Balans, Uitgeverij

  • Sinds Raynor en haar man Moth hun huis kwijtraakten en alleen met een rugzak en een tentje de bijna duizend kilometer aflegden van het South West Coast Path, en ze maanden lang leefden aan de wilde en winderige kustlijn van Engeland, voelen de kliffen, de lucht en de rotsachtige bodem aan als hun thuis. Moth had een terminale diagnose, maar tegen elke medische verwachting in lijkt hij in de natuur te zijn opgeleefd. Zo ontdekken Raynor en Moth op de ruige strook tussen land en zee dat alles mogelijk is.

    Als ze uiteindelijk terugkomen in de bewoonde wereld, blijkt een dak boven je hoofd nog geen thuis. De terugkeer naar een normaal bestaan blijft moeilijk - totdat een ongelooflijk gebaar van iemand die hun verhaal heeft gelezen alles anders maakt. De kans nieuw leven te blazen in een prachtige, oude boerderij diep in de heuvels van Cornwall en het door landbouw verarmde land stukje bij beetje terug te geven aan de natuur, wordt hun redding. Het wordt het nieuwe pad dat zij volgen.

    De wilde stilte is een verhaal van hoop, en van een levenslange liefde die sterker is dan al het andere. Het is een even helder als fijnzinnig verhaal over de instinctieve verbinding tussen onze ziel en de natuur, en hoe belangrijk die is voor ons allemaal.

    Raynor Winn (1963) debuteerde overwel digend met Het zoutpad, dat uitgroeide tot een internationale bestseller. Zij woont en werkt in Cornwall.

  • Wie was Spinoza? Wie was deze moedige zeventiende-eeuwse
    figuur, deze geniale filosoof die met zijn geschriften de wereld
    veranderde, maar op zijn 23ste in de ban werd gedaan door de hele
    joodse gemeenschap van Amsterdam, inclusief zijn eigen familie?
    Hoe zag zijn innerlijk leven eruit? En: wat was drie eeuwen later
    precies de fascinatie van de nazi's met Spinoza? Waarom roofden
    ze zijn bibliotheek leeg, maar verbrandden ze zijn boeken niet?
    Deze vragen hielden de psychiater en romancier Irvin D. Yalom
    een half leven bezig. In zijn briljante nieuwe roman, Het raadsel
    Spinoza, maakt hij niet alleen de filosoof tot mens, maar onthult hij
    ook de ware toedracht rond het 'Spinozaprobleem' van de nazi's.
    'Ik koester al heel lang een grote fascinatie voor Spinoza, en wilde al
    jaren over hem schrijven. Maar van wat hem bewoog is maar weinig
    bekend. Hij hield zijn eigen persoon totaal buiten zijn geschriften. Hoe
    schrijf je een boek over iemand die zo'n teruggetrokken leven leidde?
    Jarenlang kon ik geen kant op, omdat ik eenvoudig geen verhaal kon
    vinden, iets waar een roman nu eenmaal niet zonder kan. Totdat daar
    dankzij een bezoek aan Nederland verandering in kwam. Kort na mijn
    bezoek aan het Spinoza-museum in Rijnsburg begon ik te schrijven.'
    - Irvin D. Yalom

  • De Chinese wereldorde komt eraan. In oktober 2017 stippelde president Xi de route uit: als in 2049 de Volksrepubliek zijn honderdste verjaardag viert, moet zijn 'Chinese droom' zijn uitgekomen: China is dan de leider van de wereld.

    In een fascinerend betoog vol persoonlijke ervaringen betoogt Rob de Wijk dat dit gaat lukken. Als China het mondiale machtsspel behendig speelt en koploper wordt van de nieuwe industriële revolutie van Internet of Things, nanotechnologie en Artificial Intelligence, zal het de wereldorde gaan bepalen.

    Geholpen door de financiële crisis van 2008, president Trumps protectionisme, de ontregelende politiek van Poetin, de strijd om de brexit en opkomend nationalisme in Europa wordt de eenentwintigste eeuw de eeuw van China. Daardoor gaat de westerse wereldorde met zijn vrijmarkteconomie, internationaal recht, internationale instituties, democratie, mensenrechten en burgerlijke vrijheden op de schop. Hoe dit tij te keren, wordt het belangrijkste vraagstuk van onze tijd.

    Rob de Wijk is hoogleraar internationale betrekkingen aan de Universiteit Leiden en oprichter van het Den Haag Centrum voor Strategische Studies. Hij houdt zich bezig met geopolitiek en internationale veiligheid. Hij publiceerde talloze boeken en artikelen, is een veelgevraagd commentator voor radio en tv, columnist voor Trouw en medepresentator van Boekestijn en De Wijk op BNR-radio.

