Prometheus Bert Bakker

  • In 2009 werd Eric van 't Zelfde directeur van een van de slechtste scholen van Rotterdam. Een school met slechts 34 aanmeldingen van nieuwe leerlingen, dramatische examenresultaten, vermoeide docenten en criminaliteit.
    Van 't Zelfde pakte de problemen buiten de gebaande paden aan. Maar liefst 56 docenten vertrokken, van wie 34 in zijn eerste jaar als directeur. Hij voerde de in zijn eenvoud geniale gedragsregel `je gedraagt je' in. Hij verwijderde tegen de wet in een aantal leerlingen en moest zich voor de rechter verantwoorden.
    Zijn onorthodoxe aanpak leverde gedonder op: bedreigende situaties en persoonsbewaking. Maar het had resultaat: na een aantal jaar begon zijn school op of boven het landelijk gemiddelde te scoren.
    In vijf jaar tijd van de slechtste school van Nederland naar een van de beste scholen van Nederland: wie is de man die dat samen met zijn team realiseerde?
    In Superschool beschrijft Eric van 't Zelfde zijn levensgeschiedenis en vertelt hij het bevlogen verhaal van zijn school en de mensen die daar rondlopen. Maar de successen hebben een stevige prijs; een prijs die docenten betalen, maar die Nederland en de politiek nooit zien, of willen zien. Superschool is een must voor iedereen die met het onderwijs te maken heeft, als ouder, leraar, beleidsmaker of belangstellende.

    Eric van 't Zelfde (1972) was leraar in Den Haag, Scheveningen en Gorinchem, voordat hij in 2009 directeur werd van de Hugo de Groot in Rotterdam.

  • Wie goed om zich heen kijkt, ziet het: er is een nieuw, bruisend bewustzijn aan het ontstaan over duurzaamheid, en de bijzondere relatie die wij als mensen met de natuur hebben. Deze verschuiving is van groot belang, want duurzaamheid gaat niet alleen over technologische oplossingen en regelgeving, maar juist ook om het herstel van de relatie tussen mens en natuur, tussen mensen onderling, en van de mens met zichzelf. Dit zou je `duurzaamheid van binnenuit' kunnen noemen.

    Dit boek vertelt de persoonlijke verhalen van tien bekende en minder bekende duurzame denkers en doeners, die allen deel uitmaken van het door prinses Irene opgerichte NatuurCollege. Onder anderen Irene zelf, Peter Blom, Klaas van Egmond, en Tom van de Beek komen aan het woord. Voor ieder van hen heeft een diepgaande persoonlijke zoektocht de basis gelegd voor hun professionele engagement met het duurzaamheidsvraagstuk.

    Duurzaamheid van binnenuit belicht de diverse aspecten van de transformatie in bewustzijn en handelen die in onze samenleving zo hard nodig is, en gaat daarbij in op de rol van wetenschap, politiek, bedrijfsleven, media, natuurbehoud, landbouw, geld, en hedendaagse spiritualiteit.

    Froukje Jansen is een landelijk bekende programmamaker en debatleider met een uitgesproken maatschappelijk profiel.

    Dr. Annick de Witt is onderzoeker en docent aan de tu Delft, gespecialiseerd in de culturele en psychologische aspecten van duurzaamheid.

  • 300 jaar geleden werd Rousseau geboren. En hij is nog altijd onder ons, nu meer dan ooit. Want Jean-Jacques Rousseau (1712-1778) is de uitvinder van het ik dat wij sinds meer dan twee eeuwen nastreven en dat ik staat hoog op de agenda. In de politiek, de kunst, het onderwijs, op tv en in ons eigen leven.
    Vanaf Rousseau zijn we in de greep van het verlangen naar echtheid. Naar de natuur, naar spontaniteit, jeugd, vriendschap en liefde. Dankzij Facebook snappen we dat we onszelf moeten spelen, zoals de echtheid van Boer Zoekt Vrouw geregisseerd is en de oprechtheid van de politicus het product is van mediatraining. Er loopt een rechte lijn van Rousseau naar de smiley en andere emoticons.
    /> Authenticiteit is onmogelijk. Dat laat Rousseau onbedoeld zien. Vooral in zijn eigen leven, waarover hij uitvoerig schrijft. De paradoxen daarin zijn niet te wijten aan de dwarsheid van deze soms hysterische filosoof, maar aan het verlangen naar echtheid zelf. Eerlijkheid leidt tot hypocrisie, heimwee naar de natuur tot aanstellerij.
    In Rousseau en ik beschrijft Maarten Doorman hoe we nog steeds in zulke verlangens vastzitten en vraagt hij zich af of we kunnen ontsnappen aan de erfenis van Rousseau.

