Uitgeverij Van Oorschot

  • Na een storm in het jaar 1196 halen kustvissers een kleuter uit de branding. Die blijkt de enige overlevende van een schipbreuk te zijn. De jongen, vermoedelijk een koningskind, brengt zijn jeugdjaren door in een klooster nabij Brugge. Dat ontvlucht hij om zijn familie terug te vinden. Onder de naam Madoc leidt hij een leven als ridder en vecht duels op leven en dood uit, een leven waarin liefde evengoed een hoofdrol speelt.
    Jarenlang is hij de rechterhand van de legendarische graaf Hincmar. In Parijs ontpopt hij zich tot agnost, vrijdenker en schrijver. Maar als de Inquisitie actief wordt krijgen de ketterjagers ook Madoc in het vizier.

    In 2017 ontdekt een Vlaamse mediëvist een verzamelhandschrift uit de dertiende eeuw. Hij raakt ervan overtuigd dat dit eigenhandig werd geschreven door Willem, dichter van het fameuze Van den Vos Reynaerde en het mysterieuze boek Madoc. Hoe houden deze teksten verband met het levensverhaal van de veelzijdige middeleeuwse schrijver?

    In een roman die tegelijk bloedstollend en intellectueel uitdagend is en waarin de Middeleeuwen in alle kleur oprijzen, speelt Nico Dros een vernuftig spel met de vermeende geschiedenis van de raadselachtigste middeleeuwer: Madoc.

  • In zijn krachtige, onsentimentele en verrassende verhalen richt de Russische schrijver Maxim Osipov zijn blik op mensen die door ingrijpende gebeurtenissen - verraad, maatschappelijke commotie, ziekte of dood - grote veranderingen ondergaan. Net zo geraffineerd en veelzijdig als in een roman belicht hij de mensen van verschillende kanten en legt hen bloot tot in de kern van hun wezen en onzekerheden. Osipov 'vangt' zijn personages op momenten dat ze zich de vraag stellen die in veel negentiende-eeuwse literatuur werd gesteld: 'Hoe moet een mens leven?'

    Dat Osipov ook arts is bracht recensenten ertoe hem te vergelijken met beroemde voorgangers als Tsjechov en Boelgakov. Ook al wijst hij zelf zo'n vergelijking af, zijn psychologische inzicht, zijn vermogen tot pakkende karakteriseringen, zijn compassie en soms ironische blik maken dat die voor de hand ligt. Osipov is een schrijver die een moderne en zeer toegankelijke toon combineert met de klassieke Russische prozatraditie.

    'In deze verhalen zijn de grenzen tussen hoop, waanbeeld en leugen onduidelijk en wordt er op die grens stevig gesmokkeld. Dr. Osipov is een meester in de dramatische ironie, die bitterzoete humor wringt uit wat de lezer wel ziet maar zijn hoofdpersoon niet.' The Wall Street Journal

  • Schip in dok Nieuw

    J.M.A. Biesheuvels rijke en grote oeuvre spreekt tot de verbeelding van velen. Het zit vol korte verhalen en novellen over de wereldzeeën, bijzondere eenlingen, reizen, zijn jeugd en het gekkenhuis, en bevat een uitzonderlijke dosis absurde logica. Met zijn vele bundels, zoals In de bovenkooi en Reis door mijn kamer, heeft Biesheuvel laten zien wat zijn verbeeldingskracht en fantasie vermag. Het maakte hem tot een zeer geliefde verhalenverteller, zo niet de beste van Nederland, die met zijn stilistische rijkdom garant stond voor klassieke titels als 'Brommer op zee', 'De angstkunstenaar', 'Tanker cleaning' en 'Brief aan vader'.

    Biesheuvel had naar eigen zeggen de gewaarwording te zijn 'verdwenen' in zijn driedelige Verzameld werk, dat in 2008 verscheen. Schip in dok haalt hem weer boven, met een ruime selectie uit zijn evergreens, én verrassende keuzes.