  • Een van de meesterwerken van de twintigste eeuw - een breed opgezet epos over de Russische Tweede Wereldoorlog, naar het voorbeeld van Tolstojs Oorlog en vrede - nu voor het eerst in het Nederlands vertaald.
    Leven & lot, het inmiddels klassiek geworden meesterwerk van Vasili Grossman (1905-1964), is zelfs in de bewogen geschiedenis van de Sovjetcensuur een uitzonderlijk geval. Het boek staat bekend als roman die werd 'gearresteerd', terwijl de auteur ongemoeid werd gelaten.
    In februari 1961, drie maanden nadat Grossman zijn boek had voorgelegd aan de redactie van het tijdschrift Znamja, verschenen er twee agenten van de KGB aan zijn deur met een huiszoekingsbevel. Vadim Kozjevnikov, de tijdschriftredacteur die had toegezegd Leven & lot in afleveringen te publiceren, was zo geschrokken van wat hij onder ogen kreeg dat hij het manuscript, zonder de auteur op de hoogte te stellen, had doorgestuurd naar de veiligheidsdienst.
    Het appartement van de schrijver werd grondig doorzocht en alles wat verband hield met de roman werd in beslag genomen: alle uitgetypte exemplaren, het oorspronkelijke manuscript, de kladversies en de aantekeningen voor het boek. Vervolgens werd Grossman beleefd verzocht de veiligheidsagenten te begeleiden naar de adressen waar zich afschriften bevonden - bij zijn typiste werden behalve haar exemplaar ook het carbonpapier en het typelint dat ze had gebruikt geconfisqueerd - waarna hij weer netjes thuis werd afgezet. De Sovjetstaat had geleerd van de ontluisterende affaire rond Boris Pasternak, wiens Dokter Zjivago triomfen vierde na de publicatie in het buitenland: ze deed er alles aan om Leven & lot op een geruisloze,
    onberispelijke manier te laten verdwijnen.
    In de resterende jaren van zijn leven werd Grossman niet vervolgd, en zelfs niet uit de Schrijversbond gezet, maar vakkundig gemarginaliseerd en doodgezwegen.
    'Ze hebben me gewurgd in mijn eigen portiek,' zei hij zelf, kort voordat hij in 1964 aan maagkanker overleed.
    Het zou nog bijna twintig jaar duren tot een door Grossmans vriend Semjon Lipkin bewaard exemplaar
    van het boek naar Zwitserland werd gesmokkeld, waar de roman in 1980 voor het eerst verscheen.
    Wat maakte dit boek zo gevaarlijk in de ogen van de autoriteiten?
    Het is onbetwist dat Leven & lot tot de vernietigendste anti-Sovjetromans ooit behoort, samen met Michail Boelgakovs De meester en Margarita en Aleksandr Solzjenitsyns Goelagarchipel. Als het boek in 1960 was gepubliceerd, schreef criticus Igor Zolotoesski, 'had het onze ideeën over het tijdperk en de oorlog decennia vooruit geholpen.' De 'Grote Vaderlandse Oorlog' en de slag bij Stalingrad waren de laatste onaantastbare symbolen van het morele gelijk van de communistische Sovjetstaat tegenover het fascistische Duitsland. Het was ondenkbaar dat juist een roman over deze periode de gelijkenis tussen beide totalitaire staten zou demonstreren, en de futiliteit van ieder vooruitgangsgeloof.
    Maar zoals voor alle literatuur geldt: de kracht van het boek schuilt niet zozeer in de boodschap ervan, als wel in de dwingende, hoogsteigen manier waarop die wordt gebracht. Het is niet voor niets dat zelfs Joseph Brodsky, die uiterst kritisch was over het twintigste-eeuwse Russische proza - dat hij tam en conventioneel vond, verlamd door de tragedies van de tijd waarin het werd geschreven - Vasili Grossman noemt als de auteur van één van 'de paar geïsoleerde boeken die in hun hartbrekende eerlijkheid of excentriciteit in de buurt komen van meesterwerken'.
    Leven & lot is een breed opgezet epos over de Russische Tweede Wereldoorlog, naar het voorbeeld van Tolstojs Oorlog en vrede. Er zijn allerlei parallellen tussen beide romans aan te wijzen: zoals bij Tolstoj de Bolkonski's en de Rostovs centraal staan, zo ordent Grossman zijn
    overweldigende hoeveelheid personages en verhalen rond de families Sjaposjnikov en Strum. Waar Tolstoj historische figuren als Napoleon en generaal Koetoezov laat optreden, voert Grossman niet alleen beroemde Russische generaals op, maar ook Eichmann en Stalin zelf. Net als Tolstoj wisselt Grossman episodes aan het front af met scènes uit het burgerleven in Kazan, Moskou en de Kalmukse steppe. En ook bij Grossman vindt de lezer de geschiedfilosofische overpeinzingen waar Tolstoj zich aan overgaf, zij het dat ze hier korter, zwarter en eerder ontgoocheld dan drammerig van toon zijn.
    'Geconfronteerd met de ergste verschrikkingen van de twintigste eeuw, koos Grossman een negentiendeeeuwse positie als waarnemingspost,' schrijft de Engelse criticus John Lanchester.
    Maar weinig mensen hebben die verschrikkingen van zo nabij meegemaakt: Grossmans vrouw werd opgepakt door de geheime politie. Zijn moeder was een van de slachtoffers van de massamoord op de Joden van Oekraïne. Zijn vijftienjarige stiefzoon kwam vlak na zijn rekrutering om bij een ongeluk. En als oorlogscorrespondent was Grossman niet alleen getuige van de meedogenloze gevechten aan het Oostfront, waaronder de slag om Stalingrad, maar was hij bovendien een van de eerste journalisten die de concentratiekampen Majdanek en Treblinka zag - en op onvergetelijke wijze beschreef.
    Wat Leven & lot een uitzonderlijk boek maakt is niet de panoramische reikwijdte ervan, al is die enorm. Het is eerder de levendige scherpte van de vele afzonderlijke verhalen waaruit het boek is opgebouwd, die herinneringen oproepen aan de korte verhalen van Tsjechov. Grossmans blik is die van een hartgrondige scepticus, die in geen enkele ideologie meer gelooft, maar elk van zijn ongelukkige, kleinzielige, hopeloos in het leven verstrikte personages het voordeel van de
    twijfel geeft.
    En zo leeft de lezer mee met Mostovskoj, de bejaarde bolsjewiek van het eerste uur die in Duitse krijgsgevangenschap even hard vasthoudt aan zijn onbuigzame overtuigingen als aan zijn leven; met Ljoedmila, de vitterige echtgenote van hoofdpersoon Viktor Strum, die nadat haar zoon gestorven is haar man, dochter en moeder verwaarloost; en met Nikolaj Krymov, de doorgewinterde partijfunctionaris die de hypocrisie en de terreur van de partij pas begint te doorzien als hij er zelf het slachtoffer van wordt.
    Grossman schrijft meesterlijk over het leven van gewone, bange, onvergetelijke mensen die door de staat en hun tijd - het 'lot' - verleid worden tot allerlei kleine, banale vormen van verraad. De ironie van het lot wilde dat eenzelfde door angst ingegeven daad van verraad zijn meesterwerk bijna voorgoed had doen verdwijnen.