    Maarten Doorman is een van de spraakmakende filosofen van Nederland. Hij doceert aan de universiteiten van Amsterdam en Maastricht. Daarnaast is hij dichter en essayist. Van hem verscheen onder meer De romantische orde.

    `De romantische orde is heel goed geschreven. (...) De schrijver schrikt niet terug voor de grote greep.' NRC Handelsblad

  • 'Ik ben geboren op 13 april 1944 in Posen, een oude Poolse stad die eeuwenlang Pozna´n werd genoemd. Maar toen ik er geboren werd, te midden van bombardementen die het einde der tijden leken aan te kondigen, was dit Posen een Duitse stad vanwaaruit Hitler-Duitsland zijn Heerestruppen naar de Sovjet-Unie had gestuurd en die nu de verminkten, de gewonden, de doden en een onafzienbare stoet vluchtelingen terugkreeg.

    Mijn familie had deel aan dat drama. Over hen gaat dit boek. En over de gevolgen van de oorlog. Over een sluwe grootvader, die op spectaculaire wijze een van de rijkste mensen van Letland was geworden, maar twee dagen voordat de oorlog uitbrak met zijn Russische vrouw en vier kinderen, met achterlating van al zijn bezittingen, moest vluchten naar Nederland. Over een naïeve vader, die aan het Oostfront, in het uniform van de Waffen ss, uit idealisme tegen de Sovjets vocht en vervolgens in Nederland ten onder ging. Over een moeder, die na de scheiding naar Duitsland vluchtte en mijn moeder niet mocht zijn. En over mij, de kleinzoon, de zoon, de stamhouder.'

    Alexander Münninghoff (Pozna´n, 1944) was journalist en Ruslandkenner. Hij was winnaar van de Prijs voor de Dagbladjournalistiek en auteur van Tropenjaren in Moskou (1991), over zijn tijd als correspondent in de Sovjet-Unie. De stamhouder is autobiografisch en berust op feiten en familieverhalen.

    'Een overweldigend boek, geschreven met beheerste passie en subtiele humor. Ik heb het ademloos uitgelezen.' - Anna Enquist

  • Als Michiel Princen in 2004 financieel rechercheur bij de Amsterdamse politie wordt, kan hij meteen vol aan de bak. Precies twee weken later wordt witwasfenomeen Willem Endstra voor zijn kantoor aan de Apollolaan in Amsterdam-Zuid geliquideerd. Het zal het begin blijken van een onderzoek naar de afpersing van Endstra door Willem Holleeder.
    Princen doet jarenlang onderzoek naar het witwassen van die afgeperste miljoenen door de ogenschijnlijk onkreukbare kasteelheer Jan-Dirk Paarlberg, de tot dan toe onomstreden eigenaar van de halve P.C. Hooftstraat. Daarna werkt Princen mee aan andere rechercheonderzoeken naar witwassen, oplichting, verduistering en valsheid in geschrifte binnen de georganiseerde criminaliteit en de `bovenwereld'.
    Behalve de zichtbare successen - arrestaties, beslagleggingen en veroordelingen - ziet hij ook talrijke bottlenecks en zwakke plekken binnen de opsporing. Daarnaast constateert hij hoe de sociale cultuur binnen de politie de eigen slagvaardigheid schaadt en hoe de organisatie zichzelf dwarszit in de uitoefening van haar taken: misdrijven oplossen en de criminaliteit beheersen.
    Na tien jaar besluit Princen, met pijn in het hart, de recherche te verlaten en zijn bevindingen op papier te zetten. De gekooide recherche is zijn spannende, kritische en soms ronduit onthutsende verhaal, van binnenuit geschreven, over de gang van zaken bij de Amsterdamse recherche.

    Vijftien jaar lang was Michiel Princen (1968) onderzoeksjournalist voor De Telegraaf, Peter R. de Vries en FEM Business. In 2004 maakte hij de bijzondere overstap naar de financiële recherche van de Amsterdamse politie. De gekooide recherche is zijn eerste boek.

  • De politieke discussie in veel West-Europese landen wordt op dit moment grofweg beheerst door, aan de ene kant, de liberalen en sociaaldemocraten, en aan de andere kant de populisten. Beide kanten van het spectrum hebben zich ingegraven en kunnen elkaar niet meer bereiken. Dat geldt ook voor Nederland, in onze eindeloze Hoekse en Kabeljauwse twisten tussen `nationalisten enerzijds, en `multiculturalisten en `eurofielen anderzijds.
    In Thuis in de Tijd klauteren Thierry Baudet en Geert Mak uit de loopgraven. Ze brengen een aantal botsende, overlappende en contrasterende visies bijeen op een van de belangrijkste themas van deze tijd: ons thuis, onze identiteit. Het bevat bijdragen van Benno Barnard, Marita Mathijsen, Jan Willem Duyvendak, Asis Aynan, Ad Verbrugge, Thierry Baudet en Geert Mak.