  • Jarenlang loopt Maartje Wortel dagelijks met een vriendin exact dezelfde rondjes door het Oosterpark in Amsterdam. Het is als een plaat waarin de naald een steeds diepere groef achterlaat. Ze voeren in zekere zin steeds dezelfde gesprekken.

    Plotseling verhuist haar vriendin, verandert de wereld in een niet bij te houden tempo, gaat haar relatie uit en bereikt Wortel een dieptepunt. Ze moet blijven lopen, maar datzelfde rondje voelt als het plegen van verraad. En die mok die ze altijd meeneemt, met daarop de beeltenis van Angela Merkel, lijkt ineens een relikwie uit vervlogen dagen.

    In De groef vertelt Wortel over verlies en vrijheid, over vastzitten en loslaten. En hoe ze, of ze dat nou wil of niet, een nieuw ritme zal moeten vinden.

  • Sinds een jaar of zeven heeft Nelleke Noordervliet een huis in Beara, in het zuidwesten van Ierland. Iedere ochtend loopt ze over dik gras en mos naar een eeuwenoud pad, de Beara Way. Sinds de steentijd hebben daar mensen gelopen, in een landschap dat alleen op trage wijze doorgrond kan worden. Te voet, dus.

    Tijdens haar wandeling komen de oude mythes van de streek tot leven, verhalen waarin onverschrokken koninginnen zich meten met hun echtgenoten. In kaplaarzen en met een natte modderbroek aan maakt Noordervliet een pelgrimage naar het diepe verleden. Ze ziet een landschap dat al eeuwenlang leeft, en dat zwanger is van betekenis. Haar gewrichten mogen dan steeds strammer worden, de mosgroene weiden en de onstuimige watervallen om haar heen doen haar deel uitmaken van een continuüm, een landschap dat sterker is dan de dood. Noordervliet toont zich in Wat er werkelijk is wederom een van de meest lucide geesten van de Nederlandse letteren.

  • Hoog en laag springen Nieuw

    Dit vierde deel in de reeks faxenboeken van Nicolien Mizee beslaat de periode 1999-2000. Grote veranderingen staan op til. Haar eerste boek, 'Voor God en de Sociale Dienst', heeft een uitgever gevonden. De relatie met Louise loopt ten einde. Familieleden, die in de eerste faxen aan Ger al opzien baarden, blijken opnieuw voor verrassingen te zorgen.

    Het geploeter van het dagelijks leven vormt de stof waarvan Mizee even geestig en intelligent als stilistisch superieur verslag doet. De transformatie van steuntrekker zonder perspectief naar auteur met een unieke stem begint zich te voltrekken.

  • Marjoleine de Vos wandelt elke dag een rondje vanuit haar huis in het Noord-Groningse Zeerijp. Onder een strakblauwe hemel, een grijs wolkendek of genadeloze regen, ze zijn er altijd: de akkers in bloei of kaal, de kraaien, de bomen in alle stadia van blad of niet blad, het kerkje van Eenum. Soms uien op het land, soms dollende hazen - alles is altijd hetzelfde en altijd anders.
    Wat is het toch dat je zo kunt verlangen naar wandelen, vraagt De Vos zich af in Je keek te ver. Ze denkt na over het verschil tussen stad en platteland, de plek van cultuurlandschap in Nederland, over de kunst van het verliezen, landschapsleescursussen. En over hoe het hoofd zich verhoudt tot het lichaam: vaak zijn gedachten maar al te druk bezig, alsof je helemaal niet door een landschap loopt maar uitsluitend door je eigen bange, drukke hoofd. Kijk om je heen, moet je dan tegen jezelf zeggen. Niet de tijd in, maar over het land. Je keek te ver. Dat wat je zoekt is hier.