  • De wintertuin

    Jan Konst

    De twintigste eeuw was lang en verliep in Duitsland uitgesproken turbulent. Oorlogen, revoluties, crises en dictaturen wisselden elkaar af. Mensen vervielen in diepe armoede, raakten moreel gecorrumpeerd, of kwamen zomaar en zinloos om het leven.
    De Saksische Hilde Grunewald, dochter van een gymnasiumleraar, zag alles: ze werd op een haar na honderd jaar oud. Geboren in de Keizertijd, gevormd door de Eerste Wereldoorlog, de Weimar-republiek, de nazidictatuur, de Tweede Wereldoorlog, het ddr-tijdperk en de val van de Muur in 1989. Zelfs het eerste decennium van het herenigde Duitsland maakte Hilde nog mee.
    Haar lot, en dat van haar ouders, kinderen en kleinkinderen, weerspiegelt de Duitse geschiedenis. Van landarbeiders en dagloners klommen ze op tot fabrieksdirecteur, slotvoogdes en bankmanager. Maar algauw bevonden ze zich als soldaat op de slagvelden, in de vuurzee van het bombardement op Dresden, in een voor de helft geconfisqueerd appartement in het communistische Oost-Duitsland. En uiteindelijk tussen de feestende menigte aan de Brandenburger Tor toen Berlijn opnieuw één stad werd.

    Jan Konst woont en werkt al meer dan twintig jaar in Berlijn. Hij is literatuurwetenschapper en hoogleraar Nederlandse literatuur aan de Freie Universität Berlin. De wintertuin is na Nederlandse en Vlaamse schrijvers over Berlijn en Louis Ferron en het Derde Rijk zijn derde boek over Duitsland.

  • Het verstoorde leven, dagboek van Etty Hillesum, was toen het in 1981voor het eerst verscheen, direct een sensatie. De overweldigende aandacht voor wat Hillesum in de jaren 1941 en 1942 schreef, gaf het boek vleugels. Kunstenaars, musici, scenarioschrijvers, en theatermakers lieten zich door haar werk inspireren. Het werd over de hele wereld vertaald en gelezen, en bracht een stroom reacties op gang die voortduurt tot op de dag van vandaag. Waarom? Etty Hillesum wordt herkend als een vrouw die het barbarendom het hoofd bood, zonder zelf in wanhoop en haat ten onder te gaan. Ten onder gaan dééd ze, op 30 november 1943, in Auschwitz. Maar de stem die klinkt uit haar dagboeken, de liefde, haar onverwoestbaar geloof in de menselijke mogelijkheden, haar intens beleden en beleefde vriendschappen, en haar intelligente en sensitieve geest hebben veertig, vijftig, zestig jaar later honderdduizenden lezers bereikt. Het is te danken aan Hillesums literaire begaafdheid dat haar dagboeken en brieven moeiteloos de tijden weten te doorstaan.