  • Er zitten ruim zevenhonderd vrouwen in Nederlandse gevangenissen (tegenover twaalfduizend mannen). Sommigen zijn tot meer dan tien jaar gevangenisstraf veroordeeld, anderen zitten voor de zoveelste keer opgesloten. Wat zijn dat voor vrouwen? Wat voor misdrijven plegen vrouwen eigenlijk? Wat zijn hun achtergronden? Zitten ze in het criminele circuit of zijn het gelegenheidsmisdadigers? Wie zorgt er voor hun kinderen? Hoe gaan de veroordeelde vrouwen met elkaar om? Wat doen gevangenissen om de vrouwen weer op het rechte pad te krijgen? Werkt dat ook?
    Maar ook: waarom word je penitentiair inrichtingswerker? Hoe ga je als mannelijke piwer met die vrouwen om? Waarin verschillen vrouwen in de gevangenis van mannen?
    Vrouwen achter tralies is een aangrijpend, ontroerend en soms ook heel geestig portret van een wereld van verslaafde dievegges, Caraïbische drugskoeriersters, chauffeuses bij overvallen en inbraken, coketransporteurs en een enkele moordenares in familiekring. Maar ook medewerkers in de gevangenissen komen uitgebreid aan het woord.

    Hugo Arlman is freelancejournalist en voormalig redacteur van Vrij Nederland. Hij schrijft onder meer voor De Nieuwe Reporter over media en voor het Nederlands Juristenblad over recht en media. Eerder schreef hij De val van de Rode Burcht en Van de prins geen kwaad (met Gerard Mulder) en 20 x logeren & fietsen rond de Mont Ventoux (met Tjakko Knoop Pathuis).
    John Peters is strafrechtadvocaat in Amersfoort en voormalig verslaggever voor Brandpunt en Netwerk. Hij maakte in 2011 met Willem Anker de zesdelige documentaireserie Langgestraft.

    Vrouwen achter tralies is ook een driedelige documentaire over vrouwengevangenissen in Nederland, uitgezonden vanaf mei 2014 bij de ntr op Nederland 2. Drie veertig minuten durende portretten van de vrouwenafdelingen van de penitentiaire inrichtingen van Ter Peel, Zwolle en Nieuwersluis.

  • De firma

    Duff McDonald

    De firma is een onthullende geschiedenis over consultancy op het hoogste niveau. McKinsey & Co., opgericht in 1926, is al decennia het toonaangevende consultancybureau ter wereld en was en is zeer belangrijk voor onder meer het Amerikaanse, Duitse en Nederlandse bedrijfsleven. McKinsey hielp de barcode ontwikkelen, en drong door tot in het Witte Huis en Downing Street 10. De consultants van McKinsey & Co. hebben een vernieuwende structuur geïntroduceerd binnen overheden, bedrijven en instituties die zorgde voor een wereldwijde verspreiding van het Amerikaanse kapitalisme.
    Tegelijkertijd kan McKinsey worden geassocieerd met een lange lijst grote fouten. Zo speelde de firma een opvallende rol bij de veelbesproken ondergang van Enron en bij de grote bankencrisis. En dan was er nog de zaak-Rajat Gupta, ooit managing director van McKinsey maar nu in de gevangenis wegens een schandaal rond handel met voorkennis.
    In De firma ontrafelt een van Amerikas beste financieel journalisten hoe McKinsey & Co. bij zo veel bedrijven binnen heeft weten te dringen. McDonald laat zien hoe een van de meest prestigieuze, invloedrijkste en tegelijk geheimzinnigste bedrijven van de wereld opereert.

    Duff McDonald, werkzaam geweest bij Goldman Sachs, is een New Yorkse journalist die onder meer schrijft voor The New York Observer, Time, Esquire en Newsweek.

    `De firma biedt een fascinerende blik achter het succes van het bedrijf. () Het boek onderzoekt de opmerkelijke en intrigerende breuk tussen de adviezen die McKinsey geeft en de uiteindelijke resultaten. The New York Times

  • Zet een wetenschapper en een ondernemer bij elkaar en je krijgt ruzie.
    Zo niet bij het Leidse farmaconcern Crucell. Daar kwamen de nieuwste internationale vindingen, de slimste mensen en de juiste geldzakken bij elkaar om schaterlachend de markt op te gaan. In 2011 werd Crucell voor drie miljard dollar aan Johnson & Johnson verkocht.
    Het geheim? Zakendoen met flair en lef. Zoals het Ajax in zijn hoogtijdagen voetbalde, dollend, vrijuit spelend en voor de duvel niet bang, zo veroverden de rebellen van Crucell de bloedserieuze wereld van de geneesmiddelenindustrie. De beste jongens van de klas, door collegas vergeleken met Harry Potter en David Copperfield, gebruikten humor en charme als wapens, timing en hersens als visitekaartje. Een brutaal collectief dat met geniale innovaties de werkelijkheid tartte, vele malen miraculeus aan de ondergang ontsnapte en uiteindelijk een mythe wist te bouwen waar de beurs in geloofde. Het verhaal van Crucell is dat van de mondiale biotechwereld: hoop, beloften, grof geld en heel af en toe resultaat.

