nai010 uitgevers/publishers

  • For English please see below

    Tijdens de recente Biënnale van Venetië 2018 ontving de Engelse architect, historicus, criticus en pedagoog Kenneth Frampton de Gouden Leeuw, de Lifetime Achievement Award van de Biënnale. Er bestaat geen enkele architectuurstudent die nog nooit van het boek Modern Architecture: A Critical History (1980) van deze beroemde historicus of van zijn essay `Towards a Critical Regionalism, Six Points of an Architecture of Resistance' (1983) heeft gehoord. In de laatste tekst zoekt Frampton naar een alternatieve benadering van de architectuur door specifieke kenmerken betreffende topografie, klimaat, licht en tektoniek als essentieel voor de kunst van het bouwen aan te merken.

    In dit nummer van OASE wordt de canonieke rol van Kenneth Frampton's `kritische regionalisme' onderzocht op een manier die verder reikt dan de traditionele interpretatie van dat concept. Er zijn bijdragen verzameld die een nieuwe genealogie van de tekst voorstellen, kritische herlezingen en verkenningen door praktiserende architecten en architectuurtheoretici die de interesse van Frampton's ideeën voor hedendaagse architectuur evalueren.

    --

    The English architect, historian, critic and educator Kenneth Frampton received the Golden Lion for Lifetime Achievement at the latest Venice Biennale 2018. There is no architecture student that is not familiar with the book Modern Architecture: A Critical History (1980) of this renowned historian, nor with his essay `Towards a Critical Regionalism, Six Points of an Architecture of Resistance' (1983). In this last text, Frampton searched for an alternative approach towards architecture by defining the specifics of topography, climate, light and tectonics as essential to the art of building.

    This issue of OASE examines the canonical role of Kenneth Frampton's concept of `Critical Regionalism', reaching beyond its traditional interpretation. It gathers contributions that propose a new genealogy of the text, critical re-readings and explorations by practicing architects and architecture theorists that evaluate the interest of Frampton's ideas for contemporary architecture.

  • For English see below

    OASE 97. Actie en reactie presenteert een verzameling confrontaties tussen architecten onderling en tussen architecten en architectuurcritici.

    Het maken van en het denken over architectuur is altijd gedefinieerd geweest door het mechanisme
    van actie en reactie. Een manier om architectuur te bedrijven wordt bekritiseerd of verworpen en meteen gebruikt als vertrekpunt voor een andere, tegengestelde en betere methode, praktijk of theorie. Architecten en critici reageren op elkaars standpunten door middel van tekeningen, teksten,
    maquettes en gebouwen. Een goede architectuurcultuur floreert op zo'n basis: de spannende strijd tussen opvattingen, standpunten en overtuigingen.

    In OASE 97 worden gepassioneerde discussies en polemische interacties vanaf de zeventiende tot eind twintigste eeuw beschreven en geïllustreerd. Het resultaat is een verzameling tegengestelde maar onlosmakelijk verbonden definities van goede en noodzakelijke architectuur.

    --

    Creating and thinking about architecture has always been defined by the mechanism of action and reaction. One way of making architecture is criticized or rejected and immediately used as a starting point for another, opposing and better method, practice or theory. Architects and critics react to each other's views using drawings, texts, models and buildings. A good architecture culture thrives on such a basis: the exciting battle between views, opinions and beliefs.

    OASE 97 describes and illustrates passionate debates and polemical interactions from the seventeenth to the late twentieth century. The result is a collection of opposing yet inseparably
    connected definitions of good and necessary architecture.

  • OASE 98 onderzoekt de historische basis van het concept van het narratief bij het lezen en het ontwerpen van het stedelijk landschap, op zoek naar de relevantie van narratieve methoden in de hedendaagse praktijk.

    Dit nummer presenteert een nieuwe invalshoek op het werk van (landschaps)-architecten en stedenbouwkundigen van de jaren 1960 en 1970 (Edmund Bacon, Kevin Lynch en Jacques Simon) en vandaag ( Elena Cogato, Christophe Girot, Anke Schmidt en Bas Smets) en belicht recente experimenten in de academische wereld. OASE 98 stelt het narratief voor als een middel om het ontwerp, en de ontwerper als bemiddelaar tussen de deskundige en de bewoner, te herpositioneren, waarmee kwesties zoals lichamelijke ervaring, sociaal-ruimtelijke versnippering en participatie aan de orde worden gesteld.