  • Ze was een de eerste vrouwelijke dirigenten van Nederland. Ze trad op in het Concertgebouw met een eigen kamerorkest, maar haar carrière werd getorpedeerd door de oorlog. Toen de nazi's binnenvielen, ontbond ze haar orkest en werd ze, hoewel van joodse afkomst, actief in het verzet: ze was een van de drijvende krachten achter de aanslag op het Amsterdamse bevolkingsregister in 1943. Na de oorlog vertrok ze, volkomen ontgoocheld, aan boord van het passagiersschip Queen Mary naar Amerika, om nooit meer in Nederland terug te keren.

    'Ik ben vijftig jaar te vroeg geboren,' zou ze vlak voor haar dood verklaren. Het is een intrigerende zin. Zou de vrouw die in haar jonge jaren door een gezaghebbend muziekrecensent werd getypeerd als 'een dirigente die op weg is om een gewichtige factor in de Nederlandse muziekcultuur te worden', in deze tijd wereldwijde faam hebben verworven?

    Hoe het zij, de prachtige carrière die ze in de Verenigde Staten had, is in Nederland onopgemerkt gebleven. Maar in dit boek wordt Frieda Belinfante (1904-1995), celliste, dirigente, verzetsvrouw en lesbienne avant la lettre, eindelijk uit de schaduw getrokken en in het volle licht geplaatst. En terecht, want een ding staat vast: ze behoort tot de groten van Nederland.

  • In zijn nieuwste boek, de climax van zijn
    levenswerk, snijdt Irvin D. Yalom de
    kwesties aan van sterfelijkheid en dood. Op
    buitengewoon inspirerende en
    bemoedigende wijze legt hij uit hoe we iets
    wat voor ons allemaal even finaal als
    onvermijdelijk is kunnen leren begrijpen en
    accepteren.

    Yalom laat zien hoe een bewustwordingservaring
    als een droom, een verlies (ontslag,
    scheiding, een gedwongen verhuizing), een
    traumatische ervaring (een natuurramp, een
    ongeluk), de dood van een dierbare, ziekte,
    of gewoon de naderende ouderdom, een
    keerpunt kan zijn op weg naar een zinvoller
    leven. Als mensen er tenminste de inspiratie
    aan ontlenen om hun prioriteiten te
    verleggen, zich minder zorgen te maken
    over onbelangrijke zaken, op te houden met
    dingen doen die ze niet willen doen,
    oprechter te communiceren met degenen
    van wie ze houden, de schoonheid van het
    leven bewuster te ervaren, en bereid te zijn
    meer risico's te nemen voor een
    bevredigender en liefdevoller leven.

    In dit boek behandelt Yalom specifieke
    methoden en technieken om met de meest
    voorkomende vormen van doodsangst om
    te gaan. Hij geeft adviezen over hoe je kunt
    leren in het hier en nu te leven en te beseffen
    dat de invloed die wij allemaal op anderen
    hebben ook na ons eigen leven blijft
    voortbestaan.

    Een even
    diepzinnig als
    inspirerend
    boek over het
    overwinnen van
    de universele
    angst voor de
    dood.

  • Topwielrenner Guillaume Martin werd in 2019 twaalfde in de Tour de France. En hij is filosoof. Die combinatie vinden mensen soms moeilijk te begrijpen. Om af te rekenen met vooroordelen en duidelijk te maken dat er geen enkele reden is om onderscheid te maken tussen het hoofd en de rest van het lichaam, neemt Martin ons in zijn boek mee achter de schermen van de wereld van het topwielrennen - én zet hij ons aan het denken.

    'We moeten doen als een denker en denken als een doener,' zei Bergson al. Hoe zouden Socrates, Aristoteles, Nietzsche en consorten het aanpakken als ze aan de start stonden van de Tour de France? Zou de intelligentie van deze merkwaardige sporters, deze 'wielosofen', voldoende zijn om de zo felbegeerde gele trui te veroveren? Op de fiets, zo wordt al snel duidelijk, verandert ons besef van tijd en ruimte en neemt contemplatie andere wegen dan we gewend zijn. Zo kan het gebeuren dat Heidegger in een greppel terechtkomt, Socrates de kop van het peloton overneemt en Sartre de Franse ploeg coacht. Een ding is duidelijk: fysieke topprestaties hoeven niet in strijd te zijn met intellectuele activiteiten.

    Socrates op de fiets is even speels als onderhoudend, een betoog vol diepzinnige gedachten en een enerverend wielerboek in een.