    Mark Blaisse (1952) is historicus en publicist. Hij schreef eerder korte verhalen, essays, biografieën, een sprookje en twee dichtbundels.

  • In stormbuien en windstiltes, door de drukbevaren scheepvaartroutes voor Rotterdam en tussen de stille zandplaten op het Wad; maandenlang voer Thijs Broer in zijn zeiljachtje langs de kust van Nederland. Hij vond zijn weg van Zeeuws-Vlaanderen tot Delfzijl, en sprak met zeelieden, vissers, loodsen, duikers, zeezeilers, marinemensen, reders en redders.
    Hoe is het om op en met de zee te leven? Hoe heeft de relatie tussen de Nederlanders en de zee zich de afgelopen decennia ontwikkeld? En wat betekent dat voor ons zelfbeeld?
    Langs de kust is het levendige, persoonlijke verslag van een zoektocht naar wie we zijn: kustbewoners die de zee opnieuw moeten ontdekken.

    Thijs Broer (1970) studeerde rechten en geschiedenis in Amsterdam en Berlijn. Hij is redacteur van Vrij Nederland en maakt zeiltochten over de kustwateren.

  • Machtswellustig, ondeskundig en ongedurig: politici en journalisten vellen hetzelfde vernietigende oordeel over elkaar. Toch zijn ze, uit het zicht van camera en microfoon, poeslief voor elkaar.
    Begrijpelijk, hun onderlinge afhankelijkheid is groot. Journalisten bepalen de zichtbaarheid van politici, terwijl die politici de journalisten kiezen aan wie ze een primeur geven, of verhalen van achter de schermen. Niet voor niets is Den Haag een werkplek vol geveinsde liefde en versluierde afkeer.
    In Wij begrijpen elkaar uitstekend beschrijft nrc-journalist Pieter van Os die werkplek van binnenuit. Hoe wordt een politieke gebeurtenis nieuws? Welke rol spelen spindoctors en hun trucs? Waarom besteden politici hun controlerende functie uit aan de pers? Is trivialisering van het nieuws moeilijk te stoppen en welke rol speelt het `salonpopulisme van toonaangevende commentatoren daarbij?
    Met gevoel voor humor vertelt Van Os hoe hij zijn weg vond op het Binnenhof, waarbij hij zichzelf allerminst spaart. Door zijn observaties als politiek verslaggever te combineren met zijn kennis als politicoloog, komt hij tot analyses waarin menige Haagse mythe sneuvelt en tot onthullingen die een dieper inzicht verschaffen in de macht van de media.

    Pieter van Os (1971) studeerde politieke wetenschappen in Minneapolis, Leiden en Barcelona. Hij is redacteur van nrc Handelsblad. Eerder werkte hij voor De Groene Amsterdammer en Vrij Nederland.

    `Liefhebbers en experts zijn altijd blij verrast als zich een nieuwe ster aandient om hun kennis te verrijken. Op het Binnenhof in Den Haag loopt sinds enige tijd zo iemand rond: Pieter van Os. Met lichte ironie en verfijnde pen beschrijft hij het doen en laten van de politieke helden op het Binnenhof.
    felix rottenberg, het parool

  • Cassandra: de beroemde Trojaanse koningsdochter die de gave had de toekomst te voorspellen, maar die door niemand werd geloofd - terwijl zij achteraf steeds gelijk bleek te hebben gehad.
    In zijn lange politieke carrière heeft Frits Bolkestein zich meermaals als een Cassandra gevoeld. Hij durfde themas aan te roeren en standpunten in te nemen waar hij aanvankelijk om werd verguisd maar die later door vrijwel iedereen werden omarmd. Het zou van hem een van de invloedrijkste politici van Nederland maken.
    In Cassandra tegen wil en dank begeeft Frits Bolkestein zich opnieuw op een terrein waar weinig bestuurders en politici hem durfden voor te gaan: dat van de memoires. In de hem typerende, nuchtere stijl legt hij andermaal verantwoording af voor zijn politieke en levenskeuzes, en geeft hij de lezer een inkijkje in zijn jeugd; zijn tijd op het Barlaeus Gymnasium in Amsterdam; zijn jaren aan verschillende universiteiten en op verschillende continenten; zijn dienstverband bij Shell; en uiteraard de vele jaren waarin hij als politicus vormgaf aan het Nederland van nu.

