorstellen.
    In dit verreikende onderzoek naar kunstzinnige uitingen gaat Danto in op bijdragen van filosofen als Descartes, Kant en Hegel, maar ook artiesten als Michelangelo, Poussin, Duchamp en Warhol.

    Arthur Coleman Danto (1924-2013) was een Amerikaanse kunstcriticus en filosoof. Hij is vooral bekend geworden als de invloedrijkste kunstcriticus van The Nation en door zijn werk in de wijsgerige esthetica en geschiedenis van de filosofie.

    `Valt er nog te zeggen waar het bij kunst om gaat? Waar veel kenners en kunstenaars het antwoord schuldig blijven, waagt de eminente filosoof en criticus Arthur C. Danto een inspirerende poging.
    Maarten Doorman, de Volkskrant ****

  • Geen Surinamer is zo omstreden als Desi Bouterse. Sinds hij in 1980 met een staatsgreep de macht overnam, is hij in verband gebracht met dictatuur, moord, drugshandel en oorlog. Toch kan hij bij zijn achterban weinig fout doen. Dertig jaar na de coup werd hij zelfs op democratische wijze president van Suriname en in mei 2015 lonkt herverkiezing.
    Het verhaal van Bouterse is dat van een Surinamer die sterk gevormd werd door het koloniale verleden en die besloot vorm te geven aan een nieuw Suriname. Hij wist zich staande te houden in het krachtenspel dat na de coup ontstond en groeide uit tot de machtigste man van het land. Maar de prijs was hoog. Bouterse raakte verstrikt in zijn eigen revolutie en ontdekte dat er geen weg terug meer was.
    Dit boek schetst op basis van observaties, interviews, archiefonderzoek en bezoeken aan plaatsen uit het verleden van Bouterse een breed en intrigerend beeld van de man, de ex-kolonie en de beeldvorming. Het laat zien hoe bepalend de achtergrond van Desi Bouterse is en vertelt hoe hijzelf en Suriname door zijn keuzes blijvend veranderden.

    Historicus Pepijn Reeser (1984) was conservator bij het Nationaal Historisch Museum en onderzoeker voor het Surinaams Museum in Paramaribo. De afgelopen jaren publiceerde hij onder andere een populairwetenschappelijk boek over erfgoed en musea in Suriname. Ook werkte hij mee aan de jaarlijkse Maand van de Geschiedenis en aan afleveringen van televisieprogramma Het Klokhuis over geschiedenis.

  • Het is 1905. Minister-president Abraham Kuyper heeft de verkiezingen verloren. De gereformeerde voorman en journalist besluit een reis te maken van - zeker voor die tijd - ongekende proporties. In negen maanden tijd reist hij door zestien landen rondom de Middellandse Zee. Hij doorkruist christelijk Europa, islamitisch Noord-Afrika, en het door het jodendom gestempelde Heilige Land. Hij beschrijft zijn reis per trein, boot of koets en soms te paard, in het tweedelige en meer dan duizend pagina's tellende Om de oude wereldzee.
    Politiek en religie vormden in Kuypers ogen een explosief mengsel in deze streken en hij voorzag dat de regio een gebied was waar in de komende eeuw wereldconflicten zouden woeden.
    In dit boek reist historicus George Harinck de oud-minister-president en journalist achterna, slaapt in dezelfde hotels en bezoekt de plekken die Kuyper ook zag. Hij doet verslag van zijn reis, behandelt Kuypers analyses en spreekt onderweg met journalisten, geestelijken en academici die bekend zijn met de huidige mix van religie en politiek tussen Odessa en Khartoem, en van Jeruzalem tot Tanger.

    George Harinck (1958) is hoogleraar geschiedenis aan de Vrije Universiteit Amsterdam en is gespecialiseerd in Abraham Kuyper en diens gereformeerde nazaten. In 2009 publiceerde hij over Kuypers reis uit 1898 naar de Verenigde Staten.

  • Mensen reizen steeds meer, landsgrenzen vervagen. De kans om je grote liefde in het buitenland te vinden neemt toe. Maar wat doe je als je hopeloos verliefd wordt op iemand die duizenden kilometers verderop woont?
    In Verre vlinders beschrijft Janneke Knüppe aan de hand van diepgaande interviews de verhalen van personen die naar het buitenland emigreerden voor een geliefde. Het idee ontstond nadat zij een aantal jaar geleden zelf naar Stockholm vertrok om met haar toenmalige partner samen te kunnen zijn.
    Cultuurverschillen, afstand, taal, identiteit, gemis, liefde, frustratie, integratie, passie - allemaal aspecten die in de twintig verhalen naar voren komen.