  • Na de inspannende arbeid aan een boek over
    de beeldhouwer Rodin reist de Duitse dichter
    Rilke in 1903 naar Italië, vanwaar hij met
    vele mensen correspondeert. Onder hen bevindt
    zich een leerling van de militaire academie
    Wiener-Neustadt, Franz Xaver Kappus,
    die Rilke een paar gedichten ter beoordeling
    stuurt. Hieruit ontwikkelt zich een briefwisseling
    die (zonder het aandeel van Kappus)
    in 1929 na Rilkes dood wordt gepubliceerd
    en onder de titel Briefe an einen jungen dichter
    een van de populairste werken van Rilke
    wordt.
    In een tijdspanne van vijf jaar legt Kappus
    hem de meest uiteenlopende problemen
    voor. Uit Rilkes antwoorden is zijn visie op
    een groot aantal aspecten van het leven te
    distilleren. Deze opvattingen van Rilke zullen
    ook nu nog velen aanspreken, bijvoorbeeld
    zijn hoop dat de tegenstellingen tussen man
    en vrouw zullen worden opgeheven.

  • De therapeut

    Irvin D. Yalom

    Na zich jarenlang te hebben verdiept in het innerlijk leven van zijn cliënten, verlegt vooraanstaand psychiater Irvin D. Yalom in zijn roman De therapeut zijn aandacht naar de andere kant van de therapeutische relatie: die van de therapeut zelf. Zoals Seymour, een al wat oudere therapeut die seksuele fatsoensnormen op geheel eigen wijze interpreteert. Of Marshal die, achtervolgd door dwangneuroses, geld een wat ongelukkige rol laat spelen. Of Ernest Lash die bij wijze van experiment echt 'eerlijk' wordt met een patiënt... Zij en andere therapeuten gaan met elkaar en een aantal hoogst eigenzinnige patiënten relaties aan die in deze meeslepende roman tot een onverwachte, bijna thrillerachtige ontknoping komen.

  • De kolonieman

    Angelie Sens

    Begin negentiende eeuw is Napoleon verslagen en het prille Koninkrijk der Nederlanden moet opnieuw zijn plaats in de wereld vinden. Johannes van den Bosch speelt hierin een cruciale rol. In zijn ruim 45-jarige carrière wendt de visionaire militair, bestuurder, econoom en staatsman op doortastende wijze zijn geestelijke veerkracht en talenten aan bij de opbouw van het Nederlandse imperium onder de nieuwe koning Willem I.

    Van den Bosch' in 1818 opgerichte Maatschappij van Weldadigheid heeft bij vele generaties Nederlanders sporen nagelaten die nog altijd doorklinken. Maar hij heeft ook grote daadkracht laten zien in die ándere koloniën: de (bijna-)afschaffing van de slavernij in Suriname en de invoering van het Kultuurstelsel in de Indonesische archipel zijn hier de meest pregnante voorbeelden van. De rode draad in zijn denken en handelen was de economische en sociale verheffing van zowel de armen in Nederland en de boeren in de Javaanse desa's als de slaven op Surinaamse plantages. Daardoor was hij niet onomstreden. Door sommigen beschouwd als utopisch socialist en wegbereider van de moderne verzorgingsstaat, door anderen als een puur pragmatische Macher, ja zelfs een schurk.

    In deze fascinerende biografie schetst Angelie Sens een schitterend beeld van een tijdperk op een kantelpunt naar de moderne samenleving.

    Angelie Sens is cultuur- en pershistoricus. Ze was onder andere directeur van het Persmuseum en onderzoeker aan het IISG. Eerder schreef ze 'Mens-aap, heiden, slaaf'. Nederlandse visies op de wereld rond 1800. Samen met onder anderen Ulbe Bosma publiceerde ze Journalistiek in de tropen.

  • In dit uiterst toegankelijke en verhelderende boek laat de Franse bestsellerauteur Frédéric Lenoir zien welke verrassende levenslessen er te trekken zijn uit het uitzonderlijke leven en denken van de zeventiende-eeuwse filosoof Spinoza. Spinoza was niet alleen een revolutionair denker, maar bovenal een filosoof van de levenskunst en de blijheid. Zijn filosofie kan ons helpen betekenis te vinden in het leven - misschien zelfs geluk.

    Spinoza wijdde zijn hele leven aan de filosofie. Vanwege zijn radicale ideeën, waarin hij de bestaande opvattingen over God en moraal op zijn kop zette, wordt hij vaak gezien als voorloper van de Verlichting en moderne democratieën. Maar zijn belangrijkste missie was waarschijnlijk toch het ontdekken van het ware goede, om een manier van leven te vinden die leidt tot 'een eeuwige en volmaakte blijdschap'.

    Dat geluk, stelt Spinoza, vinden we niet door te streven naar roem of bezit, maar door op een eenvoudige manier te leven, op basis van eerlijkheid, lankmoedigheid en matiging. De rede en onze levenservaringen kunnen ons daarbij helpen. Lenoir laat overtuigend en op uiterst boeiende wijze zien dat deze inzichten van Spinoza tijdloos zijn en nog altijd toepasbaar. Dat is het 'wonder' Spinoza.

    Frédéric Lenoir (1962), filosoof, socioloog en godsdiensthistoricus, schreef verschillende internationale bestsellers. In het Nederlandse taalgebied brak hij door met zijn Handleiding voor een evenwichtig feest en een kalm gemoed, God? en De wereldziel.