  • Gods wegen Nieuw

    In Gods wegen loopt Marijke Schermer stukken van het Brabantse Kloosterpad. Op haar weg vergezellen zuster Cornelia, pelgrims Linda en Belinda en priorin Maria Magdalena haar. Ook wandelt ze een stuk met haar moeder, die als jong meisje naar de kostschool van de Zusters van Liefde werd gestuurd, en daar geruisloos leerde huilen.

    Wat maakt iemand tot een personage? vraagt Schermer zich tijdens het wandelen af. Wat ziet een schrijver als ze wandelt? En wat heeft ze gemeen met iemand die het leven in een religieuze orde verkiest boven het leven daarbuiten? Met haar adembenemend trefzekere zinnen neemt Schermer je mee in haar onderzoek naar herinnering, feit en fictie, en waarnemen en scheppen.

  • Aleksej Navalny is opgesloten in de hoop dat men hem vergeet. Maar, zoals een schorpioen die door
    een slang over de rivier wordt gezet toch niet anders kan dan steken, zo steekt Navalny zijn beulen,
    schrijft Michail Kazachkov in deze bundel. De hele wereld en iedereen in Rusland die niet zijn laatste
    restje geweten verloren heeft, spreekt over Navalny.

    In dit boek schrijven journalisten, vertalers en schrijvers van nu over de moed van Navalny, zijn lot en dat
    van alle politieke gevangenen in Rusland. Maar wie sprak krachtiger en met groter ervaring over monddood
    maken en knechting dan Charms, Solzjenitsyn, Martsjenko, Sjalamov?

    Met bijdragen van Yolanda Bloemen, Daniil Charms, Arnon Grunberg, Sergei Guriev, Mikhail Kazachkov,
    Michel Krielaars, Osip Mandelstam, Anatoli Martsjenko, Egbert Myjer, Aleksej Navalny, Maxim Osipov,
    Karel van het Reve, Hella Rottenberg, Lev Rubinstein, Varlam Sjalamov, Hubert Smeets, Alexander Solzjenitsyn
    en Sana Valiulina.

  • Georgië is wel vergeleken met de hof van Eden. Maar het vanouds christelijke Kaukasusland bevindt zich op een breukvlak van invloedssferen. Eeuwenlang moest het van meerdere kanten de klappen opvangen en vreemde invasies ondergaan. Romeinen, Perzen, Byzantijnen, Turken en Mongolen richtten er verwoestingen aan. De Georgische 'gouden eeuw', het culturele en politieke hoogtepunt, ligt bijna een millennium terug.

    Begin negentiende eeuw kwam Georgië onder de Russische keizer. Na de revolutie van 1917 was een aantal jaar onafhankelijk, tot de Sovjet-Unie het inlijfde. Een Georgiër, Jozef Stalin, was daar tot 1953 de baas. Sinds 1991 is Georgië opnieuw onafhankelijk. Maar Rusland heeft grote moeite met de Westerse oriëntatie van het land en steunt twee etnische minderheden binnen Georgië, de Abchaziërs en Osseten, in hun separatistische koers, ook met militaire middelen.

    Belaagd paradijs is een rijk geïllustreerde geschiedenis van Georgië in kort bestek. Het vertelt het verhaal van een fascinerend land, dat altijd een snijpunt van werelden is geweest - en nog steeds is.

  • 51 manieren om de liefde uit te stellen Nieuw

    Kan je iemand tevoorschijn schrijven die er niet is?

    In een bar in San Sebastián zwaait een vrouw naar een man. Zij is visagiste voor speelfilms en hij is een journalist die wil schrijven over het onafhankelijkheidsstreven van de Basken. Er ontspint zich een kortstondige maar hartstochtelijke verhouding, waarin hun taalprobleem van secundair belang blijkt. Na zijn terugreis zoekt hij haar in de films waar zij aan meewerkte en die hem telkens nieuwe verhalen vertellen.

    Erik Lindner brengt in deze krachtige maar subtiele roman een hommage aan een vrouw die achter de schermen werkt en haar leven aan de film heeft geschonken. Een vrouw die haar eigen schoonheid verbergt door de schoonheid van anderen te accentueren. '51 manieren om de liefde uit te stellen' is een kritische ode aan de cinema. Maar bovenal is het een geraffineerd vervlochten werk over de liefde, die een onverwacht lange adem heeft en maakt dat men de ander verstaat.