    Frits Bolkestein (1933) was onder meer staatssecretaris voor Buitenlandse Handel, minister van Defensie, fractievoorzitter van de vvd in de Tweede Kamer en lid van de Europese Commissie voor de Interne Markt, de Belastingen en de Douane-Unie. Als politicus en schrijver had en heeft hij grote invloed op het politieke debat. Zijn laatste boek, De intellectuele verleiding, werd door pers en publiek enthousiast ontvangen.

    Over De intellectuele verleiding (2011):

    `De intellectuele verleiding is Bolkesteins beste en meest diepgravende boek. De Volkskrant

    `In een ruk uitgelezen () een absolute aanrader. Het Parool

    `Het fascinerende verslag van de speurtocht van een Nederlandse politicus. Elsevier

    Over De twee lampen van de staatsman:

    `Bolkestein is - in termen van eruditie, taalbeheersing en vermogen tot redeneren - een gunstige uitzondering in het Nederlandse politieke landschap. NRC Handelsblad

  • Wat hebben voetballers van fc Twente, kassières van Kruidvat en een zieke presentator van bnn met elkaar gemeen? Hun baas werkt samen met een commercieel verzuimbedrijf dat het niet zo nauw neemt met de privacy.

    Geld verdienen over de ruggen van zieke werknemers. Daar is voormalig autohandelaar Marcel Wenting bedreven in. Samen met oud-profvoetballer Jan van Halst leidt hij het grootste commerciële verzuimbedrijf van het land. Callcentermedewerkers spelen voor doktertje en vragen zieke werknemers het hemd van het lijf. Medische en persoonlijke gegevens van honderdduizenden werknemers liggen op straat; het gevolg van een amateuristisch lek in de software van het computerprogramma.
    Als het vara-tv-programma zembla hierover twee onthullende uitzendingen maakt, is de ophef groot. Maar hoe kwamen deze primeurs tot stand?

    De verzuimpolitie is een persoonlijk en openhartig verslag van onderzoeksjournalisten Ton van der Ham en Manon Blaas. Ze nemen de lezer mee achter de schermen bij zembla. Ze beschrijven welke strafbare feiten ze pleegden om aan bewijzen te komen. Ze zijn onder druk gezet om hun mond te houden, werden beschuldigd van diefstal en intimidatie. Hoe ver mag een journalist gaan om de waarheid te achterhalen? Het boek bevat nieuwe onthullingen over de rol van verzekeraars en werkgevers.

    Hoe goed zijn uw medische gegevens beveiligd?
    En wat komt uw werkgever (en zijn verzekeringsmaatschappij) allemaal over u te weten?

    Ton van der Ham (1976) en Manon Blaas (1968) zijn beiden onderzoeksjournalist en werken voor het vara-tv-programma zembla. Samen hebben ze verschillende onthullende uitzendingen gemaakt. Met de undercoveruitzending Vieze ziekenhuizen wonnen ze zowel De Loep als de Beeld en Geluid Award. Hun reconstructie over de falende bestrijding van de q-koortsepidemie werd bekroond met De Tegel.

    Over De verzuimpolitie:
    `Ik keek ernaar en heb veel delen van de verbijsterende documentaire een aantal malen teruggespoeld om zeker te weten dat het allemaal echt waar was wat er werd verteld. Het was waar. Youp van t Hek

  • Als Dirk-Jan Koch bij Buitenlandse Zaken aangeeft dat hij graag in Congo geplaatst wil worden, krijgt hij direct een telefoontje van de personeelsdienst dat zijn wens gehonoreerd wordt. Kinshasa is voor diplomaten minder populair dan Kopenhagen, terwijl juist in Congo het avontuur lonkt.
    Als gepromoveerde ontwikkelingsdeskundige weet Koch precies welke ondersteuning de Congolezen nodig zouden hebben. Maar gaandeweg zijn reizen per uitgeholde boomstam over de Congo-rivier en op de motor diep de oerwouden in, komt hij erachter dat wat hij als internationale samenwerking ziet, Congolezen als internationale tegenwerking zien. Hij begint te doceren aan de universiteit van Kinshasa en samen met slimme studenten onderzoekt hij de schaduwkanten van de hulp. Uiteindelijk zegt hij zijn baan bij de ambassade op om als directeur aan de slag te gaan bij een organisatie waarin hij gelooft.
    In De Congo Codes concludeert Dirk-Jan Koch dat internationale samenwerking soms veel effectiever is dan we durven dromen, maar dat de effecten soms ook veel desastreuzer zijn dan we ons kunnen voorstellen. Het is vooral internationale desinteresse die ervoor zorgt dat Congo niet vooruit komt.
    Met dit persoonlijke en positieve relaas wakkert hij het debat aan over wat wij aan dit grote menselijke drama kunnen en moeten doen.