  • Over hoogbegaafde kinderen is het nodige bekend. Er is literatuur over de problemen die zij ervaren, er is psychologische hulp en er bestaan speciale programma's op scholen. Maar hoe zit het met hoogbegaafde volwassenen? Zij hebben als kind nooit een diagnose gekregen, omdat die vroeger niet bestond. Sommigen vermoeden, of weten pas sinds kort, dat hun psychische of sociale problemen zijn terug te voeren op hoogbegaafdheid.

    Een hoge intelligentie is prachtig. Maar bij hoogbegaafdheid hangt dat samen met een grote gevoeligheid. Daardoor kun je voortdurend ervaren dat je anders bent dan anderen, dat je er niet bij hoort, dat je nooit echt op je plaats bent. Hoe kom je er als volwassene achter dat je hoogbegaafd bent? En als dat het geval is, hoe kun je dan je leven beter inrichten? En hoe benut je vervolgens je mogelijkheden?

    In dit boek geeft expert Jeanne Siaud-Facchin een helder antwoord op al die vragen. Aan de hand van vele herkenbare voorbeelden beschrijft ze hoe je ook als volwassene je eigen persoonlijkheid beter kunt begrijpen, en zo van een hindermacht een superkracht kunt maken.

    Jeanne Siaud-Facchin is specialist op het gebied van hoogbegaafdheid. Eerder publiceerde zij de bestseller Het hoogbegaafde kind, dat uitgroeide tot hét naslagwerk op dit gebied. Van Te intelligent om gelukkig te zijn? werden meer dan 300.000 exemplaren verkocht.

  • Nederland is gidsland in meer dan kaas en tulpen. Er is een fascinerende schaduweconomie ontstaan die geleid wordt door mensen die zich onaantastbaar wanen. Drugsmiljarden vernevelen ergens in de schemer tussen onder- en bovenwereld, kwetsbare jongeren worden geronseld voor hand- en spandiensten en grof geweld is altijd dichtbij. Autoriteiten ontbreekt het aan macht en uithoudingsvermogen.

    Wat sommigen ook beweren, we kennen in Nederland geen war on drugs en die moet hier ook niet ontstaan. Tops en Tromp proberen de discussie buiten de sfeer van stammenstrijd te trekken. Ze betogen dat het verdienmodel van de drugscriminelen in Nederland kapot moet worden gemaakt. Tegelijk moet de nationale overheid zich voorbereiden op gecontroleerde vormen van legalisering van drugs.

    Pieter Tops is bestuurskundige. Hij is lector aan de Politieacademie en bijzonder hoogleraar aan de Universiteit Leiden (Campus Den Haag).
    Jan Tromp is journalist. Hij was onder meer adjunct-hoofdredacteur van de Volkskrant. Tops en Tromp schreven eerder de bestseller De achterkant van Nederland over de verstrengeling tussen onder- en bovenwereld.

  • Op de dag dat de vooraanstaande psychiater Julius Hertzfeld te horen krijgt dat hem waarschijnlijk nog maar één jaar te leven rest, begint hij met een onderzoek naar de betekenis van zijn leven. Hij zoekt na meer dan twintig jaar contact met Philip, een aantrekkelijke, arrogante, con tact gestoorde, seksverslaafde man, die drie jaar bij hem in therapie zat zonder enig resultaat. Philip blijkt tot Julius grote verbazing gepromoveerd te zijn in de filosofie en een opleiding te volgen tot therapeut. Julius biedt zich aan als supervisor met als voorwaarde dat Philip aan zijn therapiegroep zal deelnemen.
    Een van de leden van deze therapiegroep, Pam, blijkt slachtoffer van Philip te zijn geweest en is nooit over deze traumatische ervaring heen gekomen. Terwijl de groepsleden proberen om te gaan met deze ontvlambare situatie en het einde van Julius laatste jaar schrikbarend dichtbij komt, stijgt de therapie tot een ongekend hoog niveau met buitengewone veranderingen bij elk groepslid als gevolg.
    Yalom verweeft deze geschiedenis met het verhaal over het leven en werk van de filosoof Arthur Schopenhauer Philips goeroe, alter ego en inspirator met fascinerende lessen over Schopenhauers invloed op de hedendaagse filosofie tot een indrukwekkende, uiterst leesbare roman.


  • De Eerste Wereldoorlog was een wereldbrand die in nevelen gehuld blijft. Die vaststelling komt ironisch genoeg van John Keegan zelf, de historicus die er volgens velen tot dusver het beste in is geslaagd de krankzinnige strijd tussen de naties van toen inzichtelijk te maken. Keegan, vermaard vanwege zijn superieure militair-historische werk, concentreert zich in dit boek met name op het grootste mysterie van het drama: de koppige voortzetting van de loopgravenoorlog. Wat hield de verschillende landen en hun legers gaande? Waarom was de legerleiding niet vindingrijker in wat achteraf moet worden aangemerkt als een half criminele onderneming? Terwijl hij ingaat op deze en vele andere vragen geeft Keegan een genuanceerde en onovertroffen beschrijving van de verschrikkingen aan het front.