  • Uit het leven van een hond beslaat een zaterdag uit het leven van Henk van Doorn, 56, IC-verpleegkundige, alleenstaand. Hij wordt wakker, ontbijt, laat de hond uit, doet boodschappen. Het wordt allesbehalve een doodgewone zaterdag als Henks hond ziek blijkt. Het dier zal sterven, niet vandaag of morgen, maar binnen afzienbare tijd. Dat gegeven gaat als een sleepnet over de bodem van de dag en haalt de gebruikelijke gedachten boven: dat de tijd maar één richting kent; dat we zo kwetsbaar zijn; dat we zo eenzaam zijn, hoeveel liefde we ook vinden.

    Henk heeft het grote talent om uit een acuut besef van sterfelijkheid een krachtig carpe diem te putten: leef het leven ten volle. En dat maakt Uit het leven van een hond tot het tegenovergestelde van een verdrietig boek. Aan het eind van de dag zien we Henk, in helderziende dronkenschap, met zijn hond op de bank. Wat was dit voor een dag? Een reinigende ervaring? Een catharsis? Nee, het was simpelweg een dag, tijd die voorbijging, het leven dat werd geleefd.

  • Dit aangrijpende verhaal is een van Tolstojs meesterwerken en wordt vaak genoemd als het beste voorbeeld van een novelle. Een vooraanstaand rechter van het gerechtshof lijdt aan een mysterieuze ziekte en is ervan overtuigd dat hij hieraan zal sterven, al denkt zijn familie daar heel anders over. Zijn collega's zijn ondertussen vooral bezig met de voordelen die zijn dood zal brengen. Hij blikt terug op zijn jonge jaren en het verloop van zijn huwelijk; stap voor stap onderkent de man de leegte van zijn leven. Op zijn karakteristieke indringende wijze beschrijft Tolstoj hoe Ivan Iljitsj zieker en zieker wordt en hoe zijn omgeving hem nauwelijks serieus neemt.

  • Ooit begon Thomas Rosenboom met wandelen omdat hij niet binnen kon zitten zonder eerst buiten te zijn geweest. Nu maakt hij al jarenlang elke dag een wandeling door Amsterdam. Hij wandelt eerst naar het IJ, waar hij zich verwondert over de weidsheid van het water, en loopt dan, via de Prinsengracht, in een brede boog terug naar huis.
    Onderweg komt hij de vreemdste vogels tegen, zoals de naaktlezer, die geen mogelijkheid onbenut laat de argeloze voorbijganger zijn pindakaaskleurige huid te tonen, of de bellenvrouw, die met zalvende, zegenende gebaren haar zeepbellen oplaat in het midden van de Dam. Maar hij ziet ook allerlei echte vogels, van boomklevers tot tragische meerkoeten en zwanen, terwijl de mooiste vogels van de stad zich voor hem verborgen houden - maar die denkt hij dan toch uit de vogelgids te kennen.
    In zijn uiterst zorgvuldige stijl vertelt Rosenboom hoe wandelen met Amsterdam als decor hem heeft gevormd, als mens en als schrijver.

  • Konstantin Paustovski is als verhalenschrijver een meester in de traditie van de grote Russische klassieken als Tsjechov, Boenin en Toergenjev. De verhalen in 'De muziek van de herfst' vinden hun oorsprong in Paustovski's talloze omzwervingen en ontmoetingen met zeer uiteenlopend en boeiend volk. Het liefst schrijft hij over de eenvoudige en onbekende mensen die hij tegenkomt: ambachtslieden, herders, veerlui, boswachters, en over zijn grootste vrienden: de dorpskinderen. Altijd is zijn proza romantisch gestemd.