    Dirk-Jan Koch (1980) was op zijn zestiende al voorzitter van het Landelijk Aktie Komitee Scholieren (laks). Hij was als diplomaat werkzaam in Congo en als docent verbonden aan de Katholieke Universiteit van Kinshasa. Momenteel is hij directeur van Search for Common Ground, een internationale organisatie gericht op conflicttransformatie.

  • Van wie is de aarde? Van die ene, alles verwoestende soort of ook van die duizend andere soorten? Deze vraag beheerst Moeder van God, een spannend avonturenverhaal, een aangrijpend pleidooi en een indrukwekkende documentaire over de natuur. En wat voor natuur: krokodillen, slangen van ruim acht meter, de koninklijke jaguar en een verweesde babyreuzenmiereneter als huisdier. Nergens is onze aarde zo rijk als hier, in het grensgebied van Andes en Amazone, het gebied dat bekendstaat als `Madre de Dios, `Moeder van God.
    Paul Rosolie reisde vanuit New York naar deze nauwelijks betreden en ontoegankelijke streek waaraan hij zijn hart verloor. Beangstigend weergeweld en de dreiging van een onbekende indianenstam verhinderen hem niet om de zeldzaamste flora en fauna te ontdekken. Maar mogelijk is hij een van de laatste verkenners van de Moeder van God, want zoals overal in het Amazonegebied wordt het paradijs bedreigd.
    Rosolie laat in zijn schitterende boek zien dat het adagium van de indianen - `We erven de aarde niet van onze voorouders, we lenen die van onze kinderen - vandaag de dag toepasselijker is dan ooit.

    Paul Rosolie is bioloog en maakte een bekroonde natuurfilm. Hij werkte aan projecten voor natuurbehoud in India, Indonesië en Peru, maar is gespecialiseerd in het westelijke Amazonegebied. Moeder van God is zijn eerste boek.

    `Rosolie zorgt voor een ouderwets jungleavontuur, met een zeldzame urgentie en een diep gevoel voor de mensen en dieren die op zijn weg komen.
    The Wall Street Journal

    `Paul Rosolie heeft een uniek boek geschreven. Zijn levendige schrijfstijl dompelt je onder in zijn avonturen, waarin hij een oud onaangetast oerwoud verkent waar geen blanke man ooit geweest is. Er zijn passages die je zullen achtervolgen, scènes die je nooit meer vergeet.
    Jane Goodall, ambassadeur van de Verenigde Naties

  • De rijkdom van een bibliotheek, de schoonheid van een schilderij, de stille opwinding van het ontdekken van nieuwe ideeën: in Kruisbestuiving schrijft Louise Fresco over de manier waarop wetenschap, technologie en kunst elkaar inspireren.
    In het zoeken naar zingeving worden die terreinen vaak in één adem genoemd, maar meestal blijft onduidelijk wat kunst en kennis nu precies met elkaar kan verbinden. In dit persoonlijke boek geeft Fresco talloze voorbeelden: wat Jeroen Bosch en biotechnologie met elkaar gemeen hebben, of Darwin en glazen modellen van kwallen. Het belangrijkste menselijke bezit, dat aan de basis ligt van iedere samenleving, is volgens Fresco ons vermogen om te leren en kennis over te dragen, vragen te stellen en analogieën te vinden.
    Na het succesvolle Hamburgers in het paradijs en de zesdelige documentaireserie Frescos Paradijs is Kruisbestuiving opnieuw een fascinerend boek waarin Fresco voedsel, landschap en het leven verbindt vanuit kunst en wetenschap.

    Louise O. Fresco is een van s werelds grootste deskundigen op het gebied van landbouw en voedsel. Per 1 juli 2014 is zij bestuursvoorzitter van Wageningen University & Research Centre. Haar roman De utopisten stond op de shortlist van de Libris Literatuurprijs. In 2012 verscheen haar voorlopige magnum opus Hamburgers in het paradijs, waarvan inmiddels meer dan 15.000 exemplaren zijn verkocht, en dat ook zal verschijnen in het Engels en Frans.
    Fresco heeft al vele jaren een wekelijkse column in NRC Handelsblad.