  • In zo'n 100 tips voor succesvolle therapeutische behandelingen ontfermt de befaamde psychiater Irvin Yalom zich over zijn cliënten met een hartverwarmende compassie en ongeëvenaarde deskundigheid.
    Yalom bevestigt in dit boek zijn talent als mentor voor therapeutische hulpverleners en als leidsman voor de medemens in zijn geestelijke nood.

  • Verloren adel

    Douglas Smith

    Het is een verhaal met epische allure, en een hartverscheurend menselijk drama tegelijk. Verloren adel is het eerste boek over de vergeten geschiedenis van de verliezers van de Russische Revolutie: de aristocratie. Overvallen door de bolsjewieken werden de `uitgerangeerde mensen meegesleurd in de schepping van het nieuwe Rusland, het Rusland van Stalin. Hun geschiedenis is er een van geplunderde paleizen en brandende landgoederen, van wanhopige vluchtpogingen in het holst van de nacht, van gevangenschap, verbanning en executies. Het is het verhaal van een eeuwenoude elite die bruut werd onteigend en uitgeroeid, samen met de rest van het oude Rusland.

    Toch is Verloren adel ook een verhaal van aanpassen en overleven. Velen uit de voormalige tsaristische bovenlaag worstelden zich door het verlies van hun wereld en de daaropvolgende jaren van onderdrukking heen en probeerden in de nieuwe, vijandige orde van de Sovjet-Unie een plaats voor henzelf en hun gezin te bemachtigen. Aan de hand van het lot van twee vooraanstaande aristocratische families de Sjeremetjevs en de Golitsyns laat Smith zien hoe zelfs tijdens de donkerste dagen van terreur het dagelijks leven gewoon doorging.

    Verloren adel is geschreven met veel inlevingsvermogen en gevoel voor nuance. Het is niet alleen een dramatisch portret van de eens zo rijke en machtige aristocratische bovenlaag, maar ook een meeslepende geschiedenis van Rusland in de eerste helft van de twintigste eeuw.

  • Het Westen is op zijn retour. De Angelsaksische wereld trekt zich terug in fantasieën over de eigen verloren grandeur. Populisten in heel Europa roepen om het hardst dat immigratie en globalisering het werk zijn van een verfoeilijk Systeem, dat wordt gerund door onzichtbare mensen zonder nationale loyaliteit. Vanuit het Kremlin kijkt tsaar Poetin handenwrijvend toe, de Baltische staten huiveren - en iedereen kijkt naar Berlijn. Maar zijn de Duitsers werkelijk 'wij', of uiteindelijk toch 'zij'? Deze vraag heeft hun buren in Europa beziggehouden sinds Julius Caesar in 58 voor Christus het begrip Germani muntte.

    Hoe Romeins is Germania ooit geworden? Hebben de Duitsers de Romeinse cultuur verwoest of overgenomen? Wanneer trokken ze voor het eerst naar het oosten, en hebben ze daar ooit werkelijk geheerst? Hoe kon Duitsland eeuwenlang een machtsvacuüm blijven in het hart van Europa? Hoe is Pruisen ontstaan? Heeft Bismarck Duitsland verenigd of veroverd? Waar liggen de wortels van Hitlers Derde Rijk? Waarom ging dat ten onder en door welk wonder verrees uit de puinhopen een beter Duitsland? Is Duitsland het laatste Westerse bastion van industriële welvaart en realpolitik? Of zijn de EU en de euro niet meer dan uitingen van een nieuwe Duitse hegemonie?

    In deze frisse, verhelderende, bondige geschiedenis geeft germanist James Hawes een loepzuiver inzicht in het meest bewonderde en gevreesde land van Europa.

  • De invasie

    Alex Kershaw

    In de vroege duisternis van 6 juni 1944, dit jaar precies 75 jaar geleden, begon D-day: de grootste invasie van onze geschiedenis. In zijn verbijsterende epos De invasie volgt de bekende militair historicus Alex Kershaw de lotgevallen van de mannen die de eerste - en gevaarlijkste - missies moesten uitvoeren om deze historische operatie tot een goed einde te brengen. Zij bepaalden het lot van Hitlers Fort Europa, en daarmee de geschiedenis van de twintigste eeuw.
    Met grote kennis van zaken beschrijft Kershaw de onvergetelijke ervaringen van de eerste Amerikaanse parachutist die in Normandië landde. De Britse piloot van een zweefvliegtuig, die constant luchtafweergeschut trotseerde om uiteindelijk vlak naast de vitale Pegasus Brug te crashen. Twee Canadese broers, die hun troepen Juno Beach op leidden, onder vernietigend vuur. Een Franse commando, die vanuit Engeland terugkeerde naar zijn vaderland en tot het uiterste vocht om de Duitse stellingen uit te schakelen.
    Het resultaat is een epos over van-man-tot-mangevechten, moed, volharding en uitzonderlijke heroïek, gebaseerd op Kershaws intieme kennis van het slagveld van Normandië en zijn diepe vriendschappen met overlevenden van D-day. Dat levert, 75 jaar later, een verrassend nieuwe kijk op de langste dag van de Tweede Wereldoorlog.