    Janneke Knüppe (1986) vertrok na haar studies criminologie en forensische orthopedagogiek naar Stockholm voor haar toenmalige Zweedse vriend. Tijdens haar verblijf in Zweden besloot zij verhalen te verzamelen van mensen die tevens voor een geliefde naar het buitenland verhuisd waren.
    Inmiddels woont Knüppe weer in Amsterdam, waar ze zich richt op het schrijven van korte verhalen en poëzie.

  • Anne Frank was niet de enige die een dagboek bijhield tijdens de Tweede Wereldoorlog. Honderden Nederlandse meisjes vertrouwden hun gevoelens, gedachtes en angsten toe aan het papier in een tijd waarin niet alleen zijzelf maar ook de wereld om hen heen drastisch veranderde. In Meisjes in de oorlog zijn fragmenten van 1940 tot en met 1945 verzameld uit overgeleverde en deels nog nooit eerder gepubliceerde dagboeken van hen die in die periode nog meisjes waren. Joodse meisjes, maar ook niet-joodse meisjes, arme meisjes, rijke meisjes, meisjes die opgroeiden in een nsb-gezin, meisjes die in het verzet zaten, meisjes uit alle windstreken, ook uit Nederlands-Indië - sommigen nog speels, verliefd of naïef, anderen al vroegwijs, ernstig, moedeloos.
    Zeventig jaar na het einde van de Tweede Wereldoorlog geven deze dagboekfragmenten een indringend en uniek beeld van het leven in oorlogstijd.

    Donderdag 21 januari 1943, Amsterdam
    Ze zullen me nu wel gaan zoeken, nu ze weten dat vader en moeder weg zijn. Ja, ik ben in gevaar, maar ik ben de enige niet. Een gedeelde smart is halve smart.
    Ellie, 16 jaar

    Donderdag 29 april 1943, Amsterdam
    Ik ben vanmiddag nog naar Fini geweest, maar er werd niet opengedaan en een week geleden ben ik er geweest en toen werd er ook niet opengedaan. Ik hoop niet dat ze weg is. Wat zou ik dat naar vinden. Maar ik denk toch wel dat het zo is, want er is niets te zien. De ramen zijn dicht en in de voor- en eetkamer is ook niets te zien.
    Liesbeth, 14 jaar

    Vrijdagavond 4 juni 1943, Schiedam
    Om halfvier ben ik naar de dierentuin gegaan met Marleentje. Er zijn alweer een heleboel dieren weg en ze rijden zomaar met vrachtwagens door de dierentuin heen! Ook zijn ze van die gekke betonnen stellingen aan het bouwen, ik weet niet wat dat allemaal betekenen moet, maar ik vrees voor mijn dierentuin!
    Hannie, 14 jaar

    Pieter Eckhardt (1977) is historicus en heeft gewerkt voor het Rijksmuseum en de NOS. Sinds enkele jaren is hij kunstredacteur bij De Wereld Draait Door.
    Marscha Holman (1982) studeerde geschiedenis aan de UvA. Ze is columnist bij NRC Handelsblad en freelanceredacteur van literaire fictie en non-fictie.

  • Verborgen Verleden, DNA Onbekend en Familie Gezocht zijn immens populaire televisieprogramma's die allemaal ingaan op variaties van dezelfde vraag: waar kom ik vandaan? Ontelbare Nederlanders zijn in de ban van hun afkomst en Martine Letterie is een van hen.
    Ze onderzocht haar familiegeschiedenis van 1600 tot nu en leerde haar voorouders kennen: in alle generaties steeds weer bijzondere gewone mensen aan de onderkant van de middenklasse. Sommigen boerden goed, maar anderen kwamen in verzet tegen hun lot als het tij keerde en probeerden met wisselend succes hun leven in eigen hand te nemen en er nog iets van te maken. Al deze mensen-zoals-wij roepen met hun petites histoires een tijd en sfeer op die, hoewel lang geleden, toch ook verrassend dichtbij komt en herkenbaar is.
    In De genen van mijn vader beschrijft Letterie hun soms hartverscheurende levensgeschiedenissen, om te eindigen met haar eigen verhaal. Wat zeggen deze voorouders over haar, en in hoeverre hebben hun levens dat van haar beïnvloed?

    Martine Letterie (1958) schrijft al twintig jaar historische kinderboeken, die meestal gebaseerd zijn op waargebeurde verhalen.

empty