    De lezer volgt Paustovski door de diverse en weidse Russische landschappen, waartegen in steeds andere tinten en tonen de weemoed, de poëzie, de meeslependheid van het leven wordt beschreven.

    Paustovski lezen is Rusland leren kennen, maar in de prachtige vertaling van Wim Hartog is het evengoed een onderdompeling in de schoonheid van de Nederlandse taal.

    'De muziek van de herfst' bestaat voor het overgrote deel uit nooit eerder in het Nederlands verschenen verhalen.

  • Wanneer Arkadi Kirsanov op het landgoed van zijn vader komt logeren, samen met een studievriend, is dat het begin van een reeks botsingen en liefdesgeschiedenissen. Toergenjev laveert tussen dandy's en boeren, dienstmeiden en landheren, om te beschrijven waar vele anderen dikke romans voor nodig hadden: dat vroeger niet alles beter was, maar slechter evenmin.
    Toen Toergenjev bij de slotregels van Vaders en zonen belandde, moest hij het blad van zich af schuiven omdat anders zijn tranen de inkt meteen onleesbaar zouden maken. Het slothoofdstuk is niet alleen de ontroerendste maar ook beste passage uit dit onbetwiste meesterwerk, of misschien zelfs uit de Russische literatuur.

  • Adam en Charles Trask zijn verwikkeld in een broederstrijd zoals die van Kaïn en Abel in de Bijbel. Adams tweelingzoons, Aron en Caleb, zetten dezelfde strijd later in verhevigde vorm voort. Steen des aanstoots is de dunne scheidslijn tussen geliefd en onbemind zijn. Waar eerst Charles en daarna Caleb snakt naar de liefde van zijn vader, is het eerst Adam en later Aron die zich moeiteloos van die liefde weet te verzekeren.

    De Trasks delen de Salinasvallei in Californië met de familie Hamilton, en hun lot is aan dat van hen verbonden. Stukken van de vallei zijn vruchtbaar, maar de landerijen van de Hamiltons zijn dor en kaal. Ook de weelderige ranch van de Trasks is een bedrieglijke Hof van Eden: de akkers, boomgaarden en bloementuinen verwilderen en het oude huis brokkelt af tot een ruïne.

    Ten oosten van Eden is een typisch voorbeeld van een 'Great American Novel'. Een verhaal over goed en kwaad, dat zich uitstrekt van Californië tot Connecticut, over de lotgevallen van verschillende generaties handelt én een moderne hervertelling is van het Bijbelboek Genesis.

  • Goljadkin is een sociaal onhandige jonge man die zijn leven ziet ontsporen wanneer plotseling zijn exacte evenbeeld opduikt. Zijn dubbelganger werkt op hetzelfde departement als hij, maar blijkt veel beter te liggen bij de andere ambtenaren. Hoe sympathiek deze nieuwkomer aanvankelijk ook lijkt, Goljadkins zielsverwant is hij niet: door zijn obsessie en jaloezie stevent Goljadkin af op een totale mislukking.

    In De dubbelganger bundelt Dostojevski al zijn psychologisch vernuft, dat hem later zo beroemd en geliefd zou maken. Vladimir Nabokov prees dit verhaal als het beste wat Dostojevski ooit heeft geschreven: 'Het is een perfect kunstwerk.

  • Nikolaj Gogol werd wereldberoemd met zijn Petersburgse verhalen, alle opgedist met aanstekelijk vertelplezier en rijkelijk voorzien van zijn unieke kenmerk: oog voor volmaakt overbodige details, waarvan de liefhebber er niet één zou willen missen. De verhalen gaan over het leven achter de koude en elegante façades in de hoofdstad, over een neus die zijn eigen leven gaat leiden en over de dramatische gevolgen van het verliezen van een overjas. Als geen ander schetst Gogol een absurd portret van een stad vol hilarische maar melancholieke personages terwijl zijn verhalen tegelijkertijd aanzetten tot denken over de wereld om ons heen.