    Over Hamburgers in het paradijs:

    `Fresco geeft ons hoop.
    Johannes van Dam, Elsevier

    `Fresco pakt gevoelige kwesties één voor één aan, met respect voor de emoties, maar ook met nuance.
    Bart Braun, Touw

  • In 1965 stikte David Rutgers van Rozenburg in een roetkap die hem tijdens een ontgroeningsritueel in Utrecht over het hoofd getrokken was. `Wij willen voorkomen dat er een generatie slappe jonkers ontstaat,' zei een anoniem Treslid naar aanleiding van deze `Roetkapaffaire'.
    Meindert Fennema deed kort daarop mee aan de groentijd van het Utrechts Studenten Corps. Hij schetst in Goed fout de ondergang van het traditionele studentenleven en de onstuitbare opkomst van een politieke omwenteling waarvan Provo en Nieuw Links de dragers waren. Maar ook op cultureel gebied was er sprake van een revolutie.
    Als Fennema in 1968 naar Amsterdam verhuist om daar politieke en sociale wetenschappen te gaan studeren, komt hij terecht in een maalstroom van politieke conflicten, die hem ten slotte doen besluiten om lid te worden van de Communistische Partij van Nederland. Fennema ziet overeenkomsten tussen het usc en de cpn. De geslotenheid van de organisaties, het gevoel verheven te zijn boven de massa, het idee dat men voorbestemd is om leiding te geven aan de maatschappij. Maar waar het elitaire conformisme in het corps vooral uiterlijk vertoon was, werd de morele discipline binnen de cpn verinnerlijkt.

    Meindert Fennema is emeritus hoogleraar politieke theorie van etnische verhoudingen. Hij schreef de biografie van Geert Wilders, Tovenaarsleerling (2010), en die van Hans Max Hirschfeld, De man van het grote geld (2007). In 2012 publiceerde hij Help! De elite verdwijnt en een jaar later verscheen zijn roman Het slachthuis. Tevens is Fennema columnist van ThePostOnline.

    Over Het slachthuis:

    `De portrettering van de socialistische familie is onvergetelijk en de beschrijving van de omgang met dieren doet denken aan John Berger. Het slachthuis geeft een ontroerend en mooi tijdsbeeld van het Nederland na de oorlog. Een wereld die voorgoed voorbij lijkt te zijn.'
    Abdelkader Benali

    `Aandoenlijk, sfeervol en spannend.'
    Guusje ter Horst

    Over Tovenaarsleerling:

    `Een smakelijke politieke biografie, die de lezer never a dull moment oplevert.'
    NRC Handelsblad

    `Een spannend boek.'
    Frits Bolkestein

  • Oorlog en kermis

    Olaf Koens

    In Rusland is alles waar en klopt niets. In Oorlog en kermis trekt Olaf Koens langs de randen van het grootste land ter wereld. Van de meest afgelegen nederzettingen in Siberië tot de frontlinies van de nieuwe koude oorlog.
    Hij spreekt met hooligans en helden, met walvisvangers en waarzeggers. De hallucinante, soms krankzinnige verhalen schijnen een nieuw licht op het land waar absurdisme de norm is.
    Oorlog en kermis is een betrokken, persoonlijk, ruw en realistisch portret van een land in verandering.

    Olaf Koens (Châtillon-sur-Seine, 1985) is schrijver en journalist. Hij publiceerde eerder Koorddansen in de Kaukasus. Hij werkt voor de Volkskrant en rtl Nieuws. In 2015 werd hij door het vakblad Villamedia uitgeroepen tot journalist van het jaar.

    Over zijn journalistieke werk:

    `Koens illustreert wat realisme is in de kunst en de literatuur: een selectie concrete details.'
    Arnon Grunberg

    `Journalistiek is meer dan rennen naar de brandhaard. Olaf Koens weet de diepere laag te vinden in de, soms dramatische, nieuwsfeiten. Hij neemt zijn lezer keer op keer mee in zijn eigen verbazing.'
    juryrapport journalist van het jaar

  • Als geen ander bedrijf dringt Heineken door tot de nerven van Afrikaanse samenlevingen. De multinational, al sinds de jaren dertig actief op het continent, beseft dat toekomstige groei grotendeels hiervandaan moet komen. Heineken in Afrika is het resultaat van drie jaar baanbrekend journalistiek onderzoek. Daarbij bezocht de auteur alle Afrikaanse landen waar Heineken brouwerijen bezit, sprak hij bijna 300 betrokkenen en deed hij diepgravend archief- en literatuuronderzoek.

    Met zijn levendige en toegankelijke stijl geeft Olivier van Beemen bovendien inzicht in het moderne Afrika en de rol die het bedrijfsleven daar speelt.

    De onthullingen in Heineken in Afrika, onder meer over belastingontwijking, medeplichtigheid bij mensenrechtenschendingen en omstreden zakenpartners, hebben inmiddels tot vragen geleid in de Tweede Kamer en het Europees Parlement. Het inspireerde toonaangevende columnisten, zoals Bas Heijne en Sheila Sitalsing, tot vlammende betogen. Heineken negeerde het boek aanvankelijk, maar wijdt er nu een aparte website aan.