    Alex Kershaw (1966) is journalist en schrijver van vele bestsellers over de Tweede Wereldoorlog. Hij werd geboren in Groot-Brittannië, studeerde in Oxford en woont tegenwoordig in de Verenigde Staten.

  • De grote bedrijven boeken recordwinsten en de inkomens aan de top zijn vaak extreem. Aan de onderkant daarentegen neemt de koopkracht nauwelijks toe en groeit de onvrede. Het kortetermijndenken lijkt te regeren, terwijl grote problemen onopgelost blijven, het klimaat en de bestaansonzekerheid voorop. Hoe dat tij te keren?

    In een spannende briefwisseling discussiëren twee maatschappelijke sleutelfiguren in Nederland over urgente oplossingen. Kees van Lede speelde decennialang een hoofdrol in het internationale deel van het Nederlandse bedrijfsleven. De dertig jaar jongere Joris Luyendijk, die zich als schrijver en journalist regelmatig kritisch uitliet over overheid, media en bankwezen, dient hem van repliek. Zij stellen de cruciale vraag: zijn nu niet de liberalen aan de beurt om een stap terug te doen?
    />
    Scherpzinnige brieven over het bedrijfsleven, de bonusgekte, Brexit en de media, over macht, moraal en nieuwe wegen naar een eerlijker samenleving. Pessimisme is voor losers is een bij vlagen verontrustend, maar ten slotte toch optimistisch boek, waarin de ervaringen en visies van Van Lede en Luyendijk elkaar aanvullen en de lezer inspireren.

    Kees van Lede (1942) was onder meer bestuursvoorzitter van chemieconcern AkzoNobel, voorzitter van het werkgeversverbond VNO en president-commissaris van De Nederlandsche Bank.

    Joris Luyendijk (1971) is auteur van onder andere Een goede man slaat soms zijn vrouw, Dit kan niet waar zijn en Het zijn net mensen, de laatste twee zijn beide bekroond met de NS
    Publieksprijs.

  • De Ardennen

    Hans Olink

    Julius Caesar zag de Ardennen als een 'geheimzinnig, donker woud vol verschrikkingen, met modderige paden, gehuld in een eeuwige uit kleine moerassen opstijgende nevel'. Ergens is dat beeld blijven hangen: de meesten zien de Ardennen nog steeds als bosrijke, regenachtige tussenstop op weg naar de camping in Frankrijk. Maar dat is een misvatting.

    De Ardennen vormen een fascinerend kruispunt van vele culturen, verklaart schrijver Hans Olink. Hij woont er al meer dan een kwart eeuw een deel van zijn tijd en raakte in die jaren steeds meer gefascineerd door de bewoners, de natuur en de cultuur van de regio. Hij raakte bevriend met zijn eigenzinnige buurman en volgde het spoor van historische voorwerpen die hij in zijn oude boerderij aantrof. Langzaam begon hij zo steeds dieper door te dringen tot de onmetelijke rijkdom van deze streek.

    In dit meeslepende boek laat hij de lezer delen in de geheimen van dit onbekende grensland tussen België, Duitsland en Frankrijk, vlak om de hoek. Van kunstenaars en schrijvers tot het Ardennenoffensief, van oude steden en dorpen tot waterrijke bronnen, van eindeloze dennenbossen tot hip Belgisch bier: wie eenmaal de Ardennen kent, zal er altijd terug blijven keren.

    Hans Olink (1949) is schrijver en documentairemaker. Hij publiceerde onder meer de zeer goed ontvangen biografi e van A. den Doolaard.

  • Ginny Elkin, een jonge, getalenteerde schrijfster die wordt geplaagd
    door angsten, is al door verschillende psychiaters bestempeld als
    schizoïde als zij in behandeling komt bij Irvin Yalom. Die spreekt met
    haar af dat zij beiden, als onderdeel van de therapie, na elke sessie
    een verslag schrijven, met de bedoeling dat na verloop van een aantal
    maanden aan elkaar te laten lezen.

    In therapie is het resultaat van deze afspraak een fascinerend boek
    waarin patiënt en psychiater afwisselend hun ervaringen en gevoelens
    beschrijven over het verloop van de therapie en hun therapeutische
    verhouding. Op een unieke manier wordt de lezer deelgenoot van de
    beschouwingen van zowel psychiater als patiënt. De perspectieven van
    Yalom en Elkin vullen elkaar op intrigerende wijze aan al zijn psychiater
    en patiënt het af en toe nog zo hartgrondig met elkaar oneens.

empty