  • Ondergrondse notities bevat stukken uit de memoires van een bitter en geïsoleerd man. Vervreemd en afgezonderd van de maatschappij, houdt deze gepensioneerde ambtenaar een fel en cynisch relaas. In het eerste deel vertelt hij over zijn strijd met het bestaan, met het definiëren van zichzelf, menselijk gedrag en de denkwijzen in de wereld om zich heen. Vervolgens beschrijft de ondergrondse man zijn avonturen en perikelen in het dagelijks leven in Petersburg, gebeurtenissen die de man vervullen met triomf of hem in een diep dal storten.
    Dostojevski's tragikomische novelle kan gezien worden als het begin van de moderne roman. In deze nieuwe vertaling van Gerard Cruys komt het waanzinnige en filosofische pleidooi van de ondergrondse verteller naar voren als nooit tevoren.

  • 'In de geschiedenis', schreef Elias Canetti, 'wordt veel te weinig over dieren gesproken.'

    Historicus Guido van Hengel volgt de geursporen en geluiden van het turbulente verleden van Joegoslavië en stuit daar op de Duitse herders van de Nazibezetters, de poedels van de dictator Tito, een kudde Italiaanse muilezels en de wolvenmilities tijdens de oorlogen van de jaren negentig.

    In de eenentwintigste eeuw zijn het de talloze straathonden die Van Hengel rondleiden in steden als Sarajevo, Tuzla en Belgrado. Langs stoepen, op pleinen en in parken observeert hij - op kniehoogte - hoe de kapitalistische wildernis de samenlevingen van voormalig Joegoslavië heeft ontwricht.

    Roedel is een boek over het gedeelde lot van dieren en mensen in Europa. Het is tegelijkertijd een studie op straat, en hoe we ons daar vrij en veilig kunnen voelen - op twee voeten, en op vier.

  • In de bundel 'De laatste dag van de koning' maakt de lezer kennis met Sander Kollaard als schrijver van korte verhalen en essays. Hij heeft zich in korte tijd ontwikkeld tot een schrijver met een breed palet en een geheel eigen toon. De lezer van zijn met de Librisprijs 2020 bekroonde roman 'Uit het leven van een hond' herkent een aantal constanten in zijn werk: mededogen, ironie, een fascinatie voor de technische en wetenschappelijke kant van de wereld en een lichte, essayistische stijl.

    Van de wormen van Darwin via het spoor van de haas tot de stemmen van Pessoa: dit boek doet recht aan de veelzijdigheid van Sander Kollaard.

  • Over een periode van meer dan vijftig jaar wijdde Konstantin Paustovski zijn leven aan de literatuur. Na de vertalingen van zijn egodocumenten, kan de lezer nu kennis te maken met de kunst van Paustovski's korte verhalen. Van een sneeuwstorm bij een Frans observatorium in de Spaanse bergen tot aan de zonsondergang aan de warme Turkse kust; de verhalen van Paustovski voeren de lezer de wereld over, maar geven vooral inzicht in de menselijke natuur en de eigenaardigheden die daarbij horen.
    Na het succes van Goudzand en Verhaal van een leven volgt nu deze verzameling korte verhalen, vertaald en samengesteld door Wim Hartog.

  • Tijdens het regime van Katharina de Grote wordt de jonge Grinjov door zijn ouders ingeschreven voor het leger. Onderweg van Sint-Petersburg naar de kleine vesting waar hij gestationeerd wordt, raakt hij verdwaald in een sneeuwstorm. Langs de weg staat een vreemdeling, die hem uit de storm helpt en zo zijn leven redt. Uit dankbaarheid geeft Grinjov hem zijn pels, niet wetende dat dat het begin is van een avontuur vol intriges, liefde en verraad.
    Historische feiten en pure fictie zijn door Poesjkin met elkaar verweven tot een tijdloze vertelling. Zijn humor, levendigheid en scherp oog voor de menselijke natuur maken deze novelle tot een heus sleutelwerk van de Russische literatuur.

empty