    `In zijn doorwrochte boek laat Van Beemen zien dat ook bij Heineken de idealen volledig ondergeschikt zijn aan het winstbejag en dat de Afrikaanse welzijnsverbetering waarover Heineken en Rutte voortdurend tetteren, in werkelijkheid wellicht niet heel veel groter is dan het truffelgehalte in de pasta van de Aldi.'
    bas heijne, nrc handelsblad

    `Geweldig boek.'
    paul van liempt, rtl z

    `Ik heb dit boek met rode oortjes gelezen en er net zoveel plezier aan beleefd als aan Congo van David Van Reybrouck.'
    ton dietz, directeur afrika studiecentrum leiden

    `Heineken in Afrika is een must-read voor iedere ondernemer of manager die in Afrika actief is of wil worden en voor iedereen met interesse in business-ethische vraagstukken. Een van de meest waardevolle managementboeken die ik in tijden heb gelezen.'
    managementboek.nl

    Over In Parijs:

    `Olivier van Beemen! Altijd nieuwsgierig én ondernemend. Een chroniqueur van het Franse dagelijks leven die het avontuur niet uit de weg gaat.'
    adriaan van dis

    `Het boek is een feest van herkenning voor iedereen die ooit in Parijs heeft gewoond en bij wie Frankrijk onder de huid is gaan zitten. Voor alle andere lezers is het een originele en boeiende inwijding in een zo bijzondere en ook zo andere wereld dan de onze, op slechts twee uur treinen van Roosendaal.'
    frans timmermans

    `De dadendrang van razende reporter Van Beemen.'
    de volkskrant

  • Arnoldus Winsemius wordt geboren in Leiden op 26 september 1634. Gedreven door een diep geloof streeft hij het grote doel na om in dienst van de voc de kerstening van de heidenen op Formosa te bevorderen.

    Zijn verre nazaat Pieter Winsemius heeft op basis van de overgeleverde aantekeningen een prachtig, gedetailleerd memoriaal samengesteld, waarin hij Arnoldus op levendige wijze laat beschrijven wat hem in de periode van september 1651 tot september 1661 bezighoudt. Aan de hand van korte, heldere dagboekfragmenten lezen we hoe hij zich als jongeman voorbereidt op de zending, hoe hij verliefd wordt, hoe de maandenlange bootreis naar Azië verloopt en hoe hij samen met zijn gezin aan de andere kant van de wereld een leven opbouwt: met vallen en opstaan. Tegelijkertijd zijn we via Arnoldus getuige van de grote staatkundige, kerkelijke en militaire ontwikkelingen in een periode waarin de Republiek op de top van haar macht was en het leven op Formosa hard en snel. Niet zonder tranen verbindt daardoor de `grote' geschiedenis met het leven van alledag binnen één familie.

    Pieter Winsemius was werkzaam bij organisatieadviesbureau McKinsey & Company, tweemaal minister van vrom, en lid van de wrr. In het spoor van zijn grootvader en vader is hij daarnaast een gedreven genealoog en onderzoeker van familiegeschiedenissen. Hij schreef op dit vlak onder meer Het koningsvaandel. Reis door het verleden van Friesland (2014).

  • Omkijken

    Arie Pais

    Op 8 oktober 1942 werd het gezin Pais _ vader, moeder, zoon en dochter _ in de gemeente Barneveld gearresteerd. Gemoord, gestolen of tegen het verkeer in gereden hadden zij niet. Maar het was al erg genoeg dat ze bestonden en daar moest een eind aan worden gemaakt.
    Dankzij onbaatzuchtige hulp en een grote dosis geluk heeft het gezin de nachtmerrie overleefd. Barneveld is uit het leven van Arie Pais niet meer weg te denken.
    In Amsterdam studeerde Pais economie aan de gemeentelijke universiteit. Hij is er later lector en hoogleraar geworden. Al vanaf zijn studententijd is hij actief geweest in het politieke leven van de hoofdstad en daarbuiten.
    Behalve raadslid, Statenlid en Kamerlid is hij een kleine vier jaar minister geweest. Te kort om de wereld te veranderen, maar lang genoeg om enkele glazen plafonds te helpen doorbreken.

    Arie Pais (1930) heeft economie gestudeerd aan de Universiteit van Amsterdam, waar hij later lector en hoogleraar werd. In het eerste kabinet-Van Agt was hij de minister van Onderwijs en Wetenschappen. Hij is veertien jaar in het bankwezen werkzaam geweest, waarvan de laatste zes jaar als vicepresident van de Europese Investeringsbank. Daarna heeft hij functies vervuld in het zakelijke en culturele leven.

empty