  • Uit recente ontwikkelingen blijkt dat de thematiek die door de architectuurmusea wordt geprogrammeerd aan het verschuiven is. Sociale en activistische onderwerpen lijken klassieke thema's uit architectuur te verdringen. Zowel recente tentoonstellingen van gerenommeerde instituten als van jongere instellingen laten deze ontwikkeling zien. Bovendien lijken inhoudelijke keuzes in toenemende mate te worden beïnvloed door de maatschappelijke en politieke context van een instituut. Ook op het gebied van archivering leidt een nieuwe ontwikkeling als digitalisering tot radicale veranderingen waarvan de gevolgen ongewis zijn. In Oase 99 worden deze ontwikkelingen en de impact ervan op de huidige en toekomstige rol van architectuurmusea geïnventariseerd en bevraagd.

    Oase biedt een context om de huidige situatie te doorgronden en onderzoekt welke rol de architectuurmusea in de toekomst kunnen spelen in de architectuurcultuur.

    --

    Recent developments show a shift in the themes that architecture museums programme: apparently, social and activist subjects are supplanting classical architectural themes. It is a development expressed by recent exhibitions of both renowned institutes and younger ones. By the looks of it, thematic choices are furthermore increasingly influenced by the social and political contexts of institutes. In terms of storage, new developments such as digitization also lead to radical changes, with consequences that are difficult to predict. OASE 99 analyses and questions these developments and their impact on the current and future role of architecture museums.

    OASE provides the context for understanding the current situation and examines what part architecture museums can play in the future of architecture culture.

  • The 100th issue of OASE takes the journal's long-standing collaboration with its graphic designer Karel Martens as a starting point to explore the relationship between architecture journals and graphic design. In doing so, it challenges the conventional idea that architecture journals are mere carriers of information, showing instead how these journals play a defining role in the message they convey.

    Adhering to Marshall McLuhan's famous maxim 'the medium is the message', it considers the graphic space of the journal, its materiality, its production, and the physical experience of reading
    Within this context, the 100th issue of OASE zooms in on the relationship between architecture journals and graphic design, starting with a historical overview before considering the specific history of OASE and the practice of its own graphic designer. The aim is to provide an insight into the close and mutually enriching relationship between the graphic design of an architecture journal and the production of architectural knowledge.

  • For English please see below

    De opleiding tot architect lijkt vandaag moeilijker dan ooit te organiseren. Na mei 1968 werd het onderwijs radicaal gedemocratiseerd, of dat was althans de bedoeling. De Bolognaverklaring in 1999 veranderde echter ook de structuur van architectuurscholen indringend. Bestaat er vandaag nog een traditie die studenten kan worden aangereikt? Over welke vaardigheden moeten ze beschikken vooraleer ze zich op de beroepsmarkt begeven? En wat met kennis die misschien niet zozeer nuttig is, maar wel noodzakelijk om de cultuur en de geschiedenis van de architectuur ten volle te begrijpen? Is een architect een kritische intellectueel of eerder een succesvolle ondernemer?

    In dit nummer van OASE worden Europese scholen en docenten van de jaren zestig tot vandaag tegen het licht gehouden. Ligt er binnen de onderwijsstudio's een nadruk op een bepaalde architectuur? Wat is de relatie tussen ontwerp en geschiedenis? Welke invloed oefenen beroemde architecten uit als ze les gaan geven? Het nummer besluit met drie gesprekken over architectuuronderwijs vandaag, en over de uitdagingen voor de toekomst.

    --

    Architectural training seems to be more difficult to organize than ever before. After May 1968, education was radically democratized, or at least that was the intention. However, the 1999 Bologna Declaration radically changed the structure of architecture schools as well. Is there any tradition left to hand down to students? What skills do they need before they can enter the job market? And how about the kind of knowledge that may not be practical, but is nevertheless necessary to fully understand the culture and history of architecture? Is the architect a critical intellectual or rather a successful entrepreneur?

    This issue of OASE examines European schools and teachers from the 1960s to the present day. Do educational institutes emphasize a particular architecture? What is the relationship between design and history? What is the impact of famous architects who teach? The issue concludes with three interviews about the architecture schools of today and about the challenges for the future